Het gebied heeft 25% van de wijnbouw. Het is het grootste maar ook een van de meest
gecompliceerde gebieden van Frankrijk.
11.2
Voor onze jaartelling werd er door de oude grieken al gedaan aan wijnbouw. De grieken
hebben de kunst van het snoeien overgebracht en de romeinen hebben vervolgens de
wijnbouw intensief uitgebreid in de provence. Ook in dit gebied waren de moninken
belangrijk voor de uitbreiding van de wijnbouw, zij beheerde veel wijngaarden. Als sinds
eind 13e eeuw worden er verserkte wijnen geproduceerd.
In de 16 en 17e eeuw was er minder wijnbouw. Door de overwinning van de pest kwam er
een enorme bevolkingsgroei. Hierdoor was er meer vraag naar voeding en werd wijn een
luxe. De opening van canal du Midi stimuleerde de markt weer omdat export meer
mogelijkheiden kwamen. Voorheen hoorde Roussillon bij het spaans catalonië, pas in 1659
werd Roussillion als Franse provincie gezien.
Met het economische herstel na de Franse revolutie kreeg het gebied meer perspectief. Dit
omdat er overzee handel werd gedreven met o.a. Engeland en Rusland. Tot de phylloxera,
na het herbeplanten kreeg kwantiteit een belangrijkere rol dan kwaliteit.
Doorde distilleerkolf en de aanleg van de spoorwegen kreeg het gebied nog eens een boost.
Voor de brandewijn werden productieve rassen aangeplant, hierdoor ging de productie
omhoog. Het aanleggen van de spoorwegen zorgde er ook nog eens voor dat de afzetmarkt
naar o.a. Parijs groter werd, hierdoor bleef de productie maar stijgen en lag de focus steeds
minder op kwaliteit.
Huidige positie;
Sinds 1960 is de markt in Frankrijk erg veranderd. Er werd minder wijn gedronken en de
voorkeur ging steeds meer uit naar kwaliteit. Ook de exportmarkt is sterk veranderd doordat
de nieuwe wereld landen aanzienlijk goedkoper kunnen produceren, hierdoor komt er
steeds meer bulk van die landen. De verandering in het gebied gaat langzaam. Er zijn veel
kleine bedrijven die niet de veerkracht hebben om de transitie aan te gaan. Ook zijn alle
coöperaties te complex omdat ieder lid stemrecht heeft.
11.3 Bodem
Het gebied strekt zich uit over 4 departementen en ligt grotendeels aan de kust gelegen.
Grofweg zijn er 5 verschillende landschappen;
- De kuststrook
- De alluviale vlaktes
- De landschappen van garrigues op droge heuvels
- De uitlopers van gebergten
- De bergen zelf
, Grofweg vinden we landinwaarts tussen Nîmes en Montpellier vooral bodems op arme
kalksteen. Hierdomineert de garrique (kruidige struik vegetatie). Verder is de bodem enorm
divers.
11.4 Klimaat
Ondanks de zuidelijke ligging niet altijd zonnig. Door de midi is het klimaat onvoorspelbaar
en afwisselend. Roussillion is nog zonniger dan de languedoc. De neerslag is minimaal in het
groeiseizoen. Het te kort aan neerslag en de hoeveelheid zon bepaalt dus een groot deel
voor welke rassen er aangeplant kunnen worden. De mistral zorgt noordelijk voor
verkoeling. De “tramontane” of “cers” is een krachtige wind vanuit de bergen, deze zorgt
voor redelijk wat risico. Ook is er een warme vochtige wind vanuit spanje, de “sirocco”
genoemd.
11.5 Druivenrassen
Rood; Wit;
- Alicante bouschet - Bourboulenc
- Aramon - Clairette
- Aspiran - grenache blanc
- Carignan - macabeu
- Cinsault - muscat blanc a petit grains
- Grenache noir - Picpoul
- Lledoner pelut - terret blanc
- Mourvedre
Tegenwoordig is grenache noir het meest aangeplante druivenras, voorheen was dit
aramon. Er duiken steeds meer internationale rassen op;
Rood; Wit
- Cabernet Sauvignon - chardonnay
- Merlot - marsanne
- Syrah - sauvignon blanc
- Tempranillo - viognier
Veel van de internationale rassen worden gebuikt als “ Cépage améliorateur” (een ras dat ze
toevoegen om de kwaliteit van de wijn te verbeteren). Deze niet authentieke rassen hebben
vaak een gelimiteerde toevoeging.
De belangrijkste rassen tegenwoordig zijn:
Rood; Wit; Rosé;
- Cabernet sauvignon - Bourboulenc - cinsault
- Carignan - chardonnay - granche noir
- Cinsault - grenache blanc - syrah
- Granache noir - marsanne
- Merlot - picpoul
- Mouvedre - rolle
- Syrah - roussanne