Hoofdstuk 10 ioniserende straling
10.1 Soorten straling
Wanneer de energie van de fotonen in elektromagnetische straling groot genoeg is, dan kunnen ze
atomen of moleculen ioniseren. Er komt een elektron vrij en er blijft een positief geladen ion achter.
Vanaf een energie van 10 eV raken vrijwel alle stoffen geïoniseerd.
ioniserende straling à straling met fotonen boven de 10 eV
ultravioletstraling (uv) à een straling tussen de 4 en 125 eV
vanaf de 125 eV volgen, met oplopende energie, zachte röntgenstraling,
harde röntgenstraling, zachte gamma straling en daarna harde gamma
straling. Binas tabel 19B
Gamma straling word binnen een magneetveld niet afgebogen en bevat dus
deeltjes zonder een lading. De alfa en bèta straling bevatten deeltje met
lading en deze buigen dus wel af.
de Alfastraling bestaat uit kernen van helium atomen ( 2 protonen en 2 neutronen). Alfa deeltjes
verliezen in vergelijking tot de bèta deeltjes snel hun energie zonder dat hun snelheid veranderd. Een
alfa straling heeft wel een groter ioniserend vermogen dan een bèta straling maar het doordringend
vermogen is juist weer kleiner
de bèta- straling staat uit elektronen. Bèta- straling veroorzaakt per afgelegde afstand in een stof
minder ionisatie van een alfastraling. Het ioniserend vermogen van bètastraling is dus lager dan dat
van alfastraling. Het heeft dus ook een groter doordringbaar vermogen
Soort straling Ioniserend? Soort deeltje Lading (e) Massa (u) Formule energie
Alfa Ja Heliumkern +2 4 Ek= ½ x m x v2
Bèta - Ja Elektron -1 0,5x10^-3 Ek= ½ x m x v2
Gamma Ja Foton 0 0 Ef = h x f
Radio Nee Foton 0 0 Ef = h x f
10.2 Gezondheidseffecten van straling
Straling veroorzaakt schade aan weefsel door ionisatie. De stralingsdosis (ofwel dosis) geeft de
hoeveelheid energie aan van ioniserende straling die per kilogram materie wordt geabsorbeerd
D=E/m D = de stralingsdosis in gray (Gy)
E = de geabsorbeerde energie in Joule (J)
m = de massa van de stof die de straling absorbeert in (Kg)
In de gezondheidszorg word ook gebruik gemaakt van ioniserende straling. Zoals bij radiotherapie,
door tumoren te bestralen ontstaat er schade aan de cellen, deze schade kunnen de tumorcellen
vaak niet meer repareren en sterven dus af. De goede cellen in het lichaam zijn vaak wel in staat deze
schaden te herstellen. Brachytherapie is hetzelfde als radiotherapie alleen bevind de bron zich in het
lichaam.
Met de equivalente dosis kun je het effecten van de verschillende soorten stralingen vergelijken.
10.1 Soorten straling
Wanneer de energie van de fotonen in elektromagnetische straling groot genoeg is, dan kunnen ze
atomen of moleculen ioniseren. Er komt een elektron vrij en er blijft een positief geladen ion achter.
Vanaf een energie van 10 eV raken vrijwel alle stoffen geïoniseerd.
ioniserende straling à straling met fotonen boven de 10 eV
ultravioletstraling (uv) à een straling tussen de 4 en 125 eV
vanaf de 125 eV volgen, met oplopende energie, zachte röntgenstraling,
harde röntgenstraling, zachte gamma straling en daarna harde gamma
straling. Binas tabel 19B
Gamma straling word binnen een magneetveld niet afgebogen en bevat dus
deeltjes zonder een lading. De alfa en bèta straling bevatten deeltje met
lading en deze buigen dus wel af.
de Alfastraling bestaat uit kernen van helium atomen ( 2 protonen en 2 neutronen). Alfa deeltjes
verliezen in vergelijking tot de bèta deeltjes snel hun energie zonder dat hun snelheid veranderd. Een
alfa straling heeft wel een groter ioniserend vermogen dan een bèta straling maar het doordringend
vermogen is juist weer kleiner
de bèta- straling staat uit elektronen. Bèta- straling veroorzaakt per afgelegde afstand in een stof
minder ionisatie van een alfastraling. Het ioniserend vermogen van bètastraling is dus lager dan dat
van alfastraling. Het heeft dus ook een groter doordringbaar vermogen
Soort straling Ioniserend? Soort deeltje Lading (e) Massa (u) Formule energie
Alfa Ja Heliumkern +2 4 Ek= ½ x m x v2
Bèta - Ja Elektron -1 0,5x10^-3 Ek= ½ x m x v2
Gamma Ja Foton 0 0 Ef = h x f
Radio Nee Foton 0 0 Ef = h x f
10.2 Gezondheidseffecten van straling
Straling veroorzaakt schade aan weefsel door ionisatie. De stralingsdosis (ofwel dosis) geeft de
hoeveelheid energie aan van ioniserende straling die per kilogram materie wordt geabsorbeerd
D=E/m D = de stralingsdosis in gray (Gy)
E = de geabsorbeerde energie in Joule (J)
m = de massa van de stof die de straling absorbeert in (Kg)
In de gezondheidszorg word ook gebruik gemaakt van ioniserende straling. Zoals bij radiotherapie,
door tumoren te bestralen ontstaat er schade aan de cellen, deze schade kunnen de tumorcellen
vaak niet meer repareren en sterven dus af. De goede cellen in het lichaam zijn vaak wel in staat deze
schaden te herstellen. Brachytherapie is hetzelfde als radiotherapie alleen bevind de bron zich in het
lichaam.
Met de equivalente dosis kun je het effecten van de verschillende soorten stralingen vergelijken.