Begrippen
Gevolg
Uitleg/oorzaak
Voorbeeld
§4.1 - Van handwerk naar machine
● Je kunt uitleggen wat industrialisatie inhoudt
○ Rond 1700 maakte ondernemers veel gebruik van huisnijverheid
■ Mensen op het platteland produceerden thuis wollen stoffen
■ Boeren waren goedkoper dan gildeleden
● Gilden hadden strenge regels om de producten goede
kwaliteit te laten zijn
○ De producten van gilden waren erg duur
○ Rond 1700 kwam er meer vraag naar katoen
■ Deze stof was goedkoper en zat prettiger
■ De huisnijverheid begon langzaam te verdwijnen
● De mensen op het platteland konden de grote vraag naar
katoen niet aan
○ Uitvinders zochten naar manieren om sneller en
meer katoen te kunnen produceren
■ Er kwamen machines die meerdere draden
tegelijk konden spinnen
○ In de tweede helft van de 18e eeuw ontstonden fabrieken
■ De nieuwe watermolens die de machines aandreven pasten niet
meer in huizen
■ Dit waren grote gebouwen waar veel arbeiders moesten werken
■ De opkomst van fabrieken heet industrialisatie
● De industrialisatie begon in Groot-Brittannië
■ De komst van fabrieken, machines en stoomvoertuigen vanaf 1750
noemen we de industriële revolutie
○ Dankzij de verbeteringen van James Watt konden stoommachines rond
1790 in fabrieken gebruikt worden
■ De stoommachine was al rond 1700 uitgevonden om water uit
steenkoolmijnen te pompen
● Je kunt de belangrijkste oorzaken noemen van de industriële revolutie
○ De landbouw verbeterde in de 18e eeuw
■ Grootgrondbezitters begonnen land op te kopen wat voorheen van
boeren was geweest, zij gebruikten dit land veel efficiënter