Vrij te laten bedrag (Vtlb)
Wanneer iemand in de Wsnp en in het minnelijke traject zit, heeft diegene het recht om een
bepaald bedrag per maand over te houden. Van het overgehouden bedrag kan iemand dan
leven. Het bedrag dat overgehouden wordt heet het vrij te laten bedrag (Vtlb).
Het berekenen van het Vtlb kent drie stappen.
Stap 1:
Allereerst wordt de beslagvrije voet berekent. De beslagvrije voet is 90% van de
bijstandsnorm.1 In sommige gevallen kan de beslagvrije voet verhoogd worden.
1. Dit gebeurt wanneer de woonkosten min de huurtoeslag boven het drempelbedrag
van €204,43 ligt.2 Het bedrag wat hij aan huurtoeslag kan ontvangen wordt
gecompenseerd (boek 9.8)
2. Daarnaast wordt de beslagvrije voet verhoogt met alle
ziektekostenverzekeringspremies min de ontvangen zorgtoeslag.3 Ook de
aanvullende premies tellen mee.
3. Ten derde kan de beslagvrije voet verhoogd worden als iemand geen of minder
kindgebonden budget ontvangt, maar daar wel recht op heeft.4 Het verschil tussen
het maximale te ontvangen bedrag en het daadwerkelijke ontvangen bedrag wordt
gecompenseerd.
Stap 2:
De beslagvrije voet kan bij de tweede stap verhoogd worden met de reserveringstoeslag,
arbeidstoeslag en de correctie voor het eigen risico van de zorgverzekering.5
1. De reserveringskosten bedraagt 5% van de bijstandsnorm. Dit dient als reservering
voor grotere uitgaves zoals wasmachines en niet verzekerde tandartskosten.6
2. De arbeidstoeslag bedraagt 5% van de bijstandsnorm als tegemoetkoming voor
kosten die je maakt voor je werk. Denk aan reiskosten of kleding. Je moet hier
minimaal 18 uur per week voor werken.
3. Als derde kan de beslagvrije voet verhoogd worden met het verplichte eigen risico
voor de ziektekostenverzekering, behalve als deze is afgekocht.
Stap 3:
Bij de derde stap beslist de rechter-commissaris of er meer correcties worden toe gepast.
Denk hierbij aan een auto die noodzakelijk is voor het werk of aan kosten voor de
kinderopvang.7
1
Art. 475d lid 1 Rv.
2
Art. 475d lid 4 sub b Rv jo Art. 17 lid 2 Wet op huurtoeslag.
3
Art. 475d lid 4 sub a.
4
Art. 475d lid 4 sub c Rv jo art. 2-6 wet op het kindgebonden budget.
5
Art. 295 lid 3 Fw.
6
Art. 475d lid 5 Rv.
7
Art. 295 lid 3 Fw.
,