Stappenplan vrij verkeer van goederen
Stap 1: Welke vrijheid is in het geding?
a. Noem artikel 26 lid 2 VWEU: doel EU vrij verkeer van goederen
I. Je mag het vrij verkeer van goederen niet belemmeren
b. Noem HVJ Commissie tegen Italie: Goederen zijn alle zaken die op geld
waardeerbaar zijn en voorwerp van een handelstransactie kan vormen
I. Leg uit waarom dit een goed is
II. Op geld waardeerbaar iets dat voorwerp kan zijn van een
handelstransactie
Stap 2: Is er sprake van een zuiver interne situatie of een interstatelijk element?
- Er is sprake van een interstatelijk element want bv: Franse kaas die in Nederland
wordt verkocht
Stap 3: Is er sprake van harmonisatie?
a. Alleen het geval wanneer dit expliciet in de casus staat
b. Verordering, beschikking, richtlijn
c. Harmonisatie gaat boven het verdrag
d. Zo ja, dan stop je hier!
Stap 4: Is er sprake van een belemmering?
Welke belemmering? Tarifair of non-tarifair?
Bij Tarifaire belemmering: art. 30 of art 110?
Het wordt duurder om iets te verkopen
Bij Art. 30 VWEU
1. In en uitvoerrechten
OF
2. Haahr Petrolum (Commissie tegen Duitsland): heffingen
van gelijke werking zijn iedere, eenzijdig opgelegde
geldelijke last, ongeacht de benaming of de structuur
ervan, die wegens grensoverschrijding over goederen
wordt geheven en geen douanerecht in de strikte zin van
het woord is
Nooit rechtvaardiging maar uitzondering?
1. Commissie tegen Luxemburg: Verlening van 1)
vrijwillige diensten voor een 2) reële prijs
2. Bauhaus: Kosten zijn 1) uitvloeisel van EU recht en 2)
reëel.
Stap 1: Welke vrijheid is in het geding?
a. Noem artikel 26 lid 2 VWEU: doel EU vrij verkeer van goederen
I. Je mag het vrij verkeer van goederen niet belemmeren
b. Noem HVJ Commissie tegen Italie: Goederen zijn alle zaken die op geld
waardeerbaar zijn en voorwerp van een handelstransactie kan vormen
I. Leg uit waarom dit een goed is
II. Op geld waardeerbaar iets dat voorwerp kan zijn van een
handelstransactie
Stap 2: Is er sprake van een zuiver interne situatie of een interstatelijk element?
- Er is sprake van een interstatelijk element want bv: Franse kaas die in Nederland
wordt verkocht
Stap 3: Is er sprake van harmonisatie?
a. Alleen het geval wanneer dit expliciet in de casus staat
b. Verordering, beschikking, richtlijn
c. Harmonisatie gaat boven het verdrag
d. Zo ja, dan stop je hier!
Stap 4: Is er sprake van een belemmering?
Welke belemmering? Tarifair of non-tarifair?
Bij Tarifaire belemmering: art. 30 of art 110?
Het wordt duurder om iets te verkopen
Bij Art. 30 VWEU
1. In en uitvoerrechten
OF
2. Haahr Petrolum (Commissie tegen Duitsland): heffingen
van gelijke werking zijn iedere, eenzijdig opgelegde
geldelijke last, ongeacht de benaming of de structuur
ervan, die wegens grensoverschrijding over goederen
wordt geheven en geen douanerecht in de strikte zin van
het woord is
Nooit rechtvaardiging maar uitzondering?
1. Commissie tegen Luxemburg: Verlening van 1)
vrijwillige diensten voor een 2) reële prijs
2. Bauhaus: Kosten zijn 1) uitvloeisel van EU recht en 2)
reëel.