Les 1:
Het menselijk lichaam heeft 3 soorten spierweefsel:
1. Hartspierweefsel -> enige orgaan dat niet glad van structuur is.
Kenmerken:
- Dwarsgestreept
- Onvermoeibaar
- Onwillekeurig -> gebeurd niet onder invloed van jouw wil
2. Gladspierweefsel (organen)
Kenmerken:
- Glad
- Onvermoeibaar
- Onwillekeurig
3. Dwarsgestreept spierweefsel (skeletspieren) -> alle dwarsgestreepte
spieren bevinden zich aan de buitenkant van het skelet.
Kenmerken:
- Dwarsgestreept
- Vermoeibaar
- Willekeurig
Bouw van de Spier:
Spier van groot naar klein:
- Pezen
- Spierbuik
,- Spierbundel
- Spiervezel of myofibril
- Actine of myosine
Je spiervezel is verdeeld in sarcomeren en daaruit is het verdeelt in actine en
myosine
2 soorten spiervezels:
Type 1: Slow Twitch (langzaam)
Kenmerken:
- Rood van kleur
- Hoge aerobe capaciteit
- Langzamere en lange samentrekking
- Bevatten veel mitochondriën -> kunnen veel zuurstof opnemen
Type 2: Fast Twitch (snelle)
Kenmerken:
- Wit van kleur (weinig zuurstof)
- Hoge anaerobe capaciteit
- Snelle en korte samentrekking
-Bevatten meer glycogeen -> kunnen meer suikers opnemen
Les 2:
Statisch -> Zonder beweging
Dynamisch -> Met beweging
Statische contractie: Aanspannen van een spier zonder beweging
Concentrische contractie: Een spier spant zich aan en verkort. ->
Tegen de zwaartekracht in, overwinnende kracht.
Excentrische contractie: Aanspannen van een spier als hij langer
wordt.
-> Met de zwaartekracht mee, meewerkende kracht.
Statisch Concentrisch Excentrisch
Sport situatie Handstand Omhoog gaan Terug gaan naar
naar de de staande
handstand toe positie
Dagelijkse Staan in de bus Trap op Trap af
handeling
, Les 3:
Bewegingsmogelijkheden en plaatsaanduidingen worden beschreven
vanuit de anatomische houding