Hoofdstuk 1
Publiekrecht: Gaat over verhoudingen tussen personen en de overheid.
Rechterlijke uitspraken wordt jurisprudentie genoemd.
De meeste regels in Nederland zijn van geschreven recht.
Dwingen recht is het recht waar niet vanaf kan worden geweken.
Hoofdstuk 3
Het algemene bestuursrecht is vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht (AwB).
Gelaagde structuur: De wetten gaan van algemeen naar bijzonder.
Bijzonder bestuursrecht:
3 belangrijke begrippen in bestuursrecht:
- Bestuursorgaan
- Belanghebbende
- Besluit
1:1 AwB Bestuursorgaan:
- A-orgaan: College van B&W en UWV
- B-orgaan: Garagehouder bij APK
1:2 AwB Belanghebbende:
- Degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit betrokken is.
OPERA-criteria: Er moet sprake zijn van een belang dat
- Objectief,
- Persoonlijk,
- Eigen,
- Rechtstreeks en
- Actueel is
1:3 AwB Besluit:
3 voorwaarden van een besluit uit de AwB:
- Schriftelijke beslissing
- Van een bestuursorgaan
- Inhoudelijke en publiekrechtelijke rechtshandeling
, Soorten besluiten:
Beschikking: Besluit voor een concreet geval.
Besluit van algemene strekking:
- Algemeen verbindende voorschriften: Voorschrift met een algemeen karakten en
van toepassing op een open groep personen.
- Plannen: Gericht om een bepaald doel te bereiken. Het moet dus een rechtsgevolg
hebben.
- Beleidsregels: Richtlijnen die aangeven hoe bestuursorganen met een bepaalde
bevoegdheid moet omgaan.
Besluiten die eigenlijk geen besluiten zijn in de zin van de Awb, maar toch vallen onder het
besluitbegrip:
- De afwijzing van een aanvraag tot een beschikking.
- Indien niet tijdig op de aanvraag tot het geven van een beschikking is beslist, is de
gevraagde beschikking geven. 4:20b Awb.
Wordt gegeven omdat er behoefte is aan rechtsbescherming.
De begrippen Bestuursorgaan, Besluit en Belanghebbende zijn belangrijk omdat er als er van
één van deze begrippen niet is voldaan in de zin van de Awb, dan is de Awb niet van
toepassing. Je kan dan bijvoorbeeld niet in bezwaar.
Legaliteitsbeginsel: Voor overheidsoptreden is een wettelijke grondslag nodig.
Een bevoegdheid ontstaat door:
- Attributie: Het creëren en toekennen van een nieuwe bevoegdheid.
- Delegatie: Een bestuursorgaan heeft de bevoegdheid tot het nemen van een besluit
over te dragen aan een ander die deze verantwoordelijkheid uitoefent.
- 10:1 Awb Mandaat: Een bestuursorgaan machtigt een ander om een bevoegdheid uit
te oefenen onder de verantwoordelijkheid van de mandaatgever.
Voor een mandaat is geen wettelijke grondslag vereist omdat de
verantwoordelijkheid nog ligt de mandaatgever.
Doorzendplicht 2:3 Awb: Als een bestuursorgaan een aanvraag krijgt die eigenlijk bedoeld is
voor een ander bestuursorgaan, dan hoort die het door te sturen naar het juiste orgaan.
(Gelijktijdig laat het orgaan dit weten aan de afzender).
Dit geldt alleen tussen bestuursorganen.
Reguliere voorbereidingsprocedure:
- Deze procedure is alleen van toepassing op beschikkingen.
- Beslistermijn van 8 weken. 4:13 Awb.
- Kan verlengd worden met een redelijk termijn. 4:14 Awb.
Publiekrecht: Gaat over verhoudingen tussen personen en de overheid.
Rechterlijke uitspraken wordt jurisprudentie genoemd.
De meeste regels in Nederland zijn van geschreven recht.
Dwingen recht is het recht waar niet vanaf kan worden geweken.
Hoofdstuk 3
Het algemene bestuursrecht is vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht (AwB).
Gelaagde structuur: De wetten gaan van algemeen naar bijzonder.
Bijzonder bestuursrecht:
3 belangrijke begrippen in bestuursrecht:
- Bestuursorgaan
- Belanghebbende
- Besluit
1:1 AwB Bestuursorgaan:
- A-orgaan: College van B&W en UWV
- B-orgaan: Garagehouder bij APK
1:2 AwB Belanghebbende:
- Degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit betrokken is.
OPERA-criteria: Er moet sprake zijn van een belang dat
- Objectief,
- Persoonlijk,
- Eigen,
- Rechtstreeks en
- Actueel is
1:3 AwB Besluit:
3 voorwaarden van een besluit uit de AwB:
- Schriftelijke beslissing
- Van een bestuursorgaan
- Inhoudelijke en publiekrechtelijke rechtshandeling
, Soorten besluiten:
Beschikking: Besluit voor een concreet geval.
Besluit van algemene strekking:
- Algemeen verbindende voorschriften: Voorschrift met een algemeen karakten en
van toepassing op een open groep personen.
- Plannen: Gericht om een bepaald doel te bereiken. Het moet dus een rechtsgevolg
hebben.
- Beleidsregels: Richtlijnen die aangeven hoe bestuursorganen met een bepaalde
bevoegdheid moet omgaan.
Besluiten die eigenlijk geen besluiten zijn in de zin van de Awb, maar toch vallen onder het
besluitbegrip:
- De afwijzing van een aanvraag tot een beschikking.
- Indien niet tijdig op de aanvraag tot het geven van een beschikking is beslist, is de
gevraagde beschikking geven. 4:20b Awb.
Wordt gegeven omdat er behoefte is aan rechtsbescherming.
De begrippen Bestuursorgaan, Besluit en Belanghebbende zijn belangrijk omdat er als er van
één van deze begrippen niet is voldaan in de zin van de Awb, dan is de Awb niet van
toepassing. Je kan dan bijvoorbeeld niet in bezwaar.
Legaliteitsbeginsel: Voor overheidsoptreden is een wettelijke grondslag nodig.
Een bevoegdheid ontstaat door:
- Attributie: Het creëren en toekennen van een nieuwe bevoegdheid.
- Delegatie: Een bestuursorgaan heeft de bevoegdheid tot het nemen van een besluit
over te dragen aan een ander die deze verantwoordelijkheid uitoefent.
- 10:1 Awb Mandaat: Een bestuursorgaan machtigt een ander om een bevoegdheid uit
te oefenen onder de verantwoordelijkheid van de mandaatgever.
Voor een mandaat is geen wettelijke grondslag vereist omdat de
verantwoordelijkheid nog ligt de mandaatgever.
Doorzendplicht 2:3 Awb: Als een bestuursorgaan een aanvraag krijgt die eigenlijk bedoeld is
voor een ander bestuursorgaan, dan hoort die het door te sturen naar het juiste orgaan.
(Gelijktijdig laat het orgaan dit weten aan de afzender).
Dit geldt alleen tussen bestuursorganen.
Reguliere voorbereidingsprocedure:
- Deze procedure is alleen van toepassing op beschikkingen.
- Beslistermijn van 8 weken. 4:13 Awb.
- Kan verlengd worden met een redelijk termijn. 4:14 Awb.