steekproef populatie
gemiddelde x μ
variantie s² ς²
standaarddeviatie s ς
proportie p π
PM-correlatiecoëfficiënt r ρ
Σ (hoofdletter sigma): ‘sommeren’: wat achter dit teken staat, moet
worden opgeteld. Bijvoorbeeld Σx betekent daarom: alle waarden van x bij elkaar opgeteld.
a • constante in de (lineaire) regressievergelijking
b • coëfficiënt in de (lineaire) regressievergelijking
f • frequentie
n • (soms N) steekproefgrootte, aantal waarnemingen
Pi • Het i-de percentiel, waarbij i een heel getal is tussen 0 en 100
x • algemene aanduiding van een variabele
x • steekproefgemiddelde
ŷ • schatting van de waarde van y (in lineaire
regressievergelijking)
z • standaardscore (of z-score)
R² • determinatiecoëfficiënt
Variantie en standaarddeviatie
x x
2
s 2
n 1
Het gemiddelde berekenen.
Van elke meetwaarde (x) het gemiddelde aftrekken.
Die verschillen kwadrateren.
Die kwadraten optellen.
Die som delen door n−1.
⑥ De vierkantswortel van s² is de standaarddeviatie
Correlatiecoëfficiënt
r
x x y y/n 1
sx sy
Eerst beide gemiddelden berekenen
Van elke x en y gemiddelde aftrekken ( afwijkingen)
Afwijkingen van x en y paarsgewijs vermenigvuldigen
Die producten optellen
Die som delen door n−1
Dat quotiënt delen door beide standaarddeviaties