Isabeau Adorf
Biologie 5 vwo
Samenvattingen
Hoofdstuk 9 - Bloedsomloop
Bloed => belangrijkste functie is transport
Transporteert:
- Zuurstof
- Koolstofdioxide
- Voedingsstoffen
- Afvalstoffen en medicijnstoffen
- Hormonen
1. Slagaders = Bloed afvoeren van hart naar organen toe
→ Vernoemd naar het orgaan waar ze bloed naar toe brengen.
- Zuurstofrijk bloed (behalve longslagader)
De wanden van slagaders:
- Dunne binnenlaag van dekweefsel
- Basale membraan
- Houdt de cellen stevig bijeen en voorkomt onder andere het ongewenst in
het bloed binnendringen van losgeslagen tumorcellen
- Dikke middenlaag van glad spierweefsel → meer spieren, omdat er een hoge druk
op staat waar ze het bloed doorheen moeten vervoeren
- Buitenlaag van bindweefsel
2. Aders = Bloed toevoer van de organen naar het hart
→ Vernoemd naar orgaan waar ze het bloed van afvoeren
- Zuurstofarm bloed (behalve longader)
De wanden van aders:
- Dunne binnenlaag van dekweefsel
- Basale membraan
- Houdt de cellen stevig bijeen en voorkomt onder
andere het ongewenst in het bloed binnendringen van losgeslagen
tumorcellen
- Dunnere middenlaag van glad spierweefsel
- Buitenlaag van bindweefsel
Aders hebben kleppen → hierdoor kan het bloed alleen voorruit en niet achteruit
Hoe komt bloed weer terug vanuit het hart?:
, Isabeau Adorf
- Door middel van de kleppen in de aders
- Door middel van het samentrekken van de spieren om de aders heen
3. Haarvaten = Kleine bloedvaatjes die rondom de organen liggen.
→ Ze geven zuurstof en voedingsstoffen aan de organen en nemen afvalstoffen op en
voeren die af.
→ Door grote diameter van een haarvat → lage stroomsnelheid in de haarvaten → biedt
bloed genoeg tijd voor de uitwisseling van stoffen met de cellen eromheen
Slagaders vertakken in steeds dunnere slagaders en uiteindelijk in haarvaten.
→ De wand van een haarvat → één cellaag dik.
- Tussen de cellen van een haarvat zitten kleine openingen
- Stoffen kunnen gemakkelijk vanuit het bloed in de haarvaten via de
weefselvloeistof naar de cellen komen of in omgekeerde richting
vanuit de cellen naar het bloed in de haarvaten toe gaan.
Kringspiertjes om de kleinste slagaders beïnvloeden de hoeveelheid bloed in de
haarvaten en daarmee de doorbloeding van de organen en weefsels
→ Samentrekken => lagere doorbloeding
→ Ontspannen => hogere doorbloeding
Gladde haarvatcellen Haarvatcellen met poriën Bloedsinusvormende
haarvatcellen
- Hersenen Open structuur
- Glomerulus
- Alvleesklier - Lever
- Milt
- Rode beenmerg
De aorta is de grote lichaamsslagader waardoor het O2-rijke bloed vanuit het hart het
lichaam instroomt → de aorta vertakt zich in slagaders naar de verschillende organen toe
- Eerste vertakking van de aorta => kransslagader => voert O2-rijk bloed aan dat voor
de hartspier zelf is
Open en gesloten bloedsomloop:
- Gesloten bloedsomloop = het bloed stroomt door een gesloten systeem en verlaat
het bloed het systeem niet
- Open bloedsomloop = Het bloed verlaat de bloedvaten. Het bloed stroomt los door
het lichaam heen naar de organen en komt daarna weer terug in het hart terecht.
Biologie 5 vwo
Samenvattingen
Hoofdstuk 9 - Bloedsomloop
Bloed => belangrijkste functie is transport
Transporteert:
- Zuurstof
- Koolstofdioxide
- Voedingsstoffen
- Afvalstoffen en medicijnstoffen
- Hormonen
1. Slagaders = Bloed afvoeren van hart naar organen toe
→ Vernoemd naar het orgaan waar ze bloed naar toe brengen.
- Zuurstofrijk bloed (behalve longslagader)
De wanden van slagaders:
- Dunne binnenlaag van dekweefsel
- Basale membraan
- Houdt de cellen stevig bijeen en voorkomt onder andere het ongewenst in
het bloed binnendringen van losgeslagen tumorcellen
- Dikke middenlaag van glad spierweefsel → meer spieren, omdat er een hoge druk
op staat waar ze het bloed doorheen moeten vervoeren
- Buitenlaag van bindweefsel
2. Aders = Bloed toevoer van de organen naar het hart
→ Vernoemd naar orgaan waar ze het bloed van afvoeren
- Zuurstofarm bloed (behalve longader)
De wanden van aders:
- Dunne binnenlaag van dekweefsel
- Basale membraan
- Houdt de cellen stevig bijeen en voorkomt onder
andere het ongewenst in het bloed binnendringen van losgeslagen
tumorcellen
- Dunnere middenlaag van glad spierweefsel
- Buitenlaag van bindweefsel
Aders hebben kleppen → hierdoor kan het bloed alleen voorruit en niet achteruit
Hoe komt bloed weer terug vanuit het hart?:
, Isabeau Adorf
- Door middel van de kleppen in de aders
- Door middel van het samentrekken van de spieren om de aders heen
3. Haarvaten = Kleine bloedvaatjes die rondom de organen liggen.
→ Ze geven zuurstof en voedingsstoffen aan de organen en nemen afvalstoffen op en
voeren die af.
→ Door grote diameter van een haarvat → lage stroomsnelheid in de haarvaten → biedt
bloed genoeg tijd voor de uitwisseling van stoffen met de cellen eromheen
Slagaders vertakken in steeds dunnere slagaders en uiteindelijk in haarvaten.
→ De wand van een haarvat → één cellaag dik.
- Tussen de cellen van een haarvat zitten kleine openingen
- Stoffen kunnen gemakkelijk vanuit het bloed in de haarvaten via de
weefselvloeistof naar de cellen komen of in omgekeerde richting
vanuit de cellen naar het bloed in de haarvaten toe gaan.
Kringspiertjes om de kleinste slagaders beïnvloeden de hoeveelheid bloed in de
haarvaten en daarmee de doorbloeding van de organen en weefsels
→ Samentrekken => lagere doorbloeding
→ Ontspannen => hogere doorbloeding
Gladde haarvatcellen Haarvatcellen met poriën Bloedsinusvormende
haarvatcellen
- Hersenen Open structuur
- Glomerulus
- Alvleesklier - Lever
- Milt
- Rode beenmerg
De aorta is de grote lichaamsslagader waardoor het O2-rijke bloed vanuit het hart het
lichaam instroomt → de aorta vertakt zich in slagaders naar de verschillende organen toe
- Eerste vertakking van de aorta => kransslagader => voert O2-rijk bloed aan dat voor
de hartspier zelf is
Open en gesloten bloedsomloop:
- Gesloten bloedsomloop = het bloed stroomt door een gesloten systeem en verlaat
het bloed het systeem niet
- Open bloedsomloop = Het bloed verlaat de bloedvaten. Het bloed stroomt los door
het lichaam heen naar de organen en komt daarna weer terug in het hart terecht.