Hoofdstuk 1
● herontdekking van de oudheid
● mens werd veel zelfbewuster = antropocentrisch
● motto: carpe diem
● ideaal van het humanisme - rede/verstand allesbepalend
● uomo universale - beheerst literatuur, wetenschap & kunst
● ontdekkingsreizen & nieuwe producten, technieken, etc.
● kritiek op kerk - aflatenhandel, reformatie terug naar oorsprong geloof
● kunst van de elite - palazzo’s, tuinen, villa’s
Hoofdstuk 2
Ridderlijk gedrag belangrijker dan adellijke afkomst v/d oude krijgs- en landadel.
Laat zien dat je erbij hoort. Voor adel zelf: zeer belangrijk om zich te handhaven in
de samenleving. Idee van ridderlijkheid hetzelfde als hoffelijkheid. Ridderlijk
gedrag leer je het best aan een hof. Liefde is bij een huwelijk nauwelijks
belangrijk, vaak gewoon strategisch => hofcultuur en hoofse liefde ontstaan.
- Eer belangrijker dan moed
- Hoveling moet alles wat hij doet vlot en moeiteloos doen/laten lijken,
zichtbare inspanning niet gracieus en gepast, laten meeslepen door
emoties voor gewone sterveling
- Hoveling moet niet indruk krijgen dat het leven aan het hof saai en
vervelend is
- Moet sprezzatura, esprit hebben -> verbale gevatheid en natuurlijke,
nonchalante gratie. Galant, sportief en gentle stammen uit de hoveling
Normen & waarden:
- moed
- heldhaftigheid
- trouw
Sociale vaardigheden (om iets diplomatiek op te lossen of gunst van heer te
verwerven):
- spreekvaardigheid
- zelfbeheersing (ook getraind in allerlei gevechtstechnieken)
- goede manieren (lichaam én geest moesten één zijn: in harmonie)
Vechter: (?)
- schreef gedichten/poëzie & liederen
- literatuur/filosofie
Deze vaardigheden van de hoveling waren erop gericht om belangrijk te worden,
carrière te maken aan het hof, maar ook om vrouwen te behagen. Partner vinden
kost veel tijd -> aandacht gaat naar echtgenote van de heer, machtigste vrouw
aan het hof.
Zij is het middelpunt van een wedstrijd om haar gunst -> liederen & gedichten
worden geschreven, men debatteert & discussieert om goede indruk te maken:
minzame glimlach is beloning. Dit is bron voor ontwikkeling hoffelijk gedrag.
, Baldassare Castiglione, graaf van Novellata
In zijn boek Il libro del Cortegiano (groot succes) beschrijving van beeld waaraan
de ideale hoveling moet voldoen:
- musiceren
- dansen & zingen
Iemand van adel moet ook kunnen:
- paardrijden, jagen, vechten met verschillende wapens
- verstand hebben van rechtspraak, klassieken, wetenschap en kunst.
In Florence was er tussen 1434 en 1494 een periode van vrede en welvaart. Dit
werd de Gouden Eeuw van Florence.
Hof van De’ Medici
● oorspronkelijk een internationale bankiersfamilie
● sponsoorde veel kunstenaars die juist over alledaagse onderwerpen
kunstwerken maakten
● Cosimo de’ Medici de macht in Florence (1434)
● Er ontstaat een van de grootste textielmarkten -> wordt de machtigste
bankiersstad van de wereld.
● Florence: republiek, maar hij heeft het voor het zeggen.
● Hof wordt een ontmoetingsplaats van geleerden en kunstenaars;
gediscussieerd en gemusiceerd
● Overal in Europa politieke invloed & brengt talrijke kardinalen en zelfs
drietal pausen voort
● In late middeleeuwen: gilden machtig, spelen een grote rol in het
stadsbestuur
● Adel moet zich vestigen in stad (om nog invloed te hebben) - stadspaleizen
(palazzi) gebouwd & beschikt ook over villa’s en buitenhuizen op hun
landgoederen
● Kloosters & kerken verzamelen veel werelds bezit en daarmee macht
● Lorenzo de’ Medici de macht (1469); idealen humanisme weg
Machiavelli (1469-1527)
● humanist en politicus
● Volgens hem moet een vorst geen last hebben:
○ van een geweten of moraal
○ is alles toegestaan in het belang van de staat
○ politiek heeft als doel: het behouden & vergroten van de macht;
succes daarin is enige maatstaf
● Zijn ideaal: een republiek die willekeur uitsluit & gelijkheid van burgers
garandeert.
○ Niet mogelijk: herstel van een sterk, centraal bestuur door een
sterke man, een vorst
● herontdekking van de oudheid
● mens werd veel zelfbewuster = antropocentrisch
● motto: carpe diem
● ideaal van het humanisme - rede/verstand allesbepalend
● uomo universale - beheerst literatuur, wetenschap & kunst
● ontdekkingsreizen & nieuwe producten, technieken, etc.
● kritiek op kerk - aflatenhandel, reformatie terug naar oorsprong geloof
● kunst van de elite - palazzo’s, tuinen, villa’s
Hoofdstuk 2
Ridderlijk gedrag belangrijker dan adellijke afkomst v/d oude krijgs- en landadel.
Laat zien dat je erbij hoort. Voor adel zelf: zeer belangrijk om zich te handhaven in
de samenleving. Idee van ridderlijkheid hetzelfde als hoffelijkheid. Ridderlijk
gedrag leer je het best aan een hof. Liefde is bij een huwelijk nauwelijks
belangrijk, vaak gewoon strategisch => hofcultuur en hoofse liefde ontstaan.
- Eer belangrijker dan moed
- Hoveling moet alles wat hij doet vlot en moeiteloos doen/laten lijken,
zichtbare inspanning niet gracieus en gepast, laten meeslepen door
emoties voor gewone sterveling
- Hoveling moet niet indruk krijgen dat het leven aan het hof saai en
vervelend is
- Moet sprezzatura, esprit hebben -> verbale gevatheid en natuurlijke,
nonchalante gratie. Galant, sportief en gentle stammen uit de hoveling
Normen & waarden:
- moed
- heldhaftigheid
- trouw
Sociale vaardigheden (om iets diplomatiek op te lossen of gunst van heer te
verwerven):
- spreekvaardigheid
- zelfbeheersing (ook getraind in allerlei gevechtstechnieken)
- goede manieren (lichaam én geest moesten één zijn: in harmonie)
Vechter: (?)
- schreef gedichten/poëzie & liederen
- literatuur/filosofie
Deze vaardigheden van de hoveling waren erop gericht om belangrijk te worden,
carrière te maken aan het hof, maar ook om vrouwen te behagen. Partner vinden
kost veel tijd -> aandacht gaat naar echtgenote van de heer, machtigste vrouw
aan het hof.
Zij is het middelpunt van een wedstrijd om haar gunst -> liederen & gedichten
worden geschreven, men debatteert & discussieert om goede indruk te maken:
minzame glimlach is beloning. Dit is bron voor ontwikkeling hoffelijk gedrag.
, Baldassare Castiglione, graaf van Novellata
In zijn boek Il libro del Cortegiano (groot succes) beschrijving van beeld waaraan
de ideale hoveling moet voldoen:
- musiceren
- dansen & zingen
Iemand van adel moet ook kunnen:
- paardrijden, jagen, vechten met verschillende wapens
- verstand hebben van rechtspraak, klassieken, wetenschap en kunst.
In Florence was er tussen 1434 en 1494 een periode van vrede en welvaart. Dit
werd de Gouden Eeuw van Florence.
Hof van De’ Medici
● oorspronkelijk een internationale bankiersfamilie
● sponsoorde veel kunstenaars die juist over alledaagse onderwerpen
kunstwerken maakten
● Cosimo de’ Medici de macht in Florence (1434)
● Er ontstaat een van de grootste textielmarkten -> wordt de machtigste
bankiersstad van de wereld.
● Florence: republiek, maar hij heeft het voor het zeggen.
● Hof wordt een ontmoetingsplaats van geleerden en kunstenaars;
gediscussieerd en gemusiceerd
● Overal in Europa politieke invloed & brengt talrijke kardinalen en zelfs
drietal pausen voort
● In late middeleeuwen: gilden machtig, spelen een grote rol in het
stadsbestuur
● Adel moet zich vestigen in stad (om nog invloed te hebben) - stadspaleizen
(palazzi) gebouwd & beschikt ook over villa’s en buitenhuizen op hun
landgoederen
● Kloosters & kerken verzamelen veel werelds bezit en daarmee macht
● Lorenzo de’ Medici de macht (1469); idealen humanisme weg
Machiavelli (1469-1527)
● humanist en politicus
● Volgens hem moet een vorst geen last hebben:
○ van een geweten of moraal
○ is alles toegestaan in het belang van de staat
○ politiek heeft als doel: het behouden & vergroten van de macht;
succes daarin is enige maatstaf
● Zijn ideaal: een republiek die willekeur uitsluit & gelijkheid van burgers
garandeert.
○ Niet mogelijk: herstel van een sterk, centraal bestuur door een
sterke man, een vorst