- Abstract expressionisme: Amerikaanse stroming in de beeldende kunst die opkomt vanaf
1946.
- Kenmerkend: expressiviteit, improvisatie, grote formaten.
- Kunstenaars: Jackson Pollock, Mark Rothko
- Backbeat: Ritme met accenten op de tweede/vierde tel van de vierkwartsmaat. Vormt basis
van veel popnummers.
- Beatmuziek: Britse rock-‘n-roll variant die ontstaat rond 1963. Mix van rock-‘n-roll, rhythm-
and-blues en soul.
- Artiesten: The Beatles
- Bebop: Rauwe, snelle jazzstijl met veel improvisatie, meestal uitgevoerd in een kleine
bezetting van drums, bas, piano, saxofoon en trompet.
- Artiesten: Charlie Parker
- Block party: Spontaan straatfeest met muziek en dans, populair tijdens de opkomst van de
hiphopcultuur in de VS rond 1976.
- Bollywood: Bijnaam een vd grootste filmindustrieën ter wereld, gesitueerd rond Mumbai,
(voorheen Bombay) in India.
- Breaks: Instrumentale tussendelen van een popnummer. Breaks van bestaande platen
vormen vaak de basis van hiphopmuziek.
- Cliffhanger: Spannende scène in tv-serie die abrupt wordt onderbroken, waardoor de kijkers
de verdere ontwikkelingen – na het reclameblok of in de volgende aflevering – ook willen
bekijken.
- Conceptalbum: Popplaat waarbij nummers met elkaar verbonden zijn door een
overkoepelend verhaal of thema.
- Conceptuele kunst: Kunst waarbij niet de esthetiek of de vorm, maar het idee of het
artistieke concept dat de kunstenaar wil overbrengen vooropstaat. Komt sterk op vanaf
1960.
- Cool jazz: Tegenhanger van bebop rond 1950. De cool jazz klinkt helder en de puurheid van
klank staat voorop.
- Artiesten: Miles Davis
- Dance: Elektronische dansmuziek die opkomt vanaf 1980. Kenmerkend voor de dance is de
prominente rol voor het ritme en de bas.
- Artiesten: Frankie Knuckles, Daft Punk
, - Deep focus: Filmtechniek waarbij objecten of mensen op zowel voorgrond als achtergrond
scherp zijn.
- DJ: Afkorting van diskjockey: iemand die platen draait bij dansfeesten of zorgt voor de
muzikale ondersteuning bij hip-hop-optredens.
- Easy listening: Toegankelijke muziek voor een breed publiek, achtergrondmuziek.
- Eclectisch: combinatie van verschillende stijlen of stromingen.
- Existentialisme: 20e eeuw stroming in de filosofie die elert dat de mens de zin van het leven
niet kent. Het feit dat hij bestaat is op zich al zinvol.
- Filosofen: Jean-Paul Sarte, Albert Camus.
- Falsetstem: Zangtechniek waarbij er niet met de borststem maar met de kopstem (in het
falsetregister) wordt gezongen.
- Film noir: Duister misdaadverhaal. Genre uit de klassieke periode van de Hollywood film.
- Flashback: Techniek uit de film en de literatuur waarbij de kijker of lezer tijdelijk naar het
verleden wordt teruggenomen.
- Frasering: Muziekterm die duidt op de manier waarop een muzikant of zanger ritmische
accenten en pauzes plaatst binnen een muzikale frase.
- Funk: Soulvariant waarbij het accent ligt op de ritmesectie en de dansbare herhaling van
muzikale elementen.
- Artiesten: James Brown
- Gamelanmuziek: Indonesische muziekstijl waarbij er een hoofdrol is weggelegd voor
slaginstrumenten zoals drums, xylofoons en gongs.
- Global village: Wereldwijd dorp. Door opkomst van messamedia kunnen mensen
gemakkelijker communiceren en daardoor verandert de wereld in een groot dorp.
- Happening: Kunstzinnige op politieke actie in de openbare ruimte waarin het publiek vaak
een actieve rol speelt. Komt op rond 1960.
- Kunstenaars: Allen Koprow.
- Headspin: Stijlfiguur uit de breakdance waarbij de danser ronddraait op zijn hoofd.
- House: Elektronische dancemuziek die opkomt in Chicago rond 1980. Typerend voor house is
de basdrum op elke tel van de vierkwartsmaat.
- Hyperrealiteit: Concept van filosoof Jean Baudrillard om aan te geven dat er door de
overdaad aan (media) beelden geen zinvol onderscheid meer te maken is tussen beeld en
realiteit.
1946.
- Kenmerkend: expressiviteit, improvisatie, grote formaten.
- Kunstenaars: Jackson Pollock, Mark Rothko
- Backbeat: Ritme met accenten op de tweede/vierde tel van de vierkwartsmaat. Vormt basis
van veel popnummers.
- Beatmuziek: Britse rock-‘n-roll variant die ontstaat rond 1963. Mix van rock-‘n-roll, rhythm-
and-blues en soul.
- Artiesten: The Beatles
- Bebop: Rauwe, snelle jazzstijl met veel improvisatie, meestal uitgevoerd in een kleine
bezetting van drums, bas, piano, saxofoon en trompet.
- Artiesten: Charlie Parker
- Block party: Spontaan straatfeest met muziek en dans, populair tijdens de opkomst van de
hiphopcultuur in de VS rond 1976.
- Bollywood: Bijnaam een vd grootste filmindustrieën ter wereld, gesitueerd rond Mumbai,
(voorheen Bombay) in India.
- Breaks: Instrumentale tussendelen van een popnummer. Breaks van bestaande platen
vormen vaak de basis van hiphopmuziek.
- Cliffhanger: Spannende scène in tv-serie die abrupt wordt onderbroken, waardoor de kijkers
de verdere ontwikkelingen – na het reclameblok of in de volgende aflevering – ook willen
bekijken.
- Conceptalbum: Popplaat waarbij nummers met elkaar verbonden zijn door een
overkoepelend verhaal of thema.
- Conceptuele kunst: Kunst waarbij niet de esthetiek of de vorm, maar het idee of het
artistieke concept dat de kunstenaar wil overbrengen vooropstaat. Komt sterk op vanaf
1960.
- Cool jazz: Tegenhanger van bebop rond 1950. De cool jazz klinkt helder en de puurheid van
klank staat voorop.
- Artiesten: Miles Davis
- Dance: Elektronische dansmuziek die opkomt vanaf 1980. Kenmerkend voor de dance is de
prominente rol voor het ritme en de bas.
- Artiesten: Frankie Knuckles, Daft Punk
, - Deep focus: Filmtechniek waarbij objecten of mensen op zowel voorgrond als achtergrond
scherp zijn.
- DJ: Afkorting van diskjockey: iemand die platen draait bij dansfeesten of zorgt voor de
muzikale ondersteuning bij hip-hop-optredens.
- Easy listening: Toegankelijke muziek voor een breed publiek, achtergrondmuziek.
- Eclectisch: combinatie van verschillende stijlen of stromingen.
- Existentialisme: 20e eeuw stroming in de filosofie die elert dat de mens de zin van het leven
niet kent. Het feit dat hij bestaat is op zich al zinvol.
- Filosofen: Jean-Paul Sarte, Albert Camus.
- Falsetstem: Zangtechniek waarbij er niet met de borststem maar met de kopstem (in het
falsetregister) wordt gezongen.
- Film noir: Duister misdaadverhaal. Genre uit de klassieke periode van de Hollywood film.
- Flashback: Techniek uit de film en de literatuur waarbij de kijker of lezer tijdelijk naar het
verleden wordt teruggenomen.
- Frasering: Muziekterm die duidt op de manier waarop een muzikant of zanger ritmische
accenten en pauzes plaatst binnen een muzikale frase.
- Funk: Soulvariant waarbij het accent ligt op de ritmesectie en de dansbare herhaling van
muzikale elementen.
- Artiesten: James Brown
- Gamelanmuziek: Indonesische muziekstijl waarbij er een hoofdrol is weggelegd voor
slaginstrumenten zoals drums, xylofoons en gongs.
- Global village: Wereldwijd dorp. Door opkomst van messamedia kunnen mensen
gemakkelijker communiceren en daardoor verandert de wereld in een groot dorp.
- Happening: Kunstzinnige op politieke actie in de openbare ruimte waarin het publiek vaak
een actieve rol speelt. Komt op rond 1960.
- Kunstenaars: Allen Koprow.
- Headspin: Stijlfiguur uit de breakdance waarbij de danser ronddraait op zijn hoofd.
- House: Elektronische dancemuziek die opkomt in Chicago rond 1980. Typerend voor house is
de basdrum op elke tel van de vierkwartsmaat.
- Hyperrealiteit: Concept van filosoof Jean Baudrillard om aan te geven dat er door de
overdaad aan (media) beelden geen zinvol onderscheid meer te maken is tussen beeld en
realiteit.