Hoofdstuk 13 Samenstellingen en uitdrukkingen
Het is mogelijk om nieuwe woorden te maken door twee woorden samen te voegen tot een nieuw
woord. Een voorbeeld is knooppunt (knoop + punt), dit soort woorden worden samenstellingen
genoemd. Het maken van samenstellingen is dus een vorm van woordenschatuitbreiding.
Afleiding Samenstelling
werk werk-er levens-werk
deur deur-tje achter-deur
groen groen-ig zacht-groen
lees lez-er lees-lamp
In samenstelling hebben we alleen maar te maken met lexicale elementen of inhoudswoorden.
Afleidingen en samenstellingen verschillen wat betreft hun interne structuur, maar ze vervullen
dezelfde functie, namelijk woordenschatuitbreiding.
Er soms variatie in de volgorde van de lexicale elementen in een samenstelling, bijvoorbeeld:
fietstoer – toerfiets, olieverf – verfolie. Het maakt dus uit in welke volgorde de twee oorspronkelijke
woorden in een samenstelling terecht komen. Bij deze voorbeelden is het laatste deel van het woord
steeds bepalend voor de betekenis. Het eerste deel in de samenstelling geeft een nadere specificatie
van het tweede. Het is een samenstelling niet mogelijk om ze te scheiden door er iets tussen te
plaatsen (toer mooie fiets kan niet). Het laatste element van de samenstelling wordt aangeduid als
het hoofd van de samenstelling. In het Nederlands plaatsen wij het hoofd aan het eind, maar in
andere talen gebeurt dat niet.
Het hoofd bepaalt de eigenschappen van het geheel, bijvoorbeeld email is een de woord, adres is
een het woord. Het wordt dus het emailadres.
Eén van de oorspronkelijke woorden wordt meestal het hoofd. Dit zijn zogenaamde endocentrische
samenstellingen. Het eerste lid van een endocentrische samenstelling geeft een specificatie van het
hoofd: een keukenstoel is een soort stoel.
Er zijn ook woorden waar dit niet het geval is, de exocentrische samenstellingen. Het rechter
element vormt dan niet de kern of het centrum van de samenstelling, bijvoorbeeld: slaapmutsje,
geldwolf en duizendpoot.
Wanneer een woord een ander woord in zich opneemt en daarmee als het ware versmelt, is er
sprake van incorporatie → als het verbum het object als het ware in zich heeft opgenomen.
Vaste uitdrukkingen zoals: een hoedje schrikken, de beest uit te hangen en nu breekt mijn klomp,
worden ook wel idiomen of idiomatische uitdrukkingen genoemd. Het idioom nu breekt mijn klomp
heeft als geheel een specifieke betekenis. Die kan omschreven worden als: ik sta perplex, nu begrijp
ik er niks meer van. De spreker uit zijn/haar verbazing. Het is een uitdrukking die tot de spreektaal
behoort, daarom is nu breekt zijn klomp ook onmogelijk, althans is idiomatische betekenis.
Het komt bij idiomen nogal eens voor dat ze geen variatie in tijd toestaan, bijvoorbeeld: Wat had ik
gisteren aan mijn fiets hangen?
Een ander verschijnsel is dat ze vaak geen modificaties (veranderingen) toestaan, bijvoorbeeld: Nu
breekt mijn linkerklomp. Dergelijke modificaties activeren de letterlijke betekenis van de betreffende
nomina (zelfstandig naamwoord).
Een ander aspect van idiomen is dat ze heel vaak geen negatie (Nu breekt mijn klomp niet) toelaten,
noch variatie in woordvolgorde (Door de kogel is de kerk) noch een passieve vorm (Een wit voetje
werd door Iris gehaald).
Het is mogelijk om nieuwe woorden te maken door twee woorden samen te voegen tot een nieuw
woord. Een voorbeeld is knooppunt (knoop + punt), dit soort woorden worden samenstellingen
genoemd. Het maken van samenstellingen is dus een vorm van woordenschatuitbreiding.
Afleiding Samenstelling
werk werk-er levens-werk
deur deur-tje achter-deur
groen groen-ig zacht-groen
lees lez-er lees-lamp
In samenstelling hebben we alleen maar te maken met lexicale elementen of inhoudswoorden.
Afleidingen en samenstellingen verschillen wat betreft hun interne structuur, maar ze vervullen
dezelfde functie, namelijk woordenschatuitbreiding.
Er soms variatie in de volgorde van de lexicale elementen in een samenstelling, bijvoorbeeld:
fietstoer – toerfiets, olieverf – verfolie. Het maakt dus uit in welke volgorde de twee oorspronkelijke
woorden in een samenstelling terecht komen. Bij deze voorbeelden is het laatste deel van het woord
steeds bepalend voor de betekenis. Het eerste deel in de samenstelling geeft een nadere specificatie
van het tweede. Het is een samenstelling niet mogelijk om ze te scheiden door er iets tussen te
plaatsen (toer mooie fiets kan niet). Het laatste element van de samenstelling wordt aangeduid als
het hoofd van de samenstelling. In het Nederlands plaatsen wij het hoofd aan het eind, maar in
andere talen gebeurt dat niet.
Het hoofd bepaalt de eigenschappen van het geheel, bijvoorbeeld email is een de woord, adres is
een het woord. Het wordt dus het emailadres.
Eén van de oorspronkelijke woorden wordt meestal het hoofd. Dit zijn zogenaamde endocentrische
samenstellingen. Het eerste lid van een endocentrische samenstelling geeft een specificatie van het
hoofd: een keukenstoel is een soort stoel.
Er zijn ook woorden waar dit niet het geval is, de exocentrische samenstellingen. Het rechter
element vormt dan niet de kern of het centrum van de samenstelling, bijvoorbeeld: slaapmutsje,
geldwolf en duizendpoot.
Wanneer een woord een ander woord in zich opneemt en daarmee als het ware versmelt, is er
sprake van incorporatie → als het verbum het object als het ware in zich heeft opgenomen.
Vaste uitdrukkingen zoals: een hoedje schrikken, de beest uit te hangen en nu breekt mijn klomp,
worden ook wel idiomen of idiomatische uitdrukkingen genoemd. Het idioom nu breekt mijn klomp
heeft als geheel een specifieke betekenis. Die kan omschreven worden als: ik sta perplex, nu begrijp
ik er niks meer van. De spreker uit zijn/haar verbazing. Het is een uitdrukking die tot de spreektaal
behoort, daarom is nu breekt zijn klomp ook onmogelijk, althans is idiomatische betekenis.
Het komt bij idiomen nogal eens voor dat ze geen variatie in tijd toestaan, bijvoorbeeld: Wat had ik
gisteren aan mijn fiets hangen?
Een ander verschijnsel is dat ze vaak geen modificaties (veranderingen) toestaan, bijvoorbeeld: Nu
breekt mijn linkerklomp. Dergelijke modificaties activeren de letterlijke betekenis van de betreffende
nomina (zelfstandig naamwoord).
Een ander aspect van idiomen is dat ze heel vaak geen negatie (Nu breekt mijn klomp niet) toelaten,
noch variatie in woordvolgorde (Door de kogel is de kerk) noch een passieve vorm (Een wit voetje
werd door Iris gehaald).