Samenvatting
Basiskennis
Belangrijk voor de toets:
Melkveehouderij
- IgG enzovoort biest;
- Misopvattingen les 1 kennen (je krijgt er 1 in de
toets en dit moet je kunnen onderbouwen met 2 argumenten).
- Droogstand;
- Mastitis: koe-omgevingsgebonden bacteriën;
- Artikel mycoplasma;
- Immuniteit;
- Slokdarmsleufreflex;
- Onderdelen ontstekingsreacties (zijn er 5);
- Geslachtsapparaat in het Nederlands en het Latijns;
- Schema dracht;
- Baarmoederontstekingen (verschillen weten tussen de verschillende soorten);
- Basen DNA;
- Bovenbalkkenmerken;
- Liggingen kalf + naam;
- Levenstekenen kalf.
Les 1 Jongvee opfok ½
In de eerste maanden van een kalf zijn de risicomomenten
- Geboorte;
- Biest;
- Overgang biest melk;
- Spenen;
- Verplaatsen.
- Onhoornen
- stress
Zeven behoeften:
Licht – lucht – rust – ruimte – voer – water – gezondheid
Zeven perioden:
Afkalven 1e dagen melk drinken spenen (8-12 wkn) groeien insemineren (13-
18 mnd) afkalven (24 mnd)
Biest 4 V’s
- Vlug;
- Veel;
- Vaak;
- Vers;
1
, Vlug
Eerste biest direct na de geboorte. Minimaal 2-3
liter.
De darmen van een kalf zijn doorlaatbaar en nemen
antistoffen op.
- Binnen 4 uur is de opname het hoogst;
- Na 12 uur halveert de opname;
- Na 24 uur nemen de darmen geen antistoffen
meer op.
Biest is goed voor de lokale afweer in de darm
tegen diarree.
Veel
Vervolgens 3-4 liter binnen 6 uur na geboorte.
Wil een kalf niet drinken Sonde
- Minimaal 3, maximaal 4
- Kan alleen direct na de geboorte, dan zijn er nog geen bacteriën aanwezig.
Op de eerste dag is 5-6 liter biest genoeg.
Manier van toedienen kan een groot verschil maken
- Door een speen vind er meer speekselvorming plaats dan bij een sonde, door het zuigen
wordt het verteringssysteem geactiveerd en worden antistoffen beter opgenomen.
Belang van veel speeksel bij kalveren:
- Meer enzymen voor een betere vertering van de melk;
- Meer bicarbonaat, dus een betere pH;
- Door het aanmaken van speeksel:
o Meer dorst;
o Hogere opname vast voer;
o Betere doorstroming vast voer;
o Betere ontwikkeling van de pens;
Vaak en Vers
Deze 3-4 liter verdelen over meerdere voedingsbeurten.
Belangrijk is dat de biest van goede kwaliteit is, dit is .50 g/L IgG
Het liefst biest van de eigen moeder.
Koeien die veel melk geven hebben biest met een lagere concentratie afweerstoffen.
Antistoffen immunoglobulinen
IgG Monomer
80% in biest
Typische antistof in bloed
IgA dimer
20% in biest
Slijmvliezen neus/keel/darm
IgM Pentamer
2
Basiskennis
Belangrijk voor de toets:
Melkveehouderij
- IgG enzovoort biest;
- Misopvattingen les 1 kennen (je krijgt er 1 in de
toets en dit moet je kunnen onderbouwen met 2 argumenten).
- Droogstand;
- Mastitis: koe-omgevingsgebonden bacteriën;
- Artikel mycoplasma;
- Immuniteit;
- Slokdarmsleufreflex;
- Onderdelen ontstekingsreacties (zijn er 5);
- Geslachtsapparaat in het Nederlands en het Latijns;
- Schema dracht;
- Baarmoederontstekingen (verschillen weten tussen de verschillende soorten);
- Basen DNA;
- Bovenbalkkenmerken;
- Liggingen kalf + naam;
- Levenstekenen kalf.
Les 1 Jongvee opfok ½
In de eerste maanden van een kalf zijn de risicomomenten
- Geboorte;
- Biest;
- Overgang biest melk;
- Spenen;
- Verplaatsen.
- Onhoornen
- stress
Zeven behoeften:
Licht – lucht – rust – ruimte – voer – water – gezondheid
Zeven perioden:
Afkalven 1e dagen melk drinken spenen (8-12 wkn) groeien insemineren (13-
18 mnd) afkalven (24 mnd)
Biest 4 V’s
- Vlug;
- Veel;
- Vaak;
- Vers;
1
, Vlug
Eerste biest direct na de geboorte. Minimaal 2-3
liter.
De darmen van een kalf zijn doorlaatbaar en nemen
antistoffen op.
- Binnen 4 uur is de opname het hoogst;
- Na 12 uur halveert de opname;
- Na 24 uur nemen de darmen geen antistoffen
meer op.
Biest is goed voor de lokale afweer in de darm
tegen diarree.
Veel
Vervolgens 3-4 liter binnen 6 uur na geboorte.
Wil een kalf niet drinken Sonde
- Minimaal 3, maximaal 4
- Kan alleen direct na de geboorte, dan zijn er nog geen bacteriën aanwezig.
Op de eerste dag is 5-6 liter biest genoeg.
Manier van toedienen kan een groot verschil maken
- Door een speen vind er meer speekselvorming plaats dan bij een sonde, door het zuigen
wordt het verteringssysteem geactiveerd en worden antistoffen beter opgenomen.
Belang van veel speeksel bij kalveren:
- Meer enzymen voor een betere vertering van de melk;
- Meer bicarbonaat, dus een betere pH;
- Door het aanmaken van speeksel:
o Meer dorst;
o Hogere opname vast voer;
o Betere doorstroming vast voer;
o Betere ontwikkeling van de pens;
Vaak en Vers
Deze 3-4 liter verdelen over meerdere voedingsbeurten.
Belangrijk is dat de biest van goede kwaliteit is, dit is .50 g/L IgG
Het liefst biest van de eigen moeder.
Koeien die veel melk geven hebben biest met een lagere concentratie afweerstoffen.
Antistoffen immunoglobulinen
IgG Monomer
80% in biest
Typische antistof in bloed
IgA dimer
20% in biest
Slijmvliezen neus/keel/darm
IgM Pentamer
2