Overkoepelend - college I alle mensen zijn historici/denken historisch (transcendentaal argument)
Historiografie = geschiedenis v/d geschiedschrijving en –beoefening a) vorsing b) schrijving Nut: eigen vak kennen en begrijpen (intern)
Noodzaak: a) kenbaarheid v/h verleden middelijk: geschiedschrijving, onmiddellijk: bv. historische sensate
b) immanente-argument: historicus moet eigen plaats in geschiedenis kennen. Begrijp vragen van historici (ook je eigen) in hun eigen context
c) praktsch argument: geschiedbeoefening is zelf deel v/d geschiedenis: het is een actviteit met werkelijke efecten (vb. Spenger – Untergang)
In de praktjk: discussie zonder eind: debat stelling antwoord vraag Vb Pieter Geyl: ‘was Napoleon een dictator?’
veronderstelling Nu (jijzelf): ‘was Napoleon – net als Trump – een manipulator?’
Verdieping: Medicijn tegen diepigheid:
- Daniel Dennet: geen deepity/diepigheid
waar maar triviaal Feynmann-techniek: leg uit wat je bedoelt, tot je de kortste vorm hebt bereikt
onwaar maar wereldveranderend (vb. ‘love is just a word’) (zie link ppp college)
- Harry frankfurt: geen bullshit
geen belang hechten aan verschil tussen waarheid en leugen/onwaarheid
Grieken – college 2
reverse engineering
Context: complexe wereld (Perzische/Peloponessische oorlogen), contact met ‘anderen’
Vraag: wat is de rol van de Griek/Athener in dit grotere geheel? Waarom gebeurt dit allemaal?
Vertaalslag: onderzoek a.d.h.v. ooggetuigenverslagen consequente: beperkt in tjd en ruimte!
veronderstelling: menselijk handelen centraal
Filosofische grondslag: substante-metafysica: epistème1 (kennis) substante (o.a. wiskunde) / absolute presupposites
doxa (mening) geschiedenis = veranderlijk, dus niet kenbaar!
probleem Herodotus: kentheorie nog niet voorhanden
Hamarta: blindheid om te leren van fouten/het onvermijdelijke te zien Kairos: het moment v/d waarheid (ik/hier/nu/lot)
peripeteia (veranderlijke rampen/chaos) pendelbeweging van ene in andere uiterste niet te begrijpen waarom
2 3
Herodotus: ‘wel te begrijpen!’
Wereldbeeld Grieken: Polis!
Griekenland, Klein-Azië, Indië, Kaukasus,
Egypte, Iberië, Italië, Midden-Azië
Herodotus – 485-420 BC Halicarnassus4 1ste grote proza (vgl. Homerus) (vierslagmodel RP) Colinwood 1948 ‘creator of history’
Cicero: ‘vader v/d geschiedenis’ argument:
1
epistomologie
2
Dit denken bestaat nog steeds: ‘plotselinge global warming/crisis/Brexit,’ & substanteel mensbeeld: hokjesdenken
3
O.i.v. tychè
4
Reist veel, naar o.a. Egypte, Perzië
, 9 boeken met o.a. pro contra a theocrate: god(en) centraal, mens is lijdend vwp.
Wij (Grieken) v.s. Anderen (Barbaren) geschiedenis/mythe/ 1 zelfstandig onderzoek 1 restanten mythes b mythe: geen duidelijk begin, goden en mensen
etnografie/ geografie 2 complex geheel en 2 tyche blijf belangrijk c theogony: Herodotus (ontstaan v. wereld v. God en
vergelijking zienswijzen Gr./Perzen/Fenic. onbedoelde gevolgen mensen)
inhoud: voorgeschiedenis 3 combinate methodes 3 onkritsch overnemen
polis staat centraal Ionische opstand 499-493 veel soorten bewijs bronnen Popkin 2016 iets nieuws: waarheid v. mensen
vooronderstellingen: Perzische oorlogen 4 doel: complexe geb. 4- achterhalen.
Marathon 490 menselijk handelen
-zoeken naar oorzaak confict: schuldvraag Salamis 480 1 wat: onderzoek
mens handelt! procesmetafysica contemporain! 2 wie: daden (+gedachten) mensen in verleden
-Eigen kennis aan basis, velt geen oordeel. 3 hoe: bewijs, ooggetuigen
-Geschiedenis moet een begin hebben 4 waarom: (C) zelfennis, (P) waarheid achter
gebeurtenissen
(verhaal Gyges/Kandaules)
Thucydides – 460-400 BC Athene 8 boeken met o.a.: (vierslagmodel RP) Colinwood 1948 reacte RP
kende Herodotus persoonlijk geschiedenis/archeologie pro contra - monotome stjl nee: vele stjlen/
(voorgesch. Athene)/ methodische 1 zelfstandig onderzoek x verwijt (C) van retorisch goed
verantwoording/141 redevoeringen 2 complex geheel en substantalisme is - anachronistsch kairos = goede
geschreven tjdens oorlog (?) onbedoelde gevolgen terecht (redes) hypothese
Niet afgekregen (t/m 411) 3 kritsche bronvergelijk. - doel: levenslessen niets mis mee…
dichter bij bron
vooronderstellingen: 4 doel: onbedoelde
Motef = substantalisme: gebeurtenissen
- zo ver mogelijk terug naar begin ‘menselijke natuur’ verklaren Noot: Thucydides blijf van belang (t/m Irakoorlog)
- onderscheid belangrijke/onbelangrijke Kairos-gedachte: redevoeringen
- waarheid voor altjd Tijd heef een verloop: dus ken je deels contemporain!
substantële metafysica (toch weer…) het verloop (uitkomst) dan ken je
het moment (acte)
- moteven en verschillen zoeken
- maakt onderscheid in bronnen
- Kairos5: redevoeringen: ‘wat de persoon
had moeten zeggen’
Romeinen en Vroege Christenen – college 3
5
Kairos: medische term voor het juiste moment. Komt ook voor in Christendom (vb. bekering Paulus) en Macchiavelli (oproep aan vorsten Italië)