HR 3 maart 1905, W 1905, 8191 (Blaauboer/Berlips)*;
- De persoonlijke verplichtingen van een goed gaan niet over op degene die dat goed
onder bijzondere titel verkrijgt. Persoonlijke rechten ten aanzien van een goed (in
tegenstelling tot verplichtingen), gaan wel over op de verkrijger van dat goed onder
bijzondere titel. Dit wordt dan ook wel een kwalitatief recht genoemd (zie art. 6:251
BW).
HR 25 januari 1929, NJ 1929, 616 (Bierbrouwerij-arrest);
- os, eigenaar van een
koffiehuis in Sneek,
ontving op 8 augustus
1924 van Heineken
- Brouwerij Een lening van
6000 gulden. Als
onderpand diende de
inventaris van het
- koffiehuis en een vierde
hypotheek op het
gebouw. Daartoe was
eveneens op 8
- augustus de inventaris
voor 2000 gulden --met
, recht van terugkoop--
aan de brouwerij
- verkocht en in bruikleen
terugontvangen.
Kortom, een rechtsfiguur
die sinds dit arrest
- bekend is als
eigendomsoverdracht
tot zekerheid. Toen Bos
op 18 december 1924
- failliet ging werd de
bruikleen-overeenkomst
opgezegd. De curator
weigerde om de
- spullen af te geven,
waarop Heineken beslag
liet leggen op de
inventaris.