Leerdoelen
College week 1
De begrippen transcriptie, translatie, sense, nonsense, template, non-template toelichten.
- Transcriptie: van DNA wordt een kopie gemaakt bestaande uit enkelstrengs
messenger-RNA de synthese van RNA
- Translatie: het vertalen van messenger-RNA in een eiwit. Het proces vindt plaats aan
de ribosomen. In de translatie wordt de nucleotidenvolgorde van het mRNA herkend,
en worden de bijbehorende aminozuren aan elkaar gekoppeld tot een eiwit.
Een ribosoom vouwt zich om het mRNA heen. Een tRNA-molecuul met aminozuur
beweegt, via basenparing gebonden aan een mRNA-codon, door het ribosoom heen,
en laat uiteindelijk het aminozuur achter aan het groeiende eiwit.
- Sense: geeft de richting van het enkelstrengs virale genoom tot de leesrichting van
het latere mRNA aan. Sense heeft een positieve polariteit en lees van de 5’ 3’
- Nonsense: het genoom heeft een negatieve polariteit waardoor het niet afgelezen
kan worden.
- Non-template: de non-template strand (= sense strand) is de coding strand en de
informatie wordt van de 5’ 3’ kant afgelezen.
- Template: de template strand (=non sense strand) is de noncoding strand en de
infomratie wordt van de 3’ 5’ kant afgelezen. De template streng wordt gebruikt
voor transcriptie.
De verschillende stadia van transcriptie beschrijven
Transcriptie is een proces waarin de informatie in DNA-nucleotiden wordt omgeschreven
naar RNA. Let op dat de T in het DNA een U is in het RNA.
Het holo-enzym RNA-polymerase (DNA afhankelijk RNA polymerase)koppelt op een
specifieke plaats aan een DNA keten en vouwt zich eromheen. Vervolgens ontwindt het het
DNA, dat daardoor nu in enkelstrengs-vorm tijdelijk toegankelijk is voor andere actieve
componenten van het enzym. Vervolgens worden steeds nieuwe nucleotiden (basen) aan de
te vormen RNA streng gekoppeld. Welke nucleotide dit zal zijn, wordt steeds bepaald door
de tegenoverliggende DNA-nucleotide. Het DNA fungeert dus als een 'mal' (men spreekt van
template). Het RNA-polymerase beweegt zich in de zogenaamde 3' → 5'-richting over het
DNA. Tegelijkertijd wordt het RNA aan de achterkant weer gescheiden van het DNA.
1