1
SAMENVATTING PROBLEMEN
& HOORCOLLEGE’S
Blok 2.1 - Grondslagen van de Criminologie ( RC211 )
Inhoudsopgave
Ketters & heksen...................................................................................2
Ketter & kettervervolgingen....................................................................................2
Heksen & heksenvervolgingen................................................................................4
Rechtvaardiging vervolgingen.................................................................................6
Thomas Hobbes over de samenleving......................................................7
Wie was hij...............................................................................................................7
Geweld.....................................................................................................................7
Staatsgezag.............................................................................................................8
Straffen....................................................................................................................9
Contract.................................................................................................................11
Oorlog....................................................................................................................11
Locke, Rousseau & Beccaria over de samenleving..................................12
Locke.....................................................................................................................12
Rousseau...............................................................................................................15
Beccaria.................................................................................................................16
Ontwikkeling criminologie....................................................................18
Ontwikkeling criminaliteit......................................................................................18
Ontwikkeling wetenschap......................................................................................20
Oorzaken criminaliteit..........................................................................22
Lacassagne............................................................................................................22
Bonger...................................................................................................................23
Wichmann..............................................................................................................23
Criminologie toegepast in de politiek....................................................25
Politie & recherche.................................................................................................25
Nazi-Duitsland........................................................................................................26
, 2
Sovjet-Unie............................................................................................................26
Nederland..............................................................................................................27
Sociale kwestie......................................................................................................28
Kant, Beccaria & Bentham over de Stromingen......................................29
Utilisme..................................................................................................................29
Retributivisme........................................................................................................30
Kant.......................................................................................................................30
Beccaria.................................................................................................................31
Bentham................................................................................................................33
Schadebeginselen................................................................................ 34
Mill.........................................................................................................................34
Devlin.....................................................................................................................36
(On)veiligheid...................................................................................... 37
Hobbes...................................................................................................................37
Soorten veiligheid..................................................................................................38
Milieucriminaliteit..................................................................................................40
Gevangenis............................................................................................................40
KETTERS & HEKSEN
KETTER & KETTERVERVOLGINGEN
- Periode:
o Geen nationale staat (regering, rechters, politie, openbaar ministerie,
wetboek, etc.).
o Tweezwaardenleer: keizer (wereldlijke macht) en Paus (geestelijke
macht).
o Godsdienstoorlogen: oorlogen tussen de verschillende geloven.
Eenheid en bindende kracht van (straf)recht door de kerk valt
weg.
, 3
Er komt een nieuwe grondslag voor het recht: sociale
contractdenkers.
- Ketter:
o Een persoon die opzettelijk in tegenspraak is geraakt met de
fundamentele geloofsleer van een geloofsgemeenschap (in die tijd
katholicisme).
o Personen zijn wel christelijk opgevoed en zijn daarom niet ongelovigen.
- Ketterij:
o Een gewetensdelict (manier van denken).
o Verschillende misdrijven: bijvoorbeeld Joodse en Moorse (islamitische)
praktijken, het geloof van de illuminaten, protestantisme (lutheraans)
en Godslastering.
- Inquisitierechtbank:
o Genoot onbegrensde bevoegdheden:
Opsporen, aanklagen, voorleiden en veroordelen.
o Moesten verdachte tot een bekentenis bewegen en ketters bekeren tot
‘het ware geloof’.
- Kettervervolging:
o Opsporen, aanklagen en terechtstellen van personen die aan ketterij
doen door de inquisitierechtbank.
o Persoon was bij voorbaat schuldig en moest zijn onschuld bewijzen.
o Gebaseerd op getuigenissen, onderzoek van de inquisiteur of
zelfbeschuldiging.
o Er waren ook minder zware straffen die opgelegd konden worden
(spijtbetuiging, boete, gevangenisstraf).
- Stappenplan van de kettervervolgingen volgens Max F.:
o 1) Arrestatie en sekwestratie:
Verdachte wordt opgepakt en opgesloten.
Spullen worden in beslag genomen (sekwestratie).
o 2) Opstarten van het proces:
Aanklacht wordt bestudeerd door theologen
(geloofsonderzoekers) en er wordt een rapport opgemaakt.
Verdachte verdwijnt uit het leven.
o 3) Verblijf in de gevangenis:
Ketters komen in geheime gevangenissen die heel somber en
ongezond zijn.
Leefde in isolatie in de hoop dat hij over zijn fouten zou gaan
nadenken.
o 4) De verhoren:
, 4
Vragen over identiteit, zijn leven en personen met wie hij omging
of heeft ontmoet.
Er werd niet verteld waarvan je beschuldigd werd.
o 5) De beschuldiging:
De aanklager spreekt zijn beschuldigingen uit met strenge en
harde bewoordingen.
De verdachte werd geen concrete informatie gegeven zodat de
kans ontstond hij zich zou gaan verdedigen. Dit leverde de
aanklager extra informatie op om te gebruiken in hun voordeel.
o 6) De foltering:
Marteling om informatie en een bekentenis los te maken bij de
verdachte.
Officieel mag een verdachte één keer gefolterd worden, maar dit
gebeurde echter vaak meerdere keren.
o 7) Het vonnis:
Verdachte werd (met of zonder bekentenis) hoe dan ook schuldig
bevonden omdat vrijspraak verboden en enorm complex was.
Dit vonnis werd geheimgehouden voor de verdachte.
o 8) Het ‘auto-da-fe’ (daad van geloof):
Publiekelijke vernietiging van ketters.
HEKSEN & HEKSENVERVOLGINGEN
- Heksen:
o Personen aan wie bovennatuurlijke krachten worden toegekend.
o Bijvoorbeeld het betoveren van mensen en dieren, schade veroorzaken
of genezen.
- Heksenhamer ‘Malleus Maleficarum’ :
o Geschreven onder direct gezag van de Paus en dus een goed voorbeeld
van geloofsdwang.
o Werd het handboek voor heksenjagers waarin duidelijk beschreven
stond hoe heksen ondervraagd moesten worden en welke
foltermethoden het meest effectief zijn.
o Bestaat uit drie delen: bewijzen dat hekserij bestaat, vertellen welke
vormen hekserij aanneemt en beschrijven hoe heksen herkend,
voorgeleid en berecht kunnen worden.
- Heksenvervolging:
o Er moesten twee burgemeesters en negen schepenen kennisnemen van
het proces.
o Twee soorten procedures:
SAMENVATTING PROBLEMEN
& HOORCOLLEGE’S
Blok 2.1 - Grondslagen van de Criminologie ( RC211 )
Inhoudsopgave
Ketters & heksen...................................................................................2
Ketter & kettervervolgingen....................................................................................2
Heksen & heksenvervolgingen................................................................................4
Rechtvaardiging vervolgingen.................................................................................6
Thomas Hobbes over de samenleving......................................................7
Wie was hij...............................................................................................................7
Geweld.....................................................................................................................7
Staatsgezag.............................................................................................................8
Straffen....................................................................................................................9
Contract.................................................................................................................11
Oorlog....................................................................................................................11
Locke, Rousseau & Beccaria over de samenleving..................................12
Locke.....................................................................................................................12
Rousseau...............................................................................................................15
Beccaria.................................................................................................................16
Ontwikkeling criminologie....................................................................18
Ontwikkeling criminaliteit......................................................................................18
Ontwikkeling wetenschap......................................................................................20
Oorzaken criminaliteit..........................................................................22
Lacassagne............................................................................................................22
Bonger...................................................................................................................23
Wichmann..............................................................................................................23
Criminologie toegepast in de politiek....................................................25
Politie & recherche.................................................................................................25
Nazi-Duitsland........................................................................................................26
, 2
Sovjet-Unie............................................................................................................26
Nederland..............................................................................................................27
Sociale kwestie......................................................................................................28
Kant, Beccaria & Bentham over de Stromingen......................................29
Utilisme..................................................................................................................29
Retributivisme........................................................................................................30
Kant.......................................................................................................................30
Beccaria.................................................................................................................31
Bentham................................................................................................................33
Schadebeginselen................................................................................ 34
Mill.........................................................................................................................34
Devlin.....................................................................................................................36
(On)veiligheid...................................................................................... 37
Hobbes...................................................................................................................37
Soorten veiligheid..................................................................................................38
Milieucriminaliteit..................................................................................................40
Gevangenis............................................................................................................40
KETTERS & HEKSEN
KETTER & KETTERVERVOLGINGEN
- Periode:
o Geen nationale staat (regering, rechters, politie, openbaar ministerie,
wetboek, etc.).
o Tweezwaardenleer: keizer (wereldlijke macht) en Paus (geestelijke
macht).
o Godsdienstoorlogen: oorlogen tussen de verschillende geloven.
Eenheid en bindende kracht van (straf)recht door de kerk valt
weg.
, 3
Er komt een nieuwe grondslag voor het recht: sociale
contractdenkers.
- Ketter:
o Een persoon die opzettelijk in tegenspraak is geraakt met de
fundamentele geloofsleer van een geloofsgemeenschap (in die tijd
katholicisme).
o Personen zijn wel christelijk opgevoed en zijn daarom niet ongelovigen.
- Ketterij:
o Een gewetensdelict (manier van denken).
o Verschillende misdrijven: bijvoorbeeld Joodse en Moorse (islamitische)
praktijken, het geloof van de illuminaten, protestantisme (lutheraans)
en Godslastering.
- Inquisitierechtbank:
o Genoot onbegrensde bevoegdheden:
Opsporen, aanklagen, voorleiden en veroordelen.
o Moesten verdachte tot een bekentenis bewegen en ketters bekeren tot
‘het ware geloof’.
- Kettervervolging:
o Opsporen, aanklagen en terechtstellen van personen die aan ketterij
doen door de inquisitierechtbank.
o Persoon was bij voorbaat schuldig en moest zijn onschuld bewijzen.
o Gebaseerd op getuigenissen, onderzoek van de inquisiteur of
zelfbeschuldiging.
o Er waren ook minder zware straffen die opgelegd konden worden
(spijtbetuiging, boete, gevangenisstraf).
- Stappenplan van de kettervervolgingen volgens Max F.:
o 1) Arrestatie en sekwestratie:
Verdachte wordt opgepakt en opgesloten.
Spullen worden in beslag genomen (sekwestratie).
o 2) Opstarten van het proces:
Aanklacht wordt bestudeerd door theologen
(geloofsonderzoekers) en er wordt een rapport opgemaakt.
Verdachte verdwijnt uit het leven.
o 3) Verblijf in de gevangenis:
Ketters komen in geheime gevangenissen die heel somber en
ongezond zijn.
Leefde in isolatie in de hoop dat hij over zijn fouten zou gaan
nadenken.
o 4) De verhoren:
, 4
Vragen over identiteit, zijn leven en personen met wie hij omging
of heeft ontmoet.
Er werd niet verteld waarvan je beschuldigd werd.
o 5) De beschuldiging:
De aanklager spreekt zijn beschuldigingen uit met strenge en
harde bewoordingen.
De verdachte werd geen concrete informatie gegeven zodat de
kans ontstond hij zich zou gaan verdedigen. Dit leverde de
aanklager extra informatie op om te gebruiken in hun voordeel.
o 6) De foltering:
Marteling om informatie en een bekentenis los te maken bij de
verdachte.
Officieel mag een verdachte één keer gefolterd worden, maar dit
gebeurde echter vaak meerdere keren.
o 7) Het vonnis:
Verdachte werd (met of zonder bekentenis) hoe dan ook schuldig
bevonden omdat vrijspraak verboden en enorm complex was.
Dit vonnis werd geheimgehouden voor de verdachte.
o 8) Het ‘auto-da-fe’ (daad van geloof):
Publiekelijke vernietiging van ketters.
HEKSEN & HEKSENVERVOLGINGEN
- Heksen:
o Personen aan wie bovennatuurlijke krachten worden toegekend.
o Bijvoorbeeld het betoveren van mensen en dieren, schade veroorzaken
of genezen.
- Heksenhamer ‘Malleus Maleficarum’ :
o Geschreven onder direct gezag van de Paus en dus een goed voorbeeld
van geloofsdwang.
o Werd het handboek voor heksenjagers waarin duidelijk beschreven
stond hoe heksen ondervraagd moesten worden en welke
foltermethoden het meest effectief zijn.
o Bestaat uit drie delen: bewijzen dat hekserij bestaat, vertellen welke
vormen hekserij aanneemt en beschrijven hoe heksen herkend,
voorgeleid en berecht kunnen worden.
- Heksenvervolging:
o Er moesten twee burgemeesters en negen schepenen kennisnemen van
het proces.
o Twee soorten procedures: