Hoofdstuk 2 deels: 2.1 t/m 2.6
Hoofdstuk 3 volledig: 3.1 t/m 3.2
Hoofdstuk 2 De stappen in het diagnostiekformat
Onderdelen van diagnostiekformat zijn D1 t/m D9. Daarnaast zijn er 2 bijlagen (hypothesen en
testresultaten), deze komen niet in het verslag. Deze bijlagen stel je op tijdens het onderzoek, bij D4,
D5 en D6.
- D1: Persoonsgegevens
- D2: Intakegegevens
- D3: Probleemanalyse
- D4: Vraagstelling voor onderzoek
- Bijlage 1: Diagnostische hypothesen
- D5: Onderzoeksmiddelen
- D6: Resultaten van het onderzoek
- Bijlage 2: Resultaten per onderzoeksmiddel en testscores
- D7: Samenvatting en conclusies
- D8: Aanbevelingen (indicatiestelling)
- D9: Adviesgesprek
De stappen in de NVO-casusbeschrijving:
1. Vraagstelling en klachtanalyse
2. Probleemanalyse
3. Diagnostisch perspectief
4. Toetsing
5. Diagnostische conclusie
6. Interventieperspectief
7. Planning van de interventies
8. Uitvoering van interventies en bijstelling
9. Evaluatie
10. Reflectie
Format handelingsgerichte diagnostiek (HGD)
1. Intakefase
2. Strategiefase
3. Onderzoeksfase
4. Integratie- en aanbevelingsfase
5. Adviesfase
2.1 D1. Persoonsgegevens
Naam client
Maak de namen geanonimiseerd in het verslag. Een gefingeerde naam mag, maar vermeld dit. Toch
geven gefingeerde namen als Lodewijk of Abdullah ook veel informatie. Het is handiger om de client
een letter of symbool toe te kennen en geen verzonnen namen.
, Geboortedatum
Geef de geboortedatum aan met het geboortejaar en eventueel de geboortenaam. Een geboortedag
is te specifiek en daarom mogelijk herleidbaar. Geef aan wanneer de geboortedatum geschat is (bij
adoptiekinderen regelmatig het geval).
Leeftijd
Noem de hele jaren en eventueel het aantal maanden.
Geslacht
Afstemming over de manier waarop het geslacht in de rapportage (niet) genoemd wordt kan
wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als de client niet wil dat het geslacht genoemd wordt of dat de client zich
anders identificeert dan het biologische geslacht. Sommige cliënten willen ‘die’, ‘hen’, ‘hun’ genoemd
worden in het verslag. Vermeld deze aanpassing in aanspreekvorm met een voetnoot bovenaan het
verslag.
Naam instelling
Namen van instellingen en vestigingsplaats moeten worden geanonimiseerd. Anders kan de
anonimiteit van de client niet worden gewaarborgd.
Datum onderzoek
Vermeld alleen het jaar en de maand van het onderzoek. Geef de dag aan met xx.
Naam school
Namen van scholen en de plaats worden niet genoemd. Vermeld wel of het speciaal of regulier
onderwijs betreft. Dit geldt ook voor cliënten op de middelbare school of vervolgopleiding. Vernoem
havo, mbo-niveau 2, etc. Namen van leerkrachten/docenten worden ook geanonimiseerd.
Groep/klas
Noem de klas of groep en het schoolverloop. Bijvoorbeeld: 1, 2, 3, 3, 4, betekent dat het kind in
groep 3 doubleerde. Voorbeeld schoolverloop bij een jongere: basisschool: 1, 2, 3, 3, 4, 5, 6, 7, 8;
voortgezet onderwijs: 1 vmbo-t, 2-vmbo-k.
Naam en adres ouders
De namen van ouders anonimiseren en overige gegevens weglaten.
Samenstelling gezin
Geef aan wie waar woont. Noem ook halfbrusjes en stiefbrusjes, geanonimseerd maar met leeftijd.
Vermeld wie buiten het gezin om verder met de client woont (opa, tante, etc). Geef aan of ouders
zijn gescheiden en bij wie de hoofdverblijfplaats is. Soms kan het beroep van ouders genoteerd
worden als dit van toegevoegde waarde is voor het onderzoek. Het beroep noemen is geen
voorwaarde. Let op dat het niet te herleidden valt om wie het zou kunnen gaan.
Aanmelder en verwijzer
Gaaf aan door wie de client is aangemeld. Vermeld of het om vrijwillig of gedwongen traject gaat.