Lesopdracht Vermogensoverheveling Instructie 3
Opgave 1
Danny en Ciska zijn al 20 jaar op huwelijkse voorwaarden gehuwd. Hierin is onder andere een
finaal verrekenbeding bij zowel overlijden als echtscheiding opgenomen. De woning waarin zij
wonen is eigendom van Danny. Hij heeft deze woning tien jaar geleden aangekocht voor een
bedrag van € 200.000. Ciska heeft veertien jaar geleden van haar vader een schenking ontvangen
van (omgerekend) € 25.000. Op deze schenking is een standaard uitsluitingsclausule van
toepassing. Met dit vermogen heeft Ciska een effectenportefeuille aangeschaft. Na 20 jaar is het
huwelijk niet meer wat het geweest was. Daarom besluiten Danny en Ciska uiteindelijk te gaan
scheiden. Op het moment van scheiding is de effectenportefeuille € 60.000 waard. Ciska heeft altijd
het uitgekeerde dividend herbelegd. Als ze dit nooit had gedaan, dan was de effectenportefeuille
op het moment van scheiding € 50.000 waard. De woning heeft inmiddels een waarde van €
250.000.
Wat is ieders vermogen na het uitspreken van de echtscheiding, ervan uitgaande dat er verder
geen vermogen aanwezig is?
Ciska heeft een privévermogen van 50.000.
De vruchten van de beleggingen vallen niet standaard onder de uitsluitingsclausule, aangezien de
uitsluitingsclausule voor 2012 is opgenomen.
Het gezamenlijke vermogen bestaat uit de woning van €250.000 en de vruchten die verkregen zijn uit
de schenking, ofwel het herbelegd dividend van €10.000. Dit gezamenlijk vermogen wordt verrekend
alsof Danny en Ciska in gemeenschap van goederen waren gehuwd.
- Danny heeft dus na de finale verrekening een vermogen van 125.000 + 5000 = 130.000
- Ciska van 125.000 + 5000 + 50.000 = 180.000
Opgave 2
Karel en Annelies zijn gehuwd op huwelijkse voorwaarden. Na jaren huwelijk komen zij erachter
dat ze uit elkaar gegroeid zijn en besluiten te gaan scheiden. Karel heeft inmiddels een aanspraak
op ouderdomspensioen opgebouwd van € 30.000. Daarnaast heeft hij een
nabestaandenpensioenaanspraak opgebouwd van € 21.000. Ten tijde van de huwelijksvoltrekking
waren deze aanspraken respectievelijk € 10.000 (OP) en € 7.000 (NP) waard. Annelies heeft nooit
pensioen opgebouwd.
Waar heeft Annelies door de scheiding recht op wat betreft de opgebouwde pensioenaanspraken?
Annelies heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde OP: 50% * (30.000 – 10.000) =
10.000
Daarnaast heeft zijn recht op 100% van het opgebouwde NP tot het moment van scheiding: 21.000
Opgave 3
Jeroen en Anouk zijn vijf jaar geleden in het huwelijksbootje gestapt als zij op 1 maart 2021
besluiten om uit elkaar te gaan. Ze zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. Hun gezamenlijk
vermogen bestaat onder andere uit een woning ter waarde van € 220.000 en een lijfrente met een
Opgave 1
Danny en Ciska zijn al 20 jaar op huwelijkse voorwaarden gehuwd. Hierin is onder andere een
finaal verrekenbeding bij zowel overlijden als echtscheiding opgenomen. De woning waarin zij
wonen is eigendom van Danny. Hij heeft deze woning tien jaar geleden aangekocht voor een
bedrag van € 200.000. Ciska heeft veertien jaar geleden van haar vader een schenking ontvangen
van (omgerekend) € 25.000. Op deze schenking is een standaard uitsluitingsclausule van
toepassing. Met dit vermogen heeft Ciska een effectenportefeuille aangeschaft. Na 20 jaar is het
huwelijk niet meer wat het geweest was. Daarom besluiten Danny en Ciska uiteindelijk te gaan
scheiden. Op het moment van scheiding is de effectenportefeuille € 60.000 waard. Ciska heeft altijd
het uitgekeerde dividend herbelegd. Als ze dit nooit had gedaan, dan was de effectenportefeuille
op het moment van scheiding € 50.000 waard. De woning heeft inmiddels een waarde van €
250.000.
Wat is ieders vermogen na het uitspreken van de echtscheiding, ervan uitgaande dat er verder
geen vermogen aanwezig is?
Ciska heeft een privévermogen van 50.000.
De vruchten van de beleggingen vallen niet standaard onder de uitsluitingsclausule, aangezien de
uitsluitingsclausule voor 2012 is opgenomen.
Het gezamenlijke vermogen bestaat uit de woning van €250.000 en de vruchten die verkregen zijn uit
de schenking, ofwel het herbelegd dividend van €10.000. Dit gezamenlijk vermogen wordt verrekend
alsof Danny en Ciska in gemeenschap van goederen waren gehuwd.
- Danny heeft dus na de finale verrekening een vermogen van 125.000 + 5000 = 130.000
- Ciska van 125.000 + 5000 + 50.000 = 180.000
Opgave 2
Karel en Annelies zijn gehuwd op huwelijkse voorwaarden. Na jaren huwelijk komen zij erachter
dat ze uit elkaar gegroeid zijn en besluiten te gaan scheiden. Karel heeft inmiddels een aanspraak
op ouderdomspensioen opgebouwd van € 30.000. Daarnaast heeft hij een
nabestaandenpensioenaanspraak opgebouwd van € 21.000. Ten tijde van de huwelijksvoltrekking
waren deze aanspraken respectievelijk € 10.000 (OP) en € 7.000 (NP) waard. Annelies heeft nooit
pensioen opgebouwd.
Waar heeft Annelies door de scheiding recht op wat betreft de opgebouwde pensioenaanspraken?
Annelies heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde OP: 50% * (30.000 – 10.000) =
10.000
Daarnaast heeft zijn recht op 100% van het opgebouwde NP tot het moment van scheiding: 21.000
Opgave 3
Jeroen en Anouk zijn vijf jaar geleden in het huwelijksbootje gestapt als zij op 1 maart 2021
besluiten om uit elkaar te gaan. Ze zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. Hun gezamenlijk
vermogen bestaat onder andere uit een woning ter waarde van € 220.000 en een lijfrente met een