A. Ziektegedrag
Ziektegedrag = ‘any activity, undertaken by a person who feels ill, to define the state of his health and to
discover a suitable remedy,’ (Kasl & Cobb, 1966)
- Gedrag van mensen n.a.v. ziekte = omgaan met ziekte
- Monitoren van het lichaam, definiëren en interpreteren van symptomen
- Concreet gedrag ter genezing (cure) of ter beheersing (care) van de ziekte
Ziektegedrag houdt in:
- Zelfzorg (aanpassen van activiteiten, rustig aan doen, bedrust, zelfmedicatie, medicatie die eerder
is voorgeschreven)
- Hulp inroepen van sociaal netwerk (praktische hulp, bv. Aankleden, wassen, huishouding, vragen
om advies en informatie; emotionele steun)
- Beroep doen op professionals = zorggebruik
Therapietrouw
Therapietrouw = de mate waarin het gedrag van de patiënt overeenkomt met de afspraken tussen de
patiënt en behandelaar.
- Gemiddeld volg 30% van de patiënt een medisch advies niet of niet op de juiste manier op.
- Therapieontrouw heeft een negatief effect op de genezing/het beloop van een (chronische)
aandoening en kost de samenleving veel geld.
Zelfmanagement
Zelfmanagement = het zodanig omgaan met de chronische aandoening (symptomen, behandeling,
lichamelijke en sociale consequenties en bijbehorende aanpassingen in leefstijl) dat de aandoening
optimaal wordt ingepast in het leven.
- Verantwoordelijkheid en keuzes liggen bij patiënt – compromis vinden tussen eisen van de ziekte
en het leven.
- Goed zelfmanagement leidt tot een positiever beloop van de ziekte en een hoger kwaliteit van leven.
Componenten zelfmanagement:
- Informatie vergaren over aandoening & behandeling
- Managen (monitoren en beheersen) van symptomen
- Medicatie en leefstijl aanpassen op (beloop van) klachten
- Inadequate ziekte- en behandelpercepties opsporen, uitdagen en veranderen
- Omgaan met psychologische gevolgen (emoties, eigenwaarde)
- Sociale steun gebruiken in alle levensgebieden
- Effectief/assertief communiceren met naasten en hulpverleners
Overlap concepten
- Coping = omgaan met stressoren in het algemeen, waaronder ziekte
- Zelfmanagement = omgaan met chronische ziekte en activiteiten om therapeutisch regime te realiseren
- Therapietrouw = omgaan met medisch advies (kan onderdeel zijn van zelfmanagement)
Ziektegedrag – Relatie tot gezondheidsgedrag en preventie
Gezondheidsgedrag: preventief, detecterend en curatief gedrag
Maar ook: gezondheidsbehoudend of -bedreigend gedrag
- Identificeren van belangrijke determinanten helpt bij het vinden van aangrijpingspunten voor
gedragsverandering.
1