INTERNE AUDITING
HOOFDSTUK 1 DE AUDIT
Kwaliteitsmanagement is erop gericht om de kwaliteit van de onderneming te waarborgen. Dit kan onder
andere gebeuren bij processen; lopen de processen wel zoals gewend en volgt iedereen de processen zoals ze
beschreven staan. Bij het beoordelen van de kwaliteit van de onderneming kun je bijvoorbeeld de volgende
vragen stellen:
- Bereik ik mijn doel?
- Werken we nog volgens de juiste procesbeschrijvingen en procedures? Als dit antwoord nee blijkt te
zijn, hoever zijn we dan afgeweken van het de koers die was uitgestippeld en wat kunnen we doen – in
deze omstandigheden – om alsnog ons doel te kunnen bereiken.
Om iets te kunnen zeggen over het gewenste proces en het daadwerkelijke proces heb je informatie nodig,
hierbij moet de informatie ook betrouwbaar en relevant zijn.
Een manier om informatie te vergaren is een Audit. Een audit is onlosmakelijk verbonden met een
kwaliteitsmanagementsysteem. Het uitvoeren van een audit is een onderdeel van het verbeterproces.
Namelijk, wanneer je regelmatig een audit uitvoert, zorg je dat er druk op de ketel blijft en kun je bij
afwijkingen verbeteringen doorvoeren.
- Auditor: degene die de audit uitvoert, in het project zijn wij als studenten dat dus
- Auditee: Degene die de audit ondergaat, in het project is dat het gastbedrijf
De audit is een onderzoek, waarbij de onafhankelijke auditor de bedrijfsvoering toetst. Hij onderzoekt of de
werkelijke gang van zaken overeenkomt met de gewenste gang van zaken. Hij onderzoekt in hoeverre de
huidige manier van werken overeenkomt met de afgesproken en in het handboek vastgelegde manier van
werken. De auditor constateert eventuele structurele afwijkingen en bepaalt de ernst van de afwijking, om
vervolgens deze bevindingen aan de opdrachtgever te rapporteren. Deze opdrachtgever is doorgaans het
management. Op basis van de uitkomsten van een audit kun je verbeteringen doorvoeren.
Definitie uit het boek: Een systematisch, onafhankelijk en gedocumenteerd proces voor het verkrijgen van
auditbewijsmateriaal en het objectief beoordelen daarvan om vast te stellen in welke mate aan
overeengekomen auditcriteria is voldaan.
- Systematisch: van te voren plannen en volgens een vast stramien. De audit wordt periodiek en dus
niet incidenteel uitgevoerd. Door het periodiek te doen kun je gemakkelijker patronen herkennen en
effecten van verbeteringen meten.
- Onafhankelijk: De auditoren mogen niet direct betrokken zijn bij de werkzaamheden die onderdeel
zijn van hetgeen wat onderzocht wordt. Hij mag niet zijn eigen werk toetsen.
- Gedocumenteerd: Het auditproces is vastgelegd in een schriftelijke procedure wat ervoor zorgt dat het
een transparant en traceerbaar proces is.
- Auditmateriaal: Verzamelde informatie. Dit materiaal is gebaseerd op feiten die verifieerbaar zijn
(bewijslast kunnen aantonen).
- Auditcriteria: Het toetsingskader, hier komen we later nog op terug.
Het is belangrijk om te realiseren dat er geen sancties oid. aan interne audit vastzitten. Een auditor velt geen
oordeel, maar stelt enkel dingen vast/constateert dingen.