Inleiding Europees Recht
Periode 4, 2015-2016
Week 2
EU bevoegdheden, rechtsbronnen en wetgeving
Voorgeschreven literatuur:
Europees Recht- Algemeen Deel- 5e druk (2015)
- Hoofdstuk 1 (deze keer in het geheel)
- Hoofdstuk 2
- Hoofdstuk 3: paragraaf 9 t/m 11
- Hoofdstuk 10: paragraaf 2
Reader
- week 2
Warm-up vragen
I. Geef aan welk van de onderstaande stellingen onjuist is. Beargumenteer je
antwoord.
a. De gewone wetgevingsprocedure is uiteengezet in artikel 294 VWEU.
b. De gewone wetgevingsprocedure is standaard van toepassing op alle
besluitvorming in de Europese Unie, tenzij in de Verdragen specifiek staat
dat er een andere, bijzondere wetgevingsprocedure geldt.
c. Bij de gewone wetgevingsprocedure dient de Commissie een voorstel in
bij het Europees Parlement en bij de Raad.
d. De gewone wetgevingsprocedure bestaat altijd uit drie lezingen. Deze
stelling is onjuist, een wetgevingsprocedure kan ook uit minder dan drie
lezingen bestaan, afhankelijk of er in de eerste of tweede lezing al sprake is
van overeenstemming en het voorstel wordt aangenomen. Alleen in het
geval dat er in de eerste en tweede lezing geen overeenstemming wordt
bereikt, komt er een derde lezing.
II. Welk van onderstaande bevoegdheden is geen bevoegdheid van de
Commissie?
a. Recht van initiatief voor Europese wetgeving
b. Toezicht op de uitoefening van Europese verplichtingen door de lidstaten
c. Vaststellen van de begroting van de EU, dit is geen bevoegdheid van de
Commissie volgens artikel 17 VWEU. De Commissie voert de begroting alleen
uit. Parlement en de Raad stellen de begroting vast.
d. Uitvoeren van de begroting van de EU
Vraag 1: Unietrouw
Wat houdt het beginsel van loyaliteit (ook wel ‘Unietrouw’) in? Volgens artikel 4 lid 3
VEU: “krachtens het beginsel van loyale samenwerking respecteren de Unie en de lidstaten
elkaar en steunen zij elkaar bij de vervulling van de taken die uit de Verdragen
voortvloeien. De lidstaten treffen alle algemene en bijzondere maatregelen die geschikt zijn
om de nakoming van de uit de Verdragen of uit de handelingen van de instellingen van de
Unie voortvloeiende verplichtingen te verzekeren. De lidstaten vergemakkelijken de
Periode 4, 2015-2016
Week 2
EU bevoegdheden, rechtsbronnen en wetgeving
Voorgeschreven literatuur:
Europees Recht- Algemeen Deel- 5e druk (2015)
- Hoofdstuk 1 (deze keer in het geheel)
- Hoofdstuk 2
- Hoofdstuk 3: paragraaf 9 t/m 11
- Hoofdstuk 10: paragraaf 2
Reader
- week 2
Warm-up vragen
I. Geef aan welk van de onderstaande stellingen onjuist is. Beargumenteer je
antwoord.
a. De gewone wetgevingsprocedure is uiteengezet in artikel 294 VWEU.
b. De gewone wetgevingsprocedure is standaard van toepassing op alle
besluitvorming in de Europese Unie, tenzij in de Verdragen specifiek staat
dat er een andere, bijzondere wetgevingsprocedure geldt.
c. Bij de gewone wetgevingsprocedure dient de Commissie een voorstel in
bij het Europees Parlement en bij de Raad.
d. De gewone wetgevingsprocedure bestaat altijd uit drie lezingen. Deze
stelling is onjuist, een wetgevingsprocedure kan ook uit minder dan drie
lezingen bestaan, afhankelijk of er in de eerste of tweede lezing al sprake is
van overeenstemming en het voorstel wordt aangenomen. Alleen in het
geval dat er in de eerste en tweede lezing geen overeenstemming wordt
bereikt, komt er een derde lezing.
II. Welk van onderstaande bevoegdheden is geen bevoegdheid van de
Commissie?
a. Recht van initiatief voor Europese wetgeving
b. Toezicht op de uitoefening van Europese verplichtingen door de lidstaten
c. Vaststellen van de begroting van de EU, dit is geen bevoegdheid van de
Commissie volgens artikel 17 VWEU. De Commissie voert de begroting alleen
uit. Parlement en de Raad stellen de begroting vast.
d. Uitvoeren van de begroting van de EU
Vraag 1: Unietrouw
Wat houdt het beginsel van loyaliteit (ook wel ‘Unietrouw’) in? Volgens artikel 4 lid 3
VEU: “krachtens het beginsel van loyale samenwerking respecteren de Unie en de lidstaten
elkaar en steunen zij elkaar bij de vervulling van de taken die uit de Verdragen
voortvloeien. De lidstaten treffen alle algemene en bijzondere maatregelen die geschikt zijn
om de nakoming van de uit de Verdragen of uit de handelingen van de instellingen van de
Unie voortvloeiende verplichtingen te verzekeren. De lidstaten vergemakkelijken de