Spanjaard
Hoofdstuk 1
Residentiële jeugdhulp jeugdhulp in tehuizen en dagcentra.
Opvoeding gaat over in behandeling wanneer de groepsleider systematisch te werk gaat aan bepaalde
veranderingen in cognities, emoties en gedragingen. doel: verminderen probleemgedrag.
Wat betreft IQ zijn er leefgroepen voor:
- Normaal begaafde jeugd.
- Jeugd met een lichte verstandelijke beperking (IQ 50-85)
- Jeugd met een ernstige of verstandelijke beperking (IQ -50)
Residentiële hulp gericht op competentievergroting wordt vormgegeven door een aantal nauw
samenhangende elementen.
- De fysieke omgeving, het dagritme, de fasering en regels.
- De weging van informatie en het opstellen van doelen en werkpunten.
- Het methodisch handelen van groepsleiders in et leven van alledag.
- De technieken op reflectie en zelfsturing.
- Feedbacksystemen.
- Aanvullende (gezins- en netwerk) interventies.
Hoofdstuk 2
Het competentiemodel ontstond rond 1980. Het competentiemodel plaatst problemen en stoornissen
van kinderen en jongeren in een ontwikkelingsperspectief. Dat betekent dat we niet alleen naar
problemen kijken, maar ook naar de mate waarin de jeugdige in diverse ontwikkelingsdomeinen wel of
niet goed en wel of niet leeftijdsconform functioneert. In plaats van ontwikkelingsdomeinen spreken we
ook wel van ‘ontwikkelingstaken’. Het competentiemodel is zowel van belang voor de analyse (wat is er
aan de hand en wat moet er gebeuren?) als voor het handelen (hoe bereiken we de
gewenste/benodigde veranderingen?). Competentievergroting is een motiverende benadering. Het gaat
over het versterken van (potentiële) krachten. Het is prettiger op mogelijkheden aangesproken te
worden dan op problemen.
We noemen een persoon competent als hij of zij laat zien over voldoende vaardigheden te beschikken
om de ontwikkelingstaken die aan de orde zijn, op een adequate manier uit te voeren. Competentie kan
worden voorgesteld als een balans (ontwikkelingstaken tegenover vaardigheden).
,Ontwikkelingstaken per leeftijd
,