Anatomie en fysiologie 2022-2023
Hoofdstuk 7: het spierstelsel-skeletspier en vezels
Willekeurige beheersing:
❖ Skeletspieren
Onwillekeurige beheersing:
❖ Hartspier: hartwand
❖ Gladde spieren: inwendige organen
Vijf primaire functies skeletspierweefsel
Skeletspieren zijn (in)direct met de botten verbonden
Ze hebben 5 functies:
❖ Bewegingen v/h skelet
❖ Behoud van houding en lichaamspositie
❖ Steun aan weke delen
o Voorbeeld bekkenbodemspieren geven steun aan de blaas, endeldarm en baarmoeder
❖ Openen en sluiten van in- en uitgangen
❖ Handhaven lichaamstemperatuur
De skeletspier bevat spierweefsel, bindweefsel, bloedvaten en zenuwen
Organisatie BW van skeletspieren:
❖ Epimysium
o Vezellige BW-omhulling van de hele spier
❖ Perimysium
o Vezellige BW-omhulling van een spierbundel (fasciculus)
❖ Endomysium
o Vezellige BW-omhulling van één enkele ‘cel’ (spiervezel)
❖ Pezen (aponeurrose)
o Epi- , peri- en endomysium komen samen en vormen de pees
De kenmerkende eigenschappen van skeletspiervezel
De organisatie v/e skeletspiervezel:
❖ Sarcolemma of spiercelmembraan
❖ Sacroplasma of spiercelcytoplasmaa
❖ Sarcoplasmatisch reticukum
❖ Transvere tubuli (instulpingne v/h sarcolemma)
❖ Myofibrillen (contractoeorganel)
❖ Sacromeren
Terminologie-voorvoegsels
❖ Sacro- = vlees
20
, Anatomie en fysiologie 2022-2023
❖ Myo-my- = spier
❖ Verwijst steeds naar spierweefsel
Sacrolemma en transversale-tubuli: tunnels gevuld met extracellulaire vloeistof
❖ Gelijktijdige contractie van spiervezel
myofibrillen
❖ Actine en mysosine; vele mitochondriën en glycogeenkorrels
Sacroplasmatische reticulum met terminale cisternen:
❖ Opslag calciumionen
Sacromeer:
❖ = zich herhalende functionele eenheid van de myofibrillen
❖ Onderdelen v/e sacromeer:
o Myofilamenten:
- Dunne filamenten (voornamelijk actine)
- Tropomyosine
- troponine
o Z-lijnen aan elk uiteinde
- Anker voor dunne filamenten
RELAXATIE = veranderingen v/h uiterlijk v/e sacromeer tijdens contractie v/e skeletspiervezel
CONTRACTIE = veranderingen v/h uiterlijk v/e sacromeer tijdens contractie v/d skeletspiervezel
21
Hoofdstuk 7: het spierstelsel-skeletspier en vezels
Willekeurige beheersing:
❖ Skeletspieren
Onwillekeurige beheersing:
❖ Hartspier: hartwand
❖ Gladde spieren: inwendige organen
Vijf primaire functies skeletspierweefsel
Skeletspieren zijn (in)direct met de botten verbonden
Ze hebben 5 functies:
❖ Bewegingen v/h skelet
❖ Behoud van houding en lichaamspositie
❖ Steun aan weke delen
o Voorbeeld bekkenbodemspieren geven steun aan de blaas, endeldarm en baarmoeder
❖ Openen en sluiten van in- en uitgangen
❖ Handhaven lichaamstemperatuur
De skeletspier bevat spierweefsel, bindweefsel, bloedvaten en zenuwen
Organisatie BW van skeletspieren:
❖ Epimysium
o Vezellige BW-omhulling van de hele spier
❖ Perimysium
o Vezellige BW-omhulling van een spierbundel (fasciculus)
❖ Endomysium
o Vezellige BW-omhulling van één enkele ‘cel’ (spiervezel)
❖ Pezen (aponeurrose)
o Epi- , peri- en endomysium komen samen en vormen de pees
De kenmerkende eigenschappen van skeletspiervezel
De organisatie v/e skeletspiervezel:
❖ Sarcolemma of spiercelmembraan
❖ Sacroplasma of spiercelcytoplasmaa
❖ Sarcoplasmatisch reticukum
❖ Transvere tubuli (instulpingne v/h sarcolemma)
❖ Myofibrillen (contractoeorganel)
❖ Sacromeren
Terminologie-voorvoegsels
❖ Sacro- = vlees
20
, Anatomie en fysiologie 2022-2023
❖ Myo-my- = spier
❖ Verwijst steeds naar spierweefsel
Sacrolemma en transversale-tubuli: tunnels gevuld met extracellulaire vloeistof
❖ Gelijktijdige contractie van spiervezel
myofibrillen
❖ Actine en mysosine; vele mitochondriën en glycogeenkorrels
Sacroplasmatische reticulum met terminale cisternen:
❖ Opslag calciumionen
Sacromeer:
❖ = zich herhalende functionele eenheid van de myofibrillen
❖ Onderdelen v/e sacromeer:
o Myofilamenten:
- Dunne filamenten (voornamelijk actine)
- Tropomyosine
- troponine
o Z-lijnen aan elk uiteinde
- Anker voor dunne filamenten
RELAXATIE = veranderingen v/h uiterlijk v/e sacromeer tijdens contractie v/e skeletspiervezel
CONTRACTIE = veranderingen v/h uiterlijk v/e sacromeer tijdens contractie v/d skeletspiervezel
21