VRAGEN:
VRAAG 1
De morele ontwikkeling is:
A. het ontwikkelen van normen en waarden
B. het verinnerlijken van normen en waarden
C. het handelen naar normen en waarden
D. alle antwoorden zijn juist
VRAAG 2
Wanneer iemand iets doet voor een beloning, zit hij in het …
A. conventionele stadium
B. pre-conventionele stadium
C. post-conventionele stadium
D. geen van de bovenstaande antwoorden.
VRAAG 3
1. Het geweten is de innerlijke stem die zegt wat goed of fout is.
2. Het geweten wordt opgebouwd door een kind te straffen en belonen.
A. Alleen 1 is juist
B. 1 en 2 zijn beide juist
C. 1 en 2 zijn beide fout
D. Alleen 2 is fout
VRAAG 4
In welk stadium van de morele ontwikkeling toetst de persoon zijn gedrag aan de vriendengroep en/of idool?
A. conventionele stadium
B. pre-conventionele stadium
C. post-conventionele stadium
D. geen van de bovenstaande antwoorden
VRAAG 5
Jan en piet krijgen de volgende casus voorgelegd:
Maya zit in de woonkamer te spelen. Moeder roept naar Maya dat ze zo snel mogelijk naar de keuken moet komen om
nog even te helpen voor de gasten er zijn . In haar haast stoot Maya een tray met 10 kopjes om. Alle kopjes zijn kapot.
Moeder ziet dat het een ongelukje was en is niet boos.
Lieve heeft zin in een koekje. Lieve klimt op het aanrecht en pakt stiekem een koekje uit de koektrommel die boven op
de kast staat. Als Lieve weer naar beneden klimt, stoot ze een kopje om. Het kopje is kapot.
Aan Jan en Piet wordt gevraagd wie de meeste straf verdiend.
Jan antwoord dat Maya de meeste straf moet krijgen omdat ze de meeste kopjes kapot heeft gemaakt.
In welk stadium van de morele ontwikkeling bevindt Jan zich?
A. conventionele stadium
B. pre-conventionele stadium
C. post-conventionele stadium
D. geen van de bovenstaande antwoorden
Pagina 1 van 3