Samenvatting maatschappijleer H2 : Rechtsstaat
Paragraaf 1:
In een staat waarin de overheid in staat is om de veiligheid van burgers te garanderen, heeft
de overheid gezag (macht) en voert zij het geweldsmonopolie uit ➜ betekent dat alleen
overheid geweld tegen burgers mag gebruiken om de orde te handhaven of
criminaliteit op te sporen.
Politie heeft handhavingstaak en opsporingstaak (criminele activiteiten op te sporen). Politie
kan zonder toestemming iemand staande houden (vragen naar persoonsgegevens en
verblijfadres; moet reden hebben), aanhouden (wanneer bv nummerbord gestolen is.),
fouilleren, vasthouden, beslag nemen. Politie kan dus door geweldsmonopolie geweld
gebruiken bij arrestatie of bedreigende situatie.
Nederland is een rechtsstaat. 4 kenmerken van een rechtsstaat:
1. De aanwezigheid van grondrechten: beschermt burgers tegen machtsmisbruik
door overheid en beperkt dus de macht van de overheid.( Burgers kunnen zich bij
een conflict met de overheid beroepen op hun grondrecht)
2. Het legaliteitsbeginsel: beschermt burgers tegen (te veel macht van) de overheid.
Het biedt dus rechtszekerheid en gaat over 2 dingen: 1. alles wat overheid doet,
moet gebaseerd zijn op de wet. 2. Je kunt alleen gestraft worden voor iets waarvan
op dat moment in de wet staat dat het strafbaar is.
3. Een machtenscheiding: Ook wel trias politica. Wetgevende, uitvoerende en
rechterlijke macht moeten elkaar controleren en in balans houden.
4. Een onafhankelijke rechtspraak: In een rechtsstaat moeten rechters onafhankelijk
zijn (volgens het recht handelen en zich niet laten beïnvloeden door andere machten)
en onpartijdig zijn.
In een rechtsstaat worden burgers dus door de overheid beschermt tegen willekeur en
machtsmisbruik van de overheid: rechtsbescherming.
- Sommige landen heeft de politie een groot aantal bevoegdheden zonder
verantwoording te hoeven afleggen (zoals bv ongestraft geweld te
gebruiken tegen burgers) ➜ politiestaten.
Rechtsregels worden door de wetgevende macht gemaakt en gelden voor iedereen om
serieuze conflicten tussen mensen te voorkomen en orde hand te haven (rechtsregels
bevatten rechten en plichten van burgers
Burgers staan individuele vrijheden af aan een soevereine macht (staan geweldsmonopolie
toe en houden zich aan rechtsregels) en krijgen hier orde en veiligheid in de samenleving
voor terug: sociaal contract
Overheidsdiensten werken zo veel mogelijk samen en hebben een integrale aanpak bij de
bestrijding van georganiseerde criminaliteit. Politie zoekt naar verbanden tussen bv criminele
inkomsten en bv het bezitten van meerdere zaken in een straat. Hier heeft politie de hulp
van belastingdienst bij nodig en kan dan een onderzoek instellen en kan dan vervolgens
haar opsporingsbevoegdheden inzetten zoals verdachten afluisteren. Voor deze
bevoegdheden gelden in een rechtsstaat strenge regels en zijn extra controlemechanismen
ingebouwd om machtsmisbruik te voorkomen. Officier van justitie geeft opsporingstaak
leiding aan politie. Openbaar ministerie (OM): Alle officieren van justitie bij elkaar. OM doet
onderzoek naar inzet van politiegeweld bij twijfel aan rechtmatigheid ervan.
, Paragraaf 2:
Politie mag niet etnisch profileren: Vorm van discriminatie en is wettelijk verboden. Maar
de politie mag wel preventief fouilleren ( politie mag dan de kleding onderzoeken van
mensen die niet verdacht zijn) wanneer de officier van justitie hier toestemming op geeft in
de door de burgemeester aangewezen veiligheidsrisicogebieden ( bv bij grote evenementen
of een plek met veel jongeren).
- Bij preventief fouilleren maakt de politie keuzes ➜ selectief preventief
fouilleren (bepaalde groepen; bv jongeren). Politie doet dit, want dit bespaart tijd.
Politie mag dus wel preventief fouilleren maar niet iemand zomaar fouilleren of zomaar
vragen naar iemands identiteitsbewijs.
Klassieke grondrechten (mensenrechten/fundamentele rechten). Ze zijn niet grenzeloos
(bv jongeren kunnen geen alcohol kopen) ze zijn te delen in 3 delen.:
- Gelijkheidsrechten: belangrijkste gelijkheidsrecht staat in artikel 1( ‘allen die zich in
Nederland bevinden, worden in alle gevallen gelijk behandeld.’) Alle vormen van
discriminatie is dus niet toegestaan.
- Politieke rechten: Maakt het voor burgers mogelijk om aan de democratie deel te
nemen door te gaan stemmen (actief kiesrecht) en zich verkiesbaar te stellen
(passief kiesrecht). Overheid mag deze rechten niet zomaar afnemen, alleen maar bij
hoge uitzonderingen waar de rechter besluit dat iemand uit het kiesrecht te ontzetten
(kan alleen als aanvullende straf bij een gevangenisstraf van minstens 10 jaar). Dit
kan voorkomen bij veroordeelden die bv aanslag op de koning wilden plegen.
- Vrijheidsrechten: Bieden burgers bepaalde vrijheden, waarbij de overheid zich zo
terughoudend mogelijk moet opstellen. bv vrijheid van godsdienst, meningsuiting etc.
Burgers hebben door deze vrijheden de mogelijkheid om hun mening te uiten.
Je hebt ook sociale grondrechten (artikel 19 t/m 23. toegevoegd aan grondwet 1983)
Overheid heeft hier alleen een inspanningsverplichting: bv zorg besteden aan onderwijs,
huisvesting, volksgezondheid en burger kan deze rechten niet afdwingen (zoals bv eisen op
een nieuwe woning).
In de grondwet staat een censuurverbod: je hoeft vooraf aan niemand toestemming te
vragen voordat je iets zegt of publiceert. Waar eindigt vrijheid op meningsuiting?
- rechter oordeelt of een bepaalde mening wel of niet geuit mag worden. Discussie
over grondwettelijke vrijheden is tijd -en plaatsgebonden (sommige landen zijn ze
stricter op je mening en andere juist weer niet en sommige dingen zijn niet meer
gepast voor deze tijd.)
- Wanneer grondrechten botsen is het aan de rechter om te bepalen welke recht in
een specifieke situatie nu zwaarder weegt.
Ingewikkelde procedure om grondwet te wijzigen voorkomt ➜ dat een nieuwe
regeringscoalitie snel grondrechten kan aanpassen.
- op grondwetswijziging wordt 2 keer gestemd. 1 keer voor 2e kamer verkiezingen en
een 1 keer daarna.
Overheid kan maatregelen nemen waardoor grondrechten onder druk komen te staan (bv
bij preventief fouilleren komen inbreuk op privacy en op je lichamelijke integriteit onder druk).
Politie mag als uitvoerende overheidsorganisatie binnen de regels die hiervoor gelden,
Paragraaf 1:
In een staat waarin de overheid in staat is om de veiligheid van burgers te garanderen, heeft
de overheid gezag (macht) en voert zij het geweldsmonopolie uit ➜ betekent dat alleen
overheid geweld tegen burgers mag gebruiken om de orde te handhaven of
criminaliteit op te sporen.
Politie heeft handhavingstaak en opsporingstaak (criminele activiteiten op te sporen). Politie
kan zonder toestemming iemand staande houden (vragen naar persoonsgegevens en
verblijfadres; moet reden hebben), aanhouden (wanneer bv nummerbord gestolen is.),
fouilleren, vasthouden, beslag nemen. Politie kan dus door geweldsmonopolie geweld
gebruiken bij arrestatie of bedreigende situatie.
Nederland is een rechtsstaat. 4 kenmerken van een rechtsstaat:
1. De aanwezigheid van grondrechten: beschermt burgers tegen machtsmisbruik
door overheid en beperkt dus de macht van de overheid.( Burgers kunnen zich bij
een conflict met de overheid beroepen op hun grondrecht)
2. Het legaliteitsbeginsel: beschermt burgers tegen (te veel macht van) de overheid.
Het biedt dus rechtszekerheid en gaat over 2 dingen: 1. alles wat overheid doet,
moet gebaseerd zijn op de wet. 2. Je kunt alleen gestraft worden voor iets waarvan
op dat moment in de wet staat dat het strafbaar is.
3. Een machtenscheiding: Ook wel trias politica. Wetgevende, uitvoerende en
rechterlijke macht moeten elkaar controleren en in balans houden.
4. Een onafhankelijke rechtspraak: In een rechtsstaat moeten rechters onafhankelijk
zijn (volgens het recht handelen en zich niet laten beïnvloeden door andere machten)
en onpartijdig zijn.
In een rechtsstaat worden burgers dus door de overheid beschermt tegen willekeur en
machtsmisbruik van de overheid: rechtsbescherming.
- Sommige landen heeft de politie een groot aantal bevoegdheden zonder
verantwoording te hoeven afleggen (zoals bv ongestraft geweld te
gebruiken tegen burgers) ➜ politiestaten.
Rechtsregels worden door de wetgevende macht gemaakt en gelden voor iedereen om
serieuze conflicten tussen mensen te voorkomen en orde hand te haven (rechtsregels
bevatten rechten en plichten van burgers
Burgers staan individuele vrijheden af aan een soevereine macht (staan geweldsmonopolie
toe en houden zich aan rechtsregels) en krijgen hier orde en veiligheid in de samenleving
voor terug: sociaal contract
Overheidsdiensten werken zo veel mogelijk samen en hebben een integrale aanpak bij de
bestrijding van georganiseerde criminaliteit. Politie zoekt naar verbanden tussen bv criminele
inkomsten en bv het bezitten van meerdere zaken in een straat. Hier heeft politie de hulp
van belastingdienst bij nodig en kan dan een onderzoek instellen en kan dan vervolgens
haar opsporingsbevoegdheden inzetten zoals verdachten afluisteren. Voor deze
bevoegdheden gelden in een rechtsstaat strenge regels en zijn extra controlemechanismen
ingebouwd om machtsmisbruik te voorkomen. Officier van justitie geeft opsporingstaak
leiding aan politie. Openbaar ministerie (OM): Alle officieren van justitie bij elkaar. OM doet
onderzoek naar inzet van politiegeweld bij twijfel aan rechtmatigheid ervan.
, Paragraaf 2:
Politie mag niet etnisch profileren: Vorm van discriminatie en is wettelijk verboden. Maar
de politie mag wel preventief fouilleren ( politie mag dan de kleding onderzoeken van
mensen die niet verdacht zijn) wanneer de officier van justitie hier toestemming op geeft in
de door de burgemeester aangewezen veiligheidsrisicogebieden ( bv bij grote evenementen
of een plek met veel jongeren).
- Bij preventief fouilleren maakt de politie keuzes ➜ selectief preventief
fouilleren (bepaalde groepen; bv jongeren). Politie doet dit, want dit bespaart tijd.
Politie mag dus wel preventief fouilleren maar niet iemand zomaar fouilleren of zomaar
vragen naar iemands identiteitsbewijs.
Klassieke grondrechten (mensenrechten/fundamentele rechten). Ze zijn niet grenzeloos
(bv jongeren kunnen geen alcohol kopen) ze zijn te delen in 3 delen.:
- Gelijkheidsrechten: belangrijkste gelijkheidsrecht staat in artikel 1( ‘allen die zich in
Nederland bevinden, worden in alle gevallen gelijk behandeld.’) Alle vormen van
discriminatie is dus niet toegestaan.
- Politieke rechten: Maakt het voor burgers mogelijk om aan de democratie deel te
nemen door te gaan stemmen (actief kiesrecht) en zich verkiesbaar te stellen
(passief kiesrecht). Overheid mag deze rechten niet zomaar afnemen, alleen maar bij
hoge uitzonderingen waar de rechter besluit dat iemand uit het kiesrecht te ontzetten
(kan alleen als aanvullende straf bij een gevangenisstraf van minstens 10 jaar). Dit
kan voorkomen bij veroordeelden die bv aanslag op de koning wilden plegen.
- Vrijheidsrechten: Bieden burgers bepaalde vrijheden, waarbij de overheid zich zo
terughoudend mogelijk moet opstellen. bv vrijheid van godsdienst, meningsuiting etc.
Burgers hebben door deze vrijheden de mogelijkheid om hun mening te uiten.
Je hebt ook sociale grondrechten (artikel 19 t/m 23. toegevoegd aan grondwet 1983)
Overheid heeft hier alleen een inspanningsverplichting: bv zorg besteden aan onderwijs,
huisvesting, volksgezondheid en burger kan deze rechten niet afdwingen (zoals bv eisen op
een nieuwe woning).
In de grondwet staat een censuurverbod: je hoeft vooraf aan niemand toestemming te
vragen voordat je iets zegt of publiceert. Waar eindigt vrijheid op meningsuiting?
- rechter oordeelt of een bepaalde mening wel of niet geuit mag worden. Discussie
over grondwettelijke vrijheden is tijd -en plaatsgebonden (sommige landen zijn ze
stricter op je mening en andere juist weer niet en sommige dingen zijn niet meer
gepast voor deze tijd.)
- Wanneer grondrechten botsen is het aan de rechter om te bepalen welke recht in
een specifieke situatie nu zwaarder weegt.
Ingewikkelde procedure om grondwet te wijzigen voorkomt ➜ dat een nieuwe
regeringscoalitie snel grondrechten kan aanpassen.
- op grondwetswijziging wordt 2 keer gestemd. 1 keer voor 2e kamer verkiezingen en
een 1 keer daarna.
Overheid kan maatregelen nemen waardoor grondrechten onder druk komen te staan (bv
bij preventief fouilleren komen inbreuk op privacy en op je lichamelijke integriteit onder druk).
Politie mag als uitvoerende overheidsorganisatie binnen de regels die hiervoor gelden,