onderdelen:
- Geowijzer hoofdstuk 1 (p. 17-31)
- Geowijzer hoofdstuk 2.1, 2.2 en 2.3 tot wolken (p. 35-44)
- Geowijzer hoofdstuk 2.4 (p. 47-50) (Uitgezonderd: Het grote windsysteem)
- Geowijzer hoofdstuk 2.5 (p. 51-56)
- Geowijzer hoofdstuk 2.6 (p. 57-58 en p. 62-63) (Alleen: Klimaten vroeger, Broeikaseffect en
het versterkt broeikaseffect en Gat in de ozonlaag)
- Geowijzer hoofdstuk 3 (p. 67-89)
- Geowijzer hoofdstuk 4.1 (p. 93-99)
- Geowijzer hoofdstuk 4.2, 4.3 en 4.4 (p. 100-112) (Alleen: Hoofdlijnen, geen details)
- Geowijzer hoofdstuk 4.5 (p. 112-114) (Alleen: De kust en Getijde)
- Geowijzer hoofdstuk 4.6 (p. 116-119)
- Geowijzer hoofdstuk 5.1, 5.2 en 5.3 tot schildvulkanen (p. 123-131)
- Geowijzer hoofdstuk 5.4, 5.5 (behalve gletsjers) en 5.6 (p. 133-145)
- Geowijzer hoofdstuk 11.1 (p. 284-288)
- Geowijzer hoofdstuk 14 (p. 332-355)
- PowerPoints werk- en hoorcolleges
DISCLAIMER: De samenvatting is gemaakt op basis van selectie van belangrijke elementen. Sommige
onderdelen zijn weggelaten. Er is ook een begrippenlijst (beschikbaar vanaf 20 januari) waarin de
begrippen uit deze tekstdelen wel mee zijn genomen. Andere onderdelen zijn niet samengevat en
zijn in het rood te vinden onder vermelding van paginanummers.
Hoofdstuk 11 en 14 zijn NIET opgenomen in deze samenvatting.
, Hoofdstuk 1 Kaart en atlas
1.2 Geografisch leren kijken
Het idee of beeld dat de mens heeft over de samenleving om zich heen en in ruimere zin over de
wereld, wordt een actueel wereldbeeld of een mental image genoemd. Dit wereldbeeld wordt
gevormd door gebeurtenissen die je meemaakt of zaken die je om je heen ziet en hoort. Ook
nieuwsberichten vormen of veranderen het wereldbeeld.
Geografische vaardigheden Geografische zienswijze Geografische vragen
Inventariseren 1. Waarnemen Wat zie je?
2. Beschrijven Wat neem je waar?
Waar zie je dat?
Hoe ziet het eruit?
Welke kenmerken ontdek je?
Interpreteren 3. Verklaren Waarom is het daar?
Waarom ziet het er daar zo uit?
Wat wordt hierdoor beïnvloed?
4. Generaliseren Waar heb je dat eerder gezien ?
(herkennen en Zie je dat ook wel eens ergens
toepassen) anders?
Hoe ziet het er daar uit?
5. Waarderen Wat betekent dat voor mij?
Wat betekent dat voor die
mensen?
Kan het ook anders?
Denk ik er nog zo over?
Figuur 1.1 De geografische zienswijze
Het gaat over de aarde zoals
Natuurlijke factoren
die van nature is.
Het gaat over geld verdienen
Economische factoren
en werk.
Het gaat over de taal, de
Culturele factoren godsdienst, de geschiedenis en
de gewoonten.
Het gaat over de
Menselijke (sociale) factoren
bevolkingsaantallen en de
Demografische factoren
samenstelling van de
bevolking.
Het gaat over het bestuur, de
Politieke factoren wetten en de regels van een
land.
Figuur 1.2 Natuurlijke en menselijke factoren verklaren processen op de aarde
Het unieke van het vak aardrijkskunde is dat het de natuurlijke en menselijke invalshoek bij elkaar
brengt. Op die manier wordt duidelijk dat er een onderlinge samenhang is tussen de verschillende
benaderingen van een verschijnsel. Maatschappelijk belangrijke thema’s kunnen alleen maar goed
besproken worden als beide elementen voorbijkomen. Men spreekt dan van multiperspectiviteit. Dit
houdt in dat iets wordt bekeken vanuit verschillende invalshoeken.