Hoofdgroepen van materialen:
1. Silicaten en keramische materialen
(Natuursteen, kunststeen en glas)
Het zij verbindingen van metalen met zuurstof (oxiden), stikstof (nitriden) en zwavel (sulfiden).
Ze zijn hittebestendiger en sterker dan metalen en polymeren, maar veel brosser.
2. Metalen
Staal, non-ferrometalen en legering)
Meestal combinaties van zuivere metalen, legeringen genoemd. Ze bevatten grote aantallen
vrije elektronen.
3. Polymeren
(Hout en kunststoffen)
Ze bestaan uit organische verbindingen, van koolstof en waterstof.
4. Composieten uit 1,2 en/of 3
Combinaties van materialen zoals gewapend beton, glasvezel gevulde polyester.
Functies materialen:
Dragende functie
o Sterkte eigenschappen
o Stijfheidseigenschappen
Afsluitende functie
Verbindende functie
Scheidende functie
Beschermende functie
Materiaaleigenschappen zijn afhankelijk van:
1. Structuur
2. Productie/ hoe wordt het gemaakt
3. Prestatie die het materiaal moet leveren, voor welke functie dient het materiaal/ eis
Materiaaleigenschappen:
Chemische eigenschappen
Verband houd met de atoomstructuur en de chemische samenstelling van het materiaal.
Samenstelling: een opsomming van de elementen of chemische verbindingen waaruit dat
materiaal bestaat, onder vermelding van de gehalten waarin de bestaandelen voorkomen
Kristalstructuur: de manier waarop de atomen of moleculen van het materiaal in zich
herhalende eenheden zijn geordend.
Corrosievastheid: het vermogen van een materiaal om weerstand te bieden tegen chemische
of elektrochemische aantasting door stoffen in de omgeving.
Fysische eigenschappen
Mate van doorlaatbaarheid
Mechanische eigenschappen
Wanneer er een kracht op het materiaal worden uitgeoefend.
Keuze materialen:
1. Economische aspecten
2. Technische aspecten
3. Vormgeving
4. Toekomstige functiewijzigingen
5. Milieubelasting
6. Circulariteit
Homogeen: samenstelling in alle richtingen gelijk en gelijkmatig (staal, kunststofplaatmateriaal)
,Heterogeen: samenstelling in alle richtingen anders (hout, isolatie materiaal)
Isotoop: de eigenschappen van het materiaal zijn in alle richtingen gelijk en gelijkmatig. Een
materiaal is isotoop als het op welke plaats in het materiaal dan ook in alle richtingen gelijke
eigenschappen bezit. (Beton)
Anisotroop: de eigenschappen van het materiaal zijn niet in alle richtingen gelijk (gewalste
staalproducten, hout)
, Gebakken kunststeen:
Grof keramische producten --> baksteen en dakpannen
Fijn keramische producten --> sanitair en tegels
Ontstaan van klei
Door verwerking van natuursteen
o Mechanische verwerking
o Chemische aantasting
Daarna afzetting van de deeltjes
Samenstelling klei:
Zeer fijn zand
Kleimineralen
Ijzerverbindingen
Kalkverbindingen
Gedrag van klei:
Klei moet plastisch vervormbaar zijn (plasticiteit; het vermogen van een materiaal een gegeven vorm
te behouden zonder dat bij het vormen scheurvorming optreedt.)
Bouwmaterialen:
Baksteen
Straatsteen
Keramische gevelelementen
Keramische dakpannen
Keramische buizen
o Draineerbuizen
o Gresbuizen
Keramische tegels
o Wand- en vloertegel
o Vensterbanktegel
o Raamdorpelsteen
Steengaas
Schoorsteenpot en schoorsteenelement
Sanitair
Baksteenfabricage heeft 4 fasen:
Voorbewerken
o Ontgraven
o Samenstellen
o Mengen
Vormen van de steen
Verschillende formaten
Drogen van de gevormde steen
Bakken
Kleuren van baksteen:
Klei
o Roodbakkend ijzer
o Geelbakkend kalk
Baktemperatuur
1. Silicaten en keramische materialen
(Natuursteen, kunststeen en glas)
Het zij verbindingen van metalen met zuurstof (oxiden), stikstof (nitriden) en zwavel (sulfiden).
Ze zijn hittebestendiger en sterker dan metalen en polymeren, maar veel brosser.
2. Metalen
Staal, non-ferrometalen en legering)
Meestal combinaties van zuivere metalen, legeringen genoemd. Ze bevatten grote aantallen
vrije elektronen.
3. Polymeren
(Hout en kunststoffen)
Ze bestaan uit organische verbindingen, van koolstof en waterstof.
4. Composieten uit 1,2 en/of 3
Combinaties van materialen zoals gewapend beton, glasvezel gevulde polyester.
Functies materialen:
Dragende functie
o Sterkte eigenschappen
o Stijfheidseigenschappen
Afsluitende functie
Verbindende functie
Scheidende functie
Beschermende functie
Materiaaleigenschappen zijn afhankelijk van:
1. Structuur
2. Productie/ hoe wordt het gemaakt
3. Prestatie die het materiaal moet leveren, voor welke functie dient het materiaal/ eis
Materiaaleigenschappen:
Chemische eigenschappen
Verband houd met de atoomstructuur en de chemische samenstelling van het materiaal.
Samenstelling: een opsomming van de elementen of chemische verbindingen waaruit dat
materiaal bestaat, onder vermelding van de gehalten waarin de bestaandelen voorkomen
Kristalstructuur: de manier waarop de atomen of moleculen van het materiaal in zich
herhalende eenheden zijn geordend.
Corrosievastheid: het vermogen van een materiaal om weerstand te bieden tegen chemische
of elektrochemische aantasting door stoffen in de omgeving.
Fysische eigenschappen
Mate van doorlaatbaarheid
Mechanische eigenschappen
Wanneer er een kracht op het materiaal worden uitgeoefend.
Keuze materialen:
1. Economische aspecten
2. Technische aspecten
3. Vormgeving
4. Toekomstige functiewijzigingen
5. Milieubelasting
6. Circulariteit
Homogeen: samenstelling in alle richtingen gelijk en gelijkmatig (staal, kunststofplaatmateriaal)
,Heterogeen: samenstelling in alle richtingen anders (hout, isolatie materiaal)
Isotoop: de eigenschappen van het materiaal zijn in alle richtingen gelijk en gelijkmatig. Een
materiaal is isotoop als het op welke plaats in het materiaal dan ook in alle richtingen gelijke
eigenschappen bezit. (Beton)
Anisotroop: de eigenschappen van het materiaal zijn niet in alle richtingen gelijk (gewalste
staalproducten, hout)
, Gebakken kunststeen:
Grof keramische producten --> baksteen en dakpannen
Fijn keramische producten --> sanitair en tegels
Ontstaan van klei
Door verwerking van natuursteen
o Mechanische verwerking
o Chemische aantasting
Daarna afzetting van de deeltjes
Samenstelling klei:
Zeer fijn zand
Kleimineralen
Ijzerverbindingen
Kalkverbindingen
Gedrag van klei:
Klei moet plastisch vervormbaar zijn (plasticiteit; het vermogen van een materiaal een gegeven vorm
te behouden zonder dat bij het vormen scheurvorming optreedt.)
Bouwmaterialen:
Baksteen
Straatsteen
Keramische gevelelementen
Keramische dakpannen
Keramische buizen
o Draineerbuizen
o Gresbuizen
Keramische tegels
o Wand- en vloertegel
o Vensterbanktegel
o Raamdorpelsteen
Steengaas
Schoorsteenpot en schoorsteenelement
Sanitair
Baksteenfabricage heeft 4 fasen:
Voorbewerken
o Ontgraven
o Samenstellen
o Mengen
Vormen van de steen
Verschillende formaten
Drogen van de gevormde steen
Bakken
Kleuren van baksteen:
Klei
o Roodbakkend ijzer
o Geelbakkend kalk
Baktemperatuur