Coxartrose = Artrosis Deformans
Oorzaken:
PRIMAIR
idiopatisch = zonder gekende oorzaak Meest frequent
SECUNDAIR
Posttraumatisch
Inflammatoire (reumatische) arthritis
Avasculaire necrose (= afsterven van het bot want geen doorbloeding)
Vroegere aandoeningen heup tijdens jeugd (bv. Legg-Calve-Perthes (4-10j), epifysiolyse
(10-15j)
Vormafwijking: dysplasie = slechte aangeboren anatomie van de heup
Symptomen:
Pijn tijdens/na belasten
Minder pijn bij rust (logisch: minder belasting = minder pijn)
Klassieke pijnpunten heup:
Lies: meest typische heup pijn
Voorzijde dij-knie Kan ook uit de heup komen
Grote trochanter regio
Gluteusstreek (atypisch) Kan wel bij zeer veel vocht, meestal echter LBP
Ochtendstijfheid en startpijn
Stijfheid gaat meestal weg binnen 30’ (langer > reumatisch)
Naarmate artrose zich meer inzet ook nachtelijke pijn en rustpijn
Bewegingsbeperking: moeilijkheden om schoenen/kousen aan/uit te trekken
Moeizame flexie
Manken
Heeft vaak te maken met Trendelenburg (=zwakte abductoren)
,Diagnose:
Staande radiografie = röntgenfotografie, wel altijd staande
Zichtbare/typische kenmerken:
Vernauwing gewrichtsspleet
Osteofyten (deze willen het gebied vergroten en zo de druk per vierkante mm
verkleinen)
Subchondrale cysten – geoden
Behandeling:
Conservatief
Heelkunde/operatief
Conservatieve behandeling:
Gewrichtsreductie
Gewicht ligt ongeveer 3x zo ver van steunpunt als de kracht van de abductoren.
(principe van M x m = L x l) Iedere kg minder is dus 3kg minder druk op de heup
Aanpassing activiteit, werk, fietsen, zwemmen
Blijven bewegen, maar wel zonder de belasting!
Pijnbestrijding
Medicatie
Intra-articulaire infiltratie (moet steeds onder RX scopie gebeuren!)
Corticosteroïden (anti-inflammatoir, snel effect)
Hyaluronzuur (viscosupplementatie, smerend/dempend, trager effect,
duurt langer vooral het inwerkt)
Kinesitherapie
Mobiliteit!
Atrofie tegengaan van omliggende spieren!
CORE STABILITY (zorgen voor betere verdeling van krachten)
Gaanstok of kruk
Steeds aan contralaterale kant van de klachten
Vermindert belasting in de heup met 30-60%
, Operatieve behandeling:
Gewrichtssparende operaties
Arthroscopie
Osteotomie
Niet-gewrichtssparende operaties
Resectie-arthroplastiek
Arthrodese
Heupprothese
Resurfacing heup
1. Gewrichtssparende operaties:
Heup arthroscopie
Resultaat = onvoorspelbaar, tevredenheid < 60%
Geen definitieve oplossing
Tijd winnen om THP uit te stellen
Helpt niet super veel voor artrose, beter voor losliggende stukjes bot/kraakbeen
Selectieparameters: jonge leeftijd, mechanische symptomen (blokkage of scherpe
bewegingsgebonden pijn), directe aantasting op RX
Osteotomie
= beencorrectie = anatomie van de heup verbeteren/aanpassen
Kan gebeuren langs FEMORALE zijde: correctie beenderige afwijking proximaal op
de femur
Kan ook gebeuren langs de BEKKEN zijde: correctie beenderige afwijking
acetabulum
We maken een onderscheid tussen intertrochanterisch variserend (FEMORAAL) en
periacetabulaire (BEKKEN) osteotomie
Oorzaken:
PRIMAIR
idiopatisch = zonder gekende oorzaak Meest frequent
SECUNDAIR
Posttraumatisch
Inflammatoire (reumatische) arthritis
Avasculaire necrose (= afsterven van het bot want geen doorbloeding)
Vroegere aandoeningen heup tijdens jeugd (bv. Legg-Calve-Perthes (4-10j), epifysiolyse
(10-15j)
Vormafwijking: dysplasie = slechte aangeboren anatomie van de heup
Symptomen:
Pijn tijdens/na belasten
Minder pijn bij rust (logisch: minder belasting = minder pijn)
Klassieke pijnpunten heup:
Lies: meest typische heup pijn
Voorzijde dij-knie Kan ook uit de heup komen
Grote trochanter regio
Gluteusstreek (atypisch) Kan wel bij zeer veel vocht, meestal echter LBP
Ochtendstijfheid en startpijn
Stijfheid gaat meestal weg binnen 30’ (langer > reumatisch)
Naarmate artrose zich meer inzet ook nachtelijke pijn en rustpijn
Bewegingsbeperking: moeilijkheden om schoenen/kousen aan/uit te trekken
Moeizame flexie
Manken
Heeft vaak te maken met Trendelenburg (=zwakte abductoren)
,Diagnose:
Staande radiografie = röntgenfotografie, wel altijd staande
Zichtbare/typische kenmerken:
Vernauwing gewrichtsspleet
Osteofyten (deze willen het gebied vergroten en zo de druk per vierkante mm
verkleinen)
Subchondrale cysten – geoden
Behandeling:
Conservatief
Heelkunde/operatief
Conservatieve behandeling:
Gewrichtsreductie
Gewicht ligt ongeveer 3x zo ver van steunpunt als de kracht van de abductoren.
(principe van M x m = L x l) Iedere kg minder is dus 3kg minder druk op de heup
Aanpassing activiteit, werk, fietsen, zwemmen
Blijven bewegen, maar wel zonder de belasting!
Pijnbestrijding
Medicatie
Intra-articulaire infiltratie (moet steeds onder RX scopie gebeuren!)
Corticosteroïden (anti-inflammatoir, snel effect)
Hyaluronzuur (viscosupplementatie, smerend/dempend, trager effect,
duurt langer vooral het inwerkt)
Kinesitherapie
Mobiliteit!
Atrofie tegengaan van omliggende spieren!
CORE STABILITY (zorgen voor betere verdeling van krachten)
Gaanstok of kruk
Steeds aan contralaterale kant van de klachten
Vermindert belasting in de heup met 30-60%
, Operatieve behandeling:
Gewrichtssparende operaties
Arthroscopie
Osteotomie
Niet-gewrichtssparende operaties
Resectie-arthroplastiek
Arthrodese
Heupprothese
Resurfacing heup
1. Gewrichtssparende operaties:
Heup arthroscopie
Resultaat = onvoorspelbaar, tevredenheid < 60%
Geen definitieve oplossing
Tijd winnen om THP uit te stellen
Helpt niet super veel voor artrose, beter voor losliggende stukjes bot/kraakbeen
Selectieparameters: jonge leeftijd, mechanische symptomen (blokkage of scherpe
bewegingsgebonden pijn), directe aantasting op RX
Osteotomie
= beencorrectie = anatomie van de heup verbeteren/aanpassen
Kan gebeuren langs FEMORALE zijde: correctie beenderige afwijking proximaal op
de femur
Kan ook gebeuren langs de BEKKEN zijde: correctie beenderige afwijking
acetabulum
We maken een onderscheid tussen intertrochanterisch variserend (FEMORAAL) en
periacetabulaire (BEKKEN) osteotomie