100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting: hoofdstuk 3, sprekend verleden, vwo 4/5/6

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
5
Geüpload op
06-03-2023
Geschreven in
2022/2023

Samenvatting: hoofdstuk 3: de Grieks-Romeinse wereld. Sprekend verleden, vwo 4/5/6










Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Geschreven voor

Instelling
Middelbare school
School jaar
4

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
3
Geüpload op
6 maart 2023
Aantal pagina's
5
Geschreven in
2022/2023
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Paragraaf 1
Veel gebieden in Griekenland werden gescheiden door bergen of water, die zorgden ervoor dat er in
800 v.Chr. ongeveer 200 staatje ontstonden (polis). De acropolis was een versterkte heuvel en het
middelpunt van de polis. Hier vluchtten inwoners naartoe als de polis werd aangevallen. Ook stond
hier vaak een tempel, daarin werd de belangrijkste god(in) vereerd. Ook was er een agora, een plein
waar burgers elkaar ontmoetten, handel dreven en het bestuur bespraken. Rondom de acropolis
ontstonden steden (grote nederzettingen waarvan de meeste mensen van iets anders leefden dan
akkerbouw en veeteelt). Er waren verschillende manieren van besturen:
1. Bestuur door alleenheersers (autocratie).
2. Bestuur door aanzienlijkste burgers (oligarchie).
3. Bestuur door alle burgers (democratie).
De adel (een groep rijke families) had eerst de macht in de polis. Zij hadden alle invloed op de
volksvergadering. Dat veranderde toen er in steden overbevolking ontstond. Mensen trokken weg en
stichtten koloniën. Daardoor ontstond veel handel tussen moederstad en kolonie, zo werden
handelaren ook erg belangrijk. Ze werden steeds rijker en sommigen zelfs rijker dan de adel. Zij
wilden ook macht.
In Athene werd in 509 v. Chr. door Kleisthenes een nieuwe regeringsvorm ingevoerd: de directe
democratie (de volksvergadering besloot over belangrijke beslissingen). Vergaderingen werden
voorbereidt door de Raad van Vijfhonderd (vrijwillige ambtenaren die voor één jaar werden
aangewezen door loting), rond 450 v.Chr. kregen zij een vergoeding hiervoor. Het dagelijks bestuur
was een wisselende groep van vijftig man uit de Raad van Vijfhonderd.
Paragraaf 2
Ook in Sparta ontstond overbevolking, maar zij veroverden buurlanden (Messeniërs) in plaats van
koloniën te stichten. De Messeniërs moesten veel aan Sparta leveren, waardoor ze zelf niet goed
konden overleven. Sparta had een sterk leger en kon iedereen onder controle houden. Dit kwam
omdat Spartaanse mannen niet als boer hoefden werken. Jongens van zeventien jaar kregen tot hun
twintigste een militaire opleiding. Een Spartaan moest zijn leven overhebben voor Sparta. Het leger
was voor Sparta erg belangrijk. In Sparta mochten mannen alleen voorstellen aannemen of afwijzen,
alleen een raad van edelen mocht voorstellen doen. Het dagelijks bestuur bestond uit vijf ephoren
(opzichters), jaarlijks gekozen door de volksvergadering.
Paragraaf 3
In hit Midden-Oosten ontstond het Perzische Rijk, hierin ontstond geen democratie, één koning had
de macht. Griekse kolonisten kwamen in 500 v. Chr. in opstand tegen de Perzen, omdat zij
onafhankelijkheid wilden. Dit leidde tot de Perzische oorlogen. Als straf wilde de Perzische koning
Darius in 490 v. Chr. Griekenland te veroveren. Staten in Griekenland konden niet goed
samenwerken, maar het lukte uiteindelijk toch. De Spartanen kwamen echter pas opdagen bij de
veldslag bij Marathon toen de Atheners de overwinning al hadden behaald. In 480 v. Chr. probeerde
koning Xerxes opnieuw Griekenland binnen te vallen via land en zee. De Spartanen kregen leiding
over het land en de Atheners over de zee. Het Perzische leger veroverde heel Griekenland behalve de
Peloponnesos. De Griekse vloot versloeg echter de Perzen bij het eiland Salamis. In 479 v. Chr. werd
bij Plataeae ook het Perzische landleger verslagen.
Paragraaf 4
De Perzen lieten de Grieken met rust, daardoor bemoeiden de Grieken zich met elkaar. Er
ontstonden twee bondgenootschappen (onder leiding van Athene en Sparta). Deze wilden beiden
het machtigst worden. In 431 v. Chr. begon de Peloponnesische oorlog. De Atheners verdedigden op
land en vielen aan via zee, vice versa voor de Spartanen. De Spartanen en bondgenoten wonnen.
Paragraaf 5
De Grieken verklaarden het ontstaan van de wereld met mythologie. Maar sommige Grieken
brachten door verandering in. Deze natuurfilosofen zochten naar filosofische verklaringen. De
belangrijkste waren van filosoof Aristoteles (vierde eeuw v. Chr.) en wiskundig astronoom
Ptolemaeus. Zij beschouwden de aarde als een onbeweeglijke bol die het centrum was van een

, bolvormig heelal. Ptolemaeus onderbouwde deze gedachten met wiskundige berekeningen, weinig
mensen geloofde hem echter.
Ook het ontstaan van de mens word mythologisch verklaard. De Grieken offerden aan de goden,
elke polis had een eigen beschermsgod(in). De gemeenschap was belangrijk, niet het individu. Een
klein groepje dacht er in de zesde eeuw v. Chr. anders over. Zij zagen de mens als een individu: zijn
verstand kon vragen stellen en deze beantwoorden.
Griekse onderzoekers gingen onderzoeken hoe de wereld in elkaar zat. Ze zochten in de natuur, niet
de mythologie. Wetenschap = het systematisch geordend geheel van het weten en van de regels
waarmee verdere kennis verkregen kan worden.
De Griekse manier van denken is een voorbeeld voor later mensen:
1. Geboorte van de geneeskunde.
Hippocrates zocht natuurlijke verklaringen voor ziektes. Hij schreef op hoe een ziekte verliep
en probeerde zo een genezing te vinden.
2. Geboorte van de geschiedenis.
Herodotus wordt de eerste geschiedschrijver genoemd. Hij reisde veel en noteerde verhalen
van mensen over het verleden. Hij schreef meerdere versies en gaf zijn eigen mening.
Thucydides schreef over de Peloponnesische oorlog en zocht verklaringen voor
gebeurtenissen. Ook was hij kritisch tegenover gegeven gegevens.
3. Geboorte van de filosofie.
Filosofie houdt zich bezig met de diepste levensvragen. Filosofen zochten antwoorden op
vragen die met het verstand konden worden beredeneerd. Een beroemd filosoof is Socrates.
Hij probeerde vragend hoe de wereld in elkaar zat en wat het beste was. Domheid was het
grootste gevaar van de mens, omdat zij niet genoeg nadachten.
Paragraaf 6
Grieken vinden kunst erg belangrijk. Kunstwerken moesten een ideaal maatgetal hebben en een
grondregel of canon beantwoorden. In de beeldhouwkunst maakte Polycletus (vijfde eeuw v. Chr.)
een goed verhouding. De beelden werden gekenmerkt door vrijstaande beelden, beweging en
natuurlijke weergave van het lichaam.
Tempels en theaters waren de belangrijkste bouwwerken van Grieken (door geloof). Ook bij deze
gebouwen was verhouding belangrijk bij zuilen.
Paragraaf 7
Griekenland werd in 338 v. Chr. veroverd door koning Philippus van Macedonië. Hij werd twee jaar
later vermoord, zijn zoon Alexander volgde hem op. Philippus was al van plan het Perzische rijk aan
te vallen, om aan de goede kant van de Grieken te komen, Alexander voerde dit plan in 334 v. Chr.
uit. Negen jaar later had Alexander het Perzische rijk in handen. Veel Grieken trokken toen naar het
Midden-Oosten. De Griekse cultuur werd verspreid naar het Midden-Oosten en het Grieks werd de
belangrijkste taal. Alexander probeerde de Grieken en Perzen te verenigen, door bijvoorbeeld
bruiloften (dat werkte niet). En hij wilde dat de Grieken Perzische gewoonten overnamen, ook dat
werkte niet. In 323 v. Chr. stierf Alexander, zijn rijk werd verdeeld onder zijn generaals.
Paragraaf 8
Rond 800 v. Chr. veroverden de Etrusken een groot deel van Italië, waaronder Rome. Rome leefde
van landbouw, maar door de Etrusken speelde handel een grotere rol en groeide het dorp uit tot een
stad. Rond 500 v. Chr. kwamen een aantal steden in opstand tegen de Etrusken, Rome vocht zich vrij.
In de volgende eeuwen begon Rome met het veroveren van Italië. Rome werd eerst geregeerd door
koningen, maar werd al snel een republiek (= een regeringsvorm waarin na verloop van tijd nieuwe
bestuurders worden gekozen). Het Romeinse besturingssysteem:
- De twee consuls. Deze zaten voor één jaar. In oorlogstijd voerde elk een deel van het leger
aan.
- De senaat (de raad van ouderen). Hierin zaten mensen die vroeger bestuurders waren
geweest, zoals consuls. De senaat gaf raad aan de bestuurders.
- De volksvergadering (de Romeinse mannen). Deze had echter weinig invloed.
€6,15
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
vrrv004

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
vrrv004
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
0
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
9
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen