H6: De arbeidsmarkt
1. De hoogte van het nationaal inkomen
2.De arbeidsmarkt
2.1 Aanbod arbeidskrachten
Beroepsbevolking:
= (totale arbeidsaanbod) alle personen van 15 of ouder die in België wonen die zich op 30
juni van een bepaald referentiejaar op arbeidsmarkt aanbieden (=werkenden) of willen
aanbieden (=werklozen)
Enkel de in België gevestigde bevolking, ongeacht of zij tewerkgesteld is of werkloos
Binnenlandse werkgelegenheid
+ grensarbeiders uit België werkzaam in buitenland
-grensarbeiders uit buitenland werkzaam in Belgische productie-eenheden
= werkende beroepsbevolking
+ werklozen
= beroepsbevolking
Beïnvloed door:
- Grootte totale bevolking
o Natuurlijke groei (= verschil tussen geboorten en sterfgevallen)
o Migratiesaldo (= verschil in- en uitwijkingen)
- Bevolking op arbeidsleeftijd (= mannen en vrouwen van 15 – 65 jaar)
- Activiteitsgraad
beroepsbevolking
activiteitsgraad = x 100
bevolking op arbeidsleeftijd
Uitdagingen
- Grijze exit
o Groep van babyboomers die nu en de komende jaren met pensioen gaan
- Aantal inactieven
o Personen die niet aan de arbeidsmarkt kunnen of willen deelnemen
o Laaggeschoolden (hoogstens diploma lager secundair onderwijs), niet-
Europese staatsburgers, 55-plussers, vrouwen
- Digitale technologie
o Opleidingen
o Reallocatie van middelen
Europese vacaturegraad: geeft de verhouding weer tussen het aantal openstaande vacatures
en het aantal arbeidsplaatsen
, 2.2 Vraag arbeidskrachten
Afhankelijk van
- Vraag naar goederen
o Als vraag daalt minder productie geringe tewerkstelling
- Arbeidsproductiviteit
- Relatieve prijzen van de productiefactoren arbeid & kapitaal
o Prijs arbeid stijgt (tov kosten) vervanging arbeid door machines
Substitutie van arbeid door kapitaalgoederen
Arbeidsintensiteit (van de groei)
= verhouding tussen de werkgelegenheidstoename en de groei van de activiteit
Kostprijs vs andere productiefactoren
(Zie situatie Europa 2020 dia 10)
Nieuw werkende
= iemand die sinds minder dan 12maanden een bepaalde baan heeft.
SURE-programma (Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency)
= obligatiereeksen om met de opbrengst een programma te financieren om mensen tijdens
de coronacrisis aan het werk te houden (door Europa)
Werkgelegenheidsgraad
effectief werkenden
werkgelegenheidsgraad =
bevolking op arbeidsleeftijd
NEET-jongeren
2.3 Evolutie werkloosheid 2014 – 2020
Werkloosheidsgraad
¿ niet werkende werkzoekenden
werkloosheidsgraad =
beroeps bevolking
Sommige categorieën kunnen moeilijker op de arbeidsmarkt bv.
A. Jongeren
- Geharmoniseerde werkloosheidsgraad 15,3% in 2020 (2,9 keer hoger dan
voor totale beroepsbevolking)
- Reden: ontoereikendheid scholingsniveau, gebrekkige overeenstemming
tussen opleiding vs behoefte onderneming, gebrek beroepservaring
- Pan-Europees plan – Youth Guarantee succesvol!
- NEET-jongeren (Not in Employment, Education or Training): 1 op 10
Jongeren die niet meer naar school gaan, zonder werk zitten en ook
geen pogingen meer doen om bij te scholen of te herscholen
1. De hoogte van het nationaal inkomen
2.De arbeidsmarkt
2.1 Aanbod arbeidskrachten
Beroepsbevolking:
= (totale arbeidsaanbod) alle personen van 15 of ouder die in België wonen die zich op 30
juni van een bepaald referentiejaar op arbeidsmarkt aanbieden (=werkenden) of willen
aanbieden (=werklozen)
Enkel de in België gevestigde bevolking, ongeacht of zij tewerkgesteld is of werkloos
Binnenlandse werkgelegenheid
+ grensarbeiders uit België werkzaam in buitenland
-grensarbeiders uit buitenland werkzaam in Belgische productie-eenheden
= werkende beroepsbevolking
+ werklozen
= beroepsbevolking
Beïnvloed door:
- Grootte totale bevolking
o Natuurlijke groei (= verschil tussen geboorten en sterfgevallen)
o Migratiesaldo (= verschil in- en uitwijkingen)
- Bevolking op arbeidsleeftijd (= mannen en vrouwen van 15 – 65 jaar)
- Activiteitsgraad
beroepsbevolking
activiteitsgraad = x 100
bevolking op arbeidsleeftijd
Uitdagingen
- Grijze exit
o Groep van babyboomers die nu en de komende jaren met pensioen gaan
- Aantal inactieven
o Personen die niet aan de arbeidsmarkt kunnen of willen deelnemen
o Laaggeschoolden (hoogstens diploma lager secundair onderwijs), niet-
Europese staatsburgers, 55-plussers, vrouwen
- Digitale technologie
o Opleidingen
o Reallocatie van middelen
Europese vacaturegraad: geeft de verhouding weer tussen het aantal openstaande vacatures
en het aantal arbeidsplaatsen
, 2.2 Vraag arbeidskrachten
Afhankelijk van
- Vraag naar goederen
o Als vraag daalt minder productie geringe tewerkstelling
- Arbeidsproductiviteit
- Relatieve prijzen van de productiefactoren arbeid & kapitaal
o Prijs arbeid stijgt (tov kosten) vervanging arbeid door machines
Substitutie van arbeid door kapitaalgoederen
Arbeidsintensiteit (van de groei)
= verhouding tussen de werkgelegenheidstoename en de groei van de activiteit
Kostprijs vs andere productiefactoren
(Zie situatie Europa 2020 dia 10)
Nieuw werkende
= iemand die sinds minder dan 12maanden een bepaalde baan heeft.
SURE-programma (Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency)
= obligatiereeksen om met de opbrengst een programma te financieren om mensen tijdens
de coronacrisis aan het werk te houden (door Europa)
Werkgelegenheidsgraad
effectief werkenden
werkgelegenheidsgraad =
bevolking op arbeidsleeftijd
NEET-jongeren
2.3 Evolutie werkloosheid 2014 – 2020
Werkloosheidsgraad
¿ niet werkende werkzoekenden
werkloosheidsgraad =
beroeps bevolking
Sommige categorieën kunnen moeilijker op de arbeidsmarkt bv.
A. Jongeren
- Geharmoniseerde werkloosheidsgraad 15,3% in 2020 (2,9 keer hoger dan
voor totale beroepsbevolking)
- Reden: ontoereikendheid scholingsniveau, gebrekkige overeenstemming
tussen opleiding vs behoefte onderneming, gebrek beroepservaring
- Pan-Europees plan – Youth Guarantee succesvol!
- NEET-jongeren (Not in Employment, Education or Training): 1 op 10
Jongeren die niet meer naar school gaan, zonder werk zitten en ook
geen pogingen meer doen om bij te scholen of te herscholen