Emerging Adulthood
Chapter 1 pages 11-17
Adolescentie en de jongvolwassenheid:
Hall definieerde adolescentie als de periode van 14 tot 24 jaar.
Tegenwoordig beschouwen we 10 tot 18 als adolescentie. Hier zijn twee
redenen voor. Ten eerste is het ontstaan van de puberteit vervroegd. De
menarche (eerste menstruatie) vindt eerder plaats, rond de 12,5 jaar in
plaats van 14 jaar, en het begin van de puberteit (die twee jaar voor de
menarche begint) dus ook. Het eind van de adolescentie is rond de 18/19
jaar, als jongeren van de middelbare school afgaan. Volgens Hall was deze
periode hierna ook belangrijk. Hij zag dat jongeren vaak niet voor hun 24 e
trouwen en kinderen krijgen waardoor hij deze leeftijd als eindleeftijd nam.
Tegenwoordig vinden we de periode van 18 tot 25 jaar zeker niet
onbelangrijk. Daarom wordt deze periode aangeduid met
‘jongvolwassenheid’. Jongvolwassenheid is:
- De leeftijd waarin de identiteit verkend wordt. Mensen verkennen
meerdere mogelijkheden in liefde en werk als ze uiteindelijk een
keuze maken. Door meerdere mogelijkheden te onderzoeken,
ontwikkelen mensen een duidelijkere identiteit.
- De leeftijd van instabiliteit
- De zelfgerichte leeftijd.
- De leeftijd van het gevoel tussenin (feeling in-between). In deze
periode voelen mensen zich geen adolescent maar ook geen
volwassene.
- De leeftijd van mogelijkheden
Jongvolwassenheid bestaat niet in alle culturen; alleen in de culturen
waarbij jongeren niet meteen moeten trouwen en kinderen krijgen etc.
In het boek wordt uit gegaan van de volgende perioden:
- Vroege adolescentie van 10 tot 14 jaar
- Late adolescentie van 15 tot 18 jaar
- Jongvolwassenheid van 19 tot 25 jaar
De overgang naar volwassenheid:
Meestal wordt dit gezien als jongeren klaar zijn met de middelbare school
of als ze fulltime werken, trouwen en kinderen krijgen. In
individualistische, geïndustrialiseerde landen wordt de overgang naar
volwassenheid door mensen zelf gezien als ze verantwoordelijk zijn voor
zichzelf, zelfstandige beslissingen maken en financieel onafhankelijk zijn.
Er zijn ook specifieke overgangen per cultuur. Zo vonden Israëliërs het
afmaken van hun militaire dienst belangrijk. In Argentinië vonden ze het
belangrijk dat je een familie kunt onderhouden. In Korea en China vonden
ze het belangrijk dat je je ouders kunt onderhouden. In traditionele
culturen wordt volwassenheid gekenmerkt door het huwelijk.
, Chapter 11 Work
Werk voor adolescenten in traditionele culturen:
Jagen, vissen en verzamelen:
Jagen en vissen is vooral een taak voor jongens, maar soms helpen
meisjes met taken bij het jagen. Het heeft belangrijke functies voor
culturen die afhankelijk zijn van de jacht. Succes met jagen kan een
manier zijn voor jongens om te laten zien dat ze klaar zijn voor de
volwassenheid. Jongens leren jagen en vissen door hun vaders en andere
mannen te observeren en ze te assisteren. In culturen waar jongens en
mannen jagen en vissen, hebben meisjes en vrouwen de taak om te
verzamelen. Dit houdt in dat ze geschikt fruit en geschikte groenten
vinden en verzamelen om toe te voegen aan de voedselvoorraad. Door de
globalisering zijn er steeds minder culturen die afhankelijk zijn van vissen
en jagen.
Landbouw en de zorg voor huisdieren:
De zorg voor boerderijdieren is vaak een taak van adolescenten en pre-
adolescenten. Het land bebouwen is meestal ingewikkelder. Dit is dan ook
een taak voor vaders samen met hun zonen. Ook landbouw neemt af door
de globalisatie die nieuwe technieken mogelijk maakt. Door deze nieuwe
technieken zijn er net als bij vissen minder mensen nodig.
Verzorging van de kinderen en huishoudelijk werk:
Dit is vooral de taak van meisjes en vrouwen. Al vanaf hun zesde of
zevende levensjaar, zorgen meisjes voor hun jongere broertjes en zusjes.
Adolescente meisjes zorgen voor meerdere broertjes en zusjes en vaak
ook voor zieke familieleden. Daarnaast is er meer huishoudelijk werk te
doen doordat er geen elektrische apparaten zijn die klusjes over kunnen
nemen. Daarom werken meisjes vanaf hun adolescentie naast hun moeder
en andere vrouwen als bijna gelijke partners. Hiermee bereiden
adolescente meisjes zich voor op de volwassen rol en laten ze ook aan
anderen zien (zoals mogelijke huwelijkspartners) dat ze een huishouden
kunnen runnen.
Globalisatie en adolescent werk in traditionele culturen:
Globalisatie zorgt voor economische integratie waarbij landen en grote
bedrijven handel bedrijven in culturen die eerst alleen bestond uit kleine,
lokale, familie-gebaseerde bedrijfjes. Globalisatie heeft een aantal
voordelen. Zo zorgt het deelnemen aan de globale economie ervoor dat er
meer toegang tot elektriciteit, onderwijs en gezondheidszorg is. Door de
industrialisatie kunnen adolescenten bovendien in fabrieken werken om
extra inkomen voor hun familie binnen te halen. De overgang van pre-
industriële landen naar de globale economie verloopt echter
problematisch. Veel mensen moet hard werken in slechte omstandigheden
voor een laag loon. De last van dit soort werk ligt meestal op de schouders
van adolescenten die beter in staat zijn dan kinderen om industrieel werk
te verrichten maar minder in staat zijn dan volwassen om voor hun
rechten op te komen. In India is er een fenomeen schuldslavernij (debt