Erasmus Universiteit Rotterdam
Erasmus School of Economics
Bachelorscriptie
De tarieven in de omzetbelasting
Waar wordt het onderscheid gemaakt voor het hoge/lage
tarief? Zijn deze tarieven in de omzetbelasting effectief?
J. van den Bergh
Studentnummer: 323687
Begeleider: P.C.J. Oerlemans
Rotterdam, juli 2012
, Tarieven in de omzetbelasting
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave 1
Hoofdstuk 1: Inleiding 3
1.1 Aanleiding 3
1.2 Probleemstelling 4
1.3 Werkwijze en aanpak 4
Hoofdstuk 2: Omzetbelasting 6
2.1 Omzetbelasting 7
2.2 Belastbare feiten 9
2.2.1 Goederen 10
2.2.2 Diensten 10
2.3 Belastingplichtige 11
Hoofdstuk 3: Tarieven in de omzetbelasting 14
3.1 Verschillende tarieven in de omzetbelasting 14
3.2 Algemene tarief (art. 9 wet OB) 15
3.3 Lage tarief 16
3.3.1 motieven voor het lage tarief 16
3.3.2 Invloed van het lage tarief op de prijselasticiteit 18
3.3.3 De levering van goederen en diensten in het lage tarief 19
3.4 Het nultarief 20
3.5 Vrijstellingen 21
3.6 Richtlijnen van de Europese Unie 23
Hoofdstuk 4: Omzetbelasting met één tarief 25
4.1 Een uniform tarief 25
4.2 Voordelen en nadelen één tarief 27
4.2.1 Voordelen 27
4.2.2 Nadelen 29
4.3 Hoogte van het tarief 31
4.4 Vrijstellingen 34
, Tarieven in de omzetbelasting
Conclusie 36
Literatuurlijst 40
Jurisprudentieregister 42
, Tarieven in de omzetbelasting
Hoofdstuk 1
Inleiding
1.1 Aanleiding
In juni vorig jaar was er ophef in de theaterwereld. De theaterkunsten zouden
namelijk van het lage tarief naar het hoge tarief gaan. Dit zou betekenen dat de prijzen
van theatervoorstellingen flink omhoog zouden gaan. In deze periode had ik het vak
omzetbelasting. Daar hadden we het over de verschillende tarieven en over producten
en diensten die aan deze verschillende tarieven onderworpen kunnen worden. Een
interessante vraag is waarom er onderscheid wordt gemaakt tussen tarieven in de
omzetbelasting. Ook is het belangrijk om te kijken waar er bij de bepaling van het
tarief op gelet wordt met betrekking tot verschillende producten en diensten.
De omzetbelasting is een belangrijke inkomstenbron voor de Nederlandse overheid.
In Nederland is er een onderscheid gemaakt in verschillende tarieven1. We kennen het
hoge tarief, het lage tarief, de vrijstellingen en in bepaalde gevallen het nulprocents-
tarief. Al deze tarieven zijn van invloed op de manier waarop de belastingplichtige in
de omzetbelasting wordt betrokken. Het is van belang waar we de tarieven
onderscheiden, maar vooral ook waarom we een onderscheid in de tarieven hebben.
Er moet gekeken worden naar de functie van de producten en diensten, want de
functie bepaalt voor een groot deel in welk tarief het product of de dienst valt.
In de scriptie staan de tarieven van de omzetbelasting centraal, omdat de tarieven een
belangrijk onderwerp zijn in de omzetbelasting. Alles draait in feite om de tarieven.
De tarieven bepalen hoeveel belasting een belastingplichtige moet afdragen. Het lage
tarief is bijvoorbeeld van toepassing op producten die de eerste levensbehoeften van
mensen bevredigen. Denk hierbij aan voedingsmiddelen2. De belastingplichtige
vraagt een bepaald bedrag voor zijn product inclusief BTW. Vervolgens draagt hij de
BTW die de consument heeft betaald, af aan de fiscus. Dit kan op allerlei
verschillende manieren plaatsvinden. Een belastingplichtige hoeft namelijk niet voor
al zijn producten en/of diensten binnen hetzelfde tarief te vallen. In Nederland zijn we
gewend aan verschillende tarieven, maar wat zou er nou gebeuren als we een uniform
1
Art. 9 Wet op de omzetbelasting 1968
2
Tabel 1. Lid 1 Wet op de omzetbelasting 1968