Staande houden art 52 Sv
HBO: Het minst ingrijpende vrijheidsbeperkende dwangmiddel dat op verdachten toegepast kan
worden is de staand houding. De staand houding heeft als enige doel de identiteit van die verdachte
te achterhalen. In eerste instantie zal de staand houding worden uitgevoerd door de verdachte aan te
spreken of te vragen stil te blijven staan. Weigert de verdachte dit – wat overigens niet strafbaar is –
dan is gepast geweld toegestaan. In het kader van de staand houding zijn maatregelen die verder
gaan dan vragen stellen, niet toegestaan. De verdachte kan, op basis van zijn zwijgrecht, wel
straffeloos weigeren zijn persoonsgegevens mede te delen. Wanneer de politie de identiteit van de
verdachte wil vaststellen, kan er ook gebruik maken van de bevoegdheid tot het vorderen dat een
legitimatiebewijs wordt getoond. De verdachte is, wanneer hij ouder is dan veertien jaar, verplicht
om na zo’n vordering een geldig identiteitsbewijs te tonen.
Art. 52 Sv geeft iedere opsporingsambtenaar de bevoegdheid om de identiteit van de verdachte vast
te stellen en hem daartoe staande te houden. Die identiteitsvaststelling moet daarbij geschieden op
de wijze voorzien in de eerste volzin van art. 27a lid 1 Sv. Voor vergaand identiteitsonderzoek mag de
bevoegdheid niet worden gebruikt. Geen sprake van vrijheidsbeneming. Er mag alleen tot stilstand,
legitimatie worden gevraagd, niet gevorderd.
Autoriteit
Opsporingsambtenaar zonder voorafgaande toestemming van een superieur.
Subject
Verdachte art. 27 Sv. Dus verdenking van elk strafbaar feit, misdrijf en overtredingen. De verdachte
moet worden medegedeeld voor welk feit hij wordt staande gehouden (art 27c lid 1 Sv). Hoewel
doorgaans sprake zal zijn van ontdekking op heterdaad, beperkt de bevoegdheid zich daartoe niet.
Ook als de verdenking veel later is gerezen, mag de verdachte worden staande gehouden.
Geval
Sprake zijn van een strafbaar feit, misdrijf en overtredingen. De identiteitsvaststelling moet daarbij
geschieden op de wijze voorzien in de eerste volzin van art. 27a lid 1 Sv. Het
proportionaliteitsbeginsel brengt mee dat de dwang die opsporingsambtenaren toepassen in
redelijke verhouding moeten staan tot het beperkte doel van het staande houden en daarom slechts
bescheiden kan zijn.
Grond
Stellen van vragen (doel van staande houden).
Aanhouden
HBO: Is een vorm van vrijheidsberoving die tot doel heeft de verdachte over te brengen naar een
plaats waar hij zal worden voorgeleid aan een (hulp)officier van justitie, die hem zal verhoren.
Ontdekking op heterdaad (art 53 Sv). Hiervan is sprake wanneer het strafbare feit ontdekt wordt,
terwijl het begaan wordt of terstond nadat het begaan is. Iedereen is bevoegd om in dit geval een
verdachte aan te houden. Ontdekking buiten het geval van heterdaad (art 54 Sv). In dit geval zijn
alleen opsporingsambtenaren bevoegd de verdachte aan te houden. Niet in alle gevallen staat het
een opsporingsambtenaar vrij iemand aan te houden. Er moet worden voldaan aan drie
voorwaarden:
1. Er moet sprake zijn van een verdachte.