Definitie van achtergrondstraling
Achtergrondstraling: Vastgelegde straling die niet afkomstig is uit het weefsel of
orgaan van interesse.
Achtergrondstraling = achtergrond = background = achtergrondactiviteit.
Waar komt de achtergrondstraling vandaan?
1. Straling van buiten de patiënt
2. Straling uit de patiënt zelf
Straling van buiten de patiënt
Kosmische straling (verwaarloosbaar klein)
Door sterren en sterrenstelsels die gamma-/röntgenstraling uitzenden. Bijv. de
zon.
Straling uit de aardbol (verwaarloosbaar klein)
Door stralingsbronnen. Bijv. uranium en radium overal in de aardbol.
Contaminatie (=besmetting)
Urine, bloed enz. op huid/kleding/tafel. Morsen van radioactiviteit bij injectie.
Röntgenapparatuur
Vooral de CT geeft storende beelden op het scintigram.
Overige stralingsbronnen
Andere radioactieve patiënten, met radioactiviteit gevulde spuitjes, radioactief
afval.
Straling uit de patiënt zelf
Afhankelijk van het toegediende radiofarmacon, de manier van toedienen en de functie
van de organen worden sommige weefsels duidelijker weergegeven dan andere weefsels
doordat:
1. Het weefsel is beter doorbloed dan de omgeving.
2. Het weefsel krijgt het radiofarmacon aangeleverd door ander weefsel.
3. Het weefsel extraheert en stapelt het radiofarmacon uit het bloed.
4. Het weefsel extraheert het radiofarmacon uit het bloed en houdt het vast voor
langere tijd.
5. De activiteit is rechtstreeks in een holte gebracht.
Meest ideale situatie: radiofarmacon wordt na intraveneuze injectie geëxtraheerd door
één soort weefsel, stapelt het en houdt het zolang mogelijk vast. Dit bestaat niet. Er zal
altijd ook door andere weefsels opgenomen worden en een deel achterblijven in het
bloed. Dit kan ook voordelig werken in het geval het radiofarmacon wordt opgenomen
door een tumor.
Te zien is dat de nieren meer activiteit bevatten dan omgevende organen. Deze activiteit
is niet alleen afkomstig uit de nieren. Dor twee redenen wordt ook andere activiteit
weergegeven: