Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

MICRO-ECONOMIE - Samenvatting microeconomics and behaviour (door Robert Frank and Edward Cartwright)

Beoordeling
4,3
(14)
Verkocht
43
Pagina's
89
Geüpload op
18-12-2018
Geschreven in
2018/2019

Een uitgebreide samenvatting (inclusief belangrijke voorbeelden, berekeningen en grafieken) van de hoofdstukken 1-15 en 17-18 uit het boek 'Microeconomics and behaviour' van Robert Frank en Edward Cartwright.

Voorbeeld van de inhoud

MICRO-ECONOMIE
SAMENVATTING MICROECONOMICS AND BEHAVIOUR – ROBERT H. FRANK & EDWARD CARTWRIGHT




PART 1 – INTRODUCTION ........................................................................................................................ 2
CHAPTER 1 – THINKING LIKE AN ECONOMIST .................................................................................... 2
CHAPTER 2 – SUPPLY AND DEMAND .................................................................................................. 3
CHAPTER 3 – GAME THEORY ............................................................................................................... 6
PART 2 – THE THEORY OF CONSUMER BEHAVIOUR ............................................................................... 9
CHAPTER 4 – RATIONAL CONSUMER CHOICE ..................................................................................... 9
CHAPTER 4 – APPENDIX ................................................................................................................. 16
CHAPTER 5 – INDIVIDUAL AND MARKET DEMAND........................................................................... 20
CHAPTER 5 – appendix .................................................................................................................. 28
CHAPTER 6 – APPLICATIONS OF RATIONAL CHOICE AND DEMAND THEORIES ................................ 31
CHAPTER 7 – CHOICE UNDER UNCERTAINTY AND THE ECONOMICS OF INFORMATION ................. 36
CHAPTER 8 – EXPLANING TASTES: THE IMPORTATANCE OF ALTRUISM AND OTHER NON-EGOISTIC
BEHAVIOUR ....................................................................................................................................... 42
CHAPTER 9 – COGNITIVE LIMITATIONS AND CONSUMER BEHAVIOUR ............................................ 45
PART 3 – THE THEORY OF THE FIRM AND MARKET STRUCTURE .......................................................... 47
CHAPTER 10 – PRODUCTION ............................................................................................................. 47
CHAPTER 10 – APPENDIX ............................................................................................................... 51
CHAPTER 11 – COSTS ........................................................................................................................ 53
CHAPTER 11 – APPENDIX ............................................................................................................... 57
CHAPTER 12 – PERFECT COMPETITION............................................................................................. 60
CHAPTER 13 – MONOPOLY ............................................................................................................... 68
CHAPTER 14 – IMPERFECT COMPETITION ........................................................................................ 74
PART 4 – FACTOR MARKETS .................................................................................................................. 78
CHAPTER 15 – LABOUR (p. 476-481)................................................................................................. 78
PART 5 – EXTERNALITIES, PUBLIC GOODS AND WELFARE .................................................................... 79
CHAPTER 17 – GENERAL EQUILIBRIUM AND MARKET EFFICIENCY .................................................. 79
CHAPTER 18 – EXTERNALITIES, PROPERTY RIGHTS AND THE COASE THEOREM .............................. 86




1

,PART 1 – INTRODUCTION

CHAPTER 1 – THINKING LIKE AN ECONOMIST
Schaarste (bijv. tijd, geld) speelt een grote rol in micro-economie

Zou ik activiteit x moeten doen?
B(x) > C(x) ja B(x) = baten van activiteit x
B(x) < C(x) nee C(x) = kosten van activiteit x

Reserveringsprijs de prijs waarvoor een persoon indifferent is tussen het wel of niet doen van
activiteit x

Veelgemaakte fouten bij het bepalen van relevante kosten en baten:
Opportuniteitskosten de kosten
o Impliciete kosten over het hoofd zien
Opportuniteitskosten moeten meegerekend worden van een economische keuze
o Verzonken kosten meetellen uitgedrukt in termen van de beste
Verzonken kosten moeten genegeerd worden “gemiste kans”
o Kosten en baten meten als proporties
Kosten en baten moeten gemeten worden als absolute monetaire Verzonken kosten de kosten die
hoeveelheden en niet als proporties*
niet meer ongedaan te maken zijn
o Marginale kosten en baten niet goed begrijpen
Je moet onderscheid maken tussen marginale kosten/baten en gemiddelde na het maken van een beslissing
kosten/baten

Marginale kosten de toename van totale kosten als resultaat van het uitvoeren van een extra
eenheid van een activiteit
Marginale baten de toename van totale baten als resultaat van het uitvoeren van een extra eenheid
van een activiteit

Marginale baten > marginale kosten een extra eenheid van de activiteit uitvoeren
Marginale baten < marginale kosten geen extra eenheid van de activiteit uitvoeren

Gemiddelde kosten de gemiddelde kosten van het uitvoeren van n eenheden van een activiteit,
oftewel de totale kosten van de activiteit gedeeld door n
Gemiddelde baten de gemiddelde baten van het uitvoeren van n eenheden van een activiteit,
oftewel de totale baten van de activiteit gedeeld door n


We gaan ervan uit dat de personen die de keuzes maken dit rationeel doen. In de praktijk zal echter
blijken dat dit niet altijd het geval is
Voorbeeld: klanten van een all you can eat restaurant eten meer wanneer ze meer hebben betaald (terwijl je zou
verwachten dat ze even veel eten als bij een goedkoper all you can eat restaurant gezien het feit dat de kosten beschouwd
kunnen worden als verzonken kosten)


Positieve vraag een vraag over wat is (consequenties van keuzes). Er is geen discussie mogelijk
Normatieve vraag een vraag over wat zou moeten zijn (beste uitkomst). Er is wel discussie mogelijk




2

,CHAPTER 2 – SUPPLY AND DEMAND
Markt waar vragers en aanbieders van goederen of diensten samenkomen

Goederen en markten kunnen zeer specifiek worden gedefinieerd. Zo kunnen twee gelijke producten
als verschillend worden beschouwd wanneer ze verschillen in wanneer of waar ze beschikbaar zijn
Voorbeeld: een paraplu op een zonnige dag is een ander product dan een paraplu tijdens hevige regenval

Vraagcurve geeft het aantal vragers bij elke mogelijke prijs
Horizontale interpretatie de gevraagde hoeveelheid bij een bepaalde prijs

Inverse vraagcurve geeft de prijs waarvoor kopers bepaalde
hoeveelheden van het goed vragen
Verticale interpretatie de prijs bij een bepaalde gevraagde hoeveelheid

Wet van vraag bij lagere prijzen zal de vraag naar een product stijgen

Twee redenen voor afnemende vraag bij stijgende prijs:
o De consument stapt over op substituten
o De koopkracht van de consument is niet toereikend


Aanbodcurve geeft het aantal aanbieders bij elke mogelijke prijs
Horizontale interpretatie de aangeboden hoeveelheid bij een bepaalde prijs

Inverse aanbodcurve geeft de prijs waarvoor aanbieders bepaalde
hoeveelheden van het goed aanbieden
Verticale interpretatie de prijs bij een bepaalde aangeboden hoeveelheid

Wet van aanbod bij hogere prijzen zal het aanbod van een product stijgen


Evenwicht (equilibrium) de verhouding prijs-hoeveelheid waarbij de vraag- en aanbodcurve elkaar
snijden

Surplus, aanbodoverschot de hoeveelheid waarmee de
aangeboden kwantiteit de gevraagde kwantiteit overtreft.
Dit ontstaat bij een marktprijs hoger dan de prijs waarvoor
het evenwicht geldt

Tekort, vraagoverschot de hoeveelheid waarmee de
gevraagde kwantiteit de aangeboden kwantiteit overtreft.
Dit ontstaat bij een marktprijs lager dan de prijs waarvoor
het evenwicht geldt

Aanbodoverschot  de prijs wordt verlaagd tot de prijs waarvoor het evenwicht geldt wordt bereikt
Vraagoverschot  de prijs wordt verhoogd tot de prijs waarvoor het evenwicht geldt wordt bereikt


Pareto-efficiëntie een dusdanige allocatie (verdeling) van middelen dat niemand er op vooruit kan
gaan zonder dat iemand er op achteruit gaat. Dit wordt bereikt bij het evenwicht


3

,Pareto-efficiëntie is niet altijd de gewilde situatie. Dit heeft te maken met oneerlijkheid: bij de prijs
waarvoor het evenwicht geldt worden de armen benadeeld

Prijsplafond het prijsniveau waarboven de prijs van een goed volgens de wet niet mag stijgen
Een prijsplafond bij het huren van woningen zorgt voor problemen: verhuurders besteden minder moeite aan
onderhoud, op legale of illegale wijze zullen huurders toch de reserveringsprijs (moeten) betalen en huurders
stromen minder snel door naar nieuwe woningen

Bodemprijs een minimumprijs voor een goed, vastgelegd in de wet, en ondersteund door het aanbod
van de overheid om het goed voor die prijs te kopen




Het blijkt dat de armeren het meest efficiënt worden geholpen door het direct boosten van hun
inkomen (dit is efficiënter dan wetgevingen zoals een minimum- of maximumprijs)


Distributieve functie van prijs het proces waarbij de prijs de producten toedeelt aan de
consumenten die het meeste waarde hechten aan deze producten
Allocatieve functie van prijs het proces waarbij middelen weg worden geleid van productie van
goederen waarvan de prijzen onder de kosten liggen richting de productie van goederen waarvan de
prijzen de kosten overstijgen
Simpel gezegd: de middelen verschuiven zich naar de plek waar winst te behalen valt



Determinanten van vraag Normale goederen
o Inkomen Inkomen stijgt  vraag stijgt
o Voorkeuren
Inferieure goederen
o Prijzen van substituten en complementen
Inkomen stijgt  vraag daalt
o Verwachtingen
o Populatie
Substituten
Determinanten van aanbod Prijs product A stijgt  vraag product B stijgt
o Technologie Complementen
Productiekosten afhankelijk van technologie
o Prijs productiefactoren Prijs product A stijgt  vraag product B daalt
o Aantal aanbieders
Productiefactoren
o Verwachtingen
o Weer Natuur, arbeid, kapitaal, ondernemerschap

Factoren die de vraagcurve doen veranderen:

4

,Factoren die de aanbodcurve doen veranderen:




Verandering van vraag/aanbod de vraag- of aanbodcurve verschuift als geheel
Verandering van gevraagde/aangeboden hoeveelheid verandering langs de vraag- of aanbodcurve

Naast de gebruikelijke aanbodcurve-vorm kan een aanbodcurve ook verticaal of horizontaal zijn


Het evenwicht kan gevonden worden voor Qs = Qd Qs = quantity supply (aangeboden hoeveelheid)
Hierbij vind je eerst de evenwichtsprijs. Door deze prijs in te
vullen in Qs of Qd vind je de equibrilium hoeveelheid Qd = quantity demand (gevraagde hoeveelheid)



5

, CHAPTER 3 – GAME THEORY
Externe opbrengsten en kosten opbrengsten en kosten die niet voor de persoon zijn die een
handeling uitvoert
Voorbeeld: roken in een restaurant kan externe kosten veroorzaken voor degenen die aan de tafel ernaast zitten

De opbrengsten of kosten van twee handelingen A en B voor personen 1 en 2 zijn weer te geven in
een payoff-matrix
Persoon 2
Handeling A Handeling B
Persoon 1 Handeling A x2
x
Handeling B


Hierbij geeft het getal dat op plek x zou staan de opbrengst voor persoon 1 wanneer zowel persoon 1
als persoon 2 voor handeling A kiest (en het getal bij x2 voor persoon 2)

Dominante strategie de strategie die leidt tot de beste uitkomst, ongeacht wat de ander doet

Sociaal dilemma een spelsoort waarbij de individuele beste keuzes in conflict zijn met de pareto-
efficiëntie, oftewel: de dominante strategie leidt niet tot de beste uitkomst voor beiden

Het sociale dilemma wordt ook wel het gevangenendilemma genoemd (zie hieronder)

Gevangene 2
Bekennen Zwijgen
Gevangene 1 Bekennen 5 20
5 0
Zwijgen 0 1
20 1

In bovenstaande payoff-matrix is te zien dat de dominante strategie van zowel gevangene 1 als 2
“zwijgen” is, maar de uitkomst die hiermee wordt bereikt (rechtsonder) is niet pareto-efficiënt

Bovenstaand voorbeeld is een voorbeeld van een niet-coöperatief spel. Als het spel wél coöperatief
zou zijn, zouden beide partijen afspraken kunnen maken om toch tot de beste uitkomst te komen

Zelfbinding (commitment device) een manier om een persoon zich te laten houden aan een afspraak


De onzichtbare hand van Adam Smith Adam Smith ging ervan uit dat de beste uitkomst wordt
bereikt door de persoonlijke voorkeuren te volgen, alsof een ‘onzichtbare hand’ het sociaal grootste
goed bewerkstelligt. Maar uit het sociale dilemma blijkt dat dit niet altijd het geval is


Herhaaldelijke spel een spel waarbij dezelfde keuze meerdere keren gemaakt moet worden
Tit-for-tat strategie de eerste keer werk je mee, vervolgens doe je bij elke afzonderlijke keuze
hetgeen de andere speler bij de vorige keuze deed
Voorbeeld: ‘live-and-let-live’ systeem gedurende de Eerste Wereldoorlog




6

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H1, h2, h3, h4, h5, h6, h7, h8, h9, h10, h11, h12, h13, h14, h15, h17, h18
Geüpload op
18 december 2018
Aantal pagina's
89
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€5,49
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 43 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

7 van 14 beoordelingen worden weergegeven
2 jaar geleden

3 jaar geleden

3 jaar geleden

4 jaar geleden

4 jaar geleden

5 jaar geleden

5 jaar geleden

4,3

14 beoordelingen

5
7
4
5
3
1
2
1
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
LucasErkens Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
284
Lid sinds
8 jaar
Aantal volgers
239
Documenten
5
Laatst verkocht
2 maanden geleden

4,2

55 beoordelingen

5
23
4
23
3
7
2
1
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen