Veiligheid voor ons allemaal
Doel
Voorkomen van prikaccidenten bij jezelf, de cliënt en je collega's.
Werkwijze
Plaats van de naaldencontainer
Tijdens de handeling op één armlengte afstand
Loop niet met een gebruikte naald naar een andere ruimte
Plaats na gebruik de naaldencontainer op een veilige plaats.
Gebruik van de naaldencontainer
Gebruik de inkepingen of de naaldverwijderaar voor het verwijderen van de naald
Verwijder naalden nooit handmatig van de spuiten
Controleer welke materialen in de container gedeponeerd mogen worden (zie tabel)
Vul de container niet verder dan de maximale vulstreep
Schud de volle container niet om ruimte te creëren
Steek nooit een naald terug in de naaldhoes
Houd de container rechtop gedurende het gebruik
Gebruik de voorlopige sluiting na het gebruik van de container
Gebruik de definitieve sluiting wanneer de naaldencontainer vol is
Wat hoort WEL in de Wat hoort NIET in de
naaldencontainer naaldencontainer
Lancetten (naaldje voor bloedsuikerapparaat) Doekjes
Veilige naalden (injectienaalden die direct na
Watten
gebruik word beschermd door een afdekkapje)
Spuiten met niet verwijderbare naalden (zoals
Verpakkingen van naalden
Fraxiparine of griepspuiten)
Hechtnaalden Spuiten zonder naald
Hechtdraad met naald Papier
Mesjes voor verwijderen van hechtingen Teststrips (bloedsuiker apparaat)
Hechtingen of agrafen (metalen hechtingen) Transdermale pleisters *
Naaldvoerder Losse restmedicijnen *
Scheermesjes zonder beschermkapje Aangebroken/lege ampullen **
Spikes (uiteinden van een infuussysteem om een
infuuszak mee aan te prikken)
* Retour naar de apotheek
** Afvoeren als glas (glasbak)