Kennislijn, 25 sep
Vormen van leren:
1. Habituatie (gewenning)
Leren om een herhaaldelijke stimulus te negeren
2. Klassieke conditionering : ook wel respons, werkt op reflecten, die roepen elkaar op,
geluid die reflex oproept zorgt voor een reflex
- Extinctie (uitdoving): de afname van een geconditioneerde beweging, als gevolg
van de afwezigheid van de beweging/geluid
- Spontaan herstel: het terugkeren van een uitgedoofde geconditioneerde respons
van een rustperiode.
- Stimulusgeneralisatie: uitbreiding van een aangeleerde respons naar een stimuli
die lijken op de geconditioneerde stimuli
- Stimulusdiscriminatie: Het leren van een nieuwe respons op een specifieke
stimulus maar niet op andere daarop gelijkende stimuli ( selectief leren)
In de zorg/hulpverlening
- Systematische desensisatie: uitdoving van de angst door de blootstelling aan
angstopwekkende geluiden/bewegingen, client krijgt steeds sterkere vormen van
deze geluiden/bewegingen
Training om te ontspannen
Opstellen van angst hiërarchie
Levendige voorstelling maken
- Exposure: directe confrontatie van de patiënt met angstopwekkende stimulus
( vorm van desensitisatie)
- Aversieve therapie : aversieve tegenconditionering: koppeling van aantrekkelijke
stimulus van aversieve sensatie weerzin
3. Operante conditionering: ook wel instrumentele conditionering
- Vorm van stimulus-responsleren waarbij de kans op een respons veranderd door
de gevolgen ervan, ofwel door de stimuli die op de respons volgen.
- Op gedrag van consequenties:
Een bekrachtiging
Een straf
- Die consequenties beinvloeden dit gedrag:
Dit leidt tot toename gedrag
Dit leidt tot afname gedrag.
- Wet van effect: leren wordt geleid door het effect dat bepaald gedrag heeft.
- Positieve bekrachting ( toevoeging )
Het aanbieden van een aangename stimulus na een respons, waardoor de kans dat die
respons zich herhaalt toeneemt.
- Negatieve bekrachtiging (verwijdering):
Het weghalen van een vervelende of aversieve stimulus na een respons waardoor de kans
dat die respons zich herhaalt toeneemt = niet hetzelfde als straf.
Straf
Positieve straf: toedienen van een aversieve stimulus na een respons
Negatieve straf: het wegnemen van een aantrekkelijke stimulus na een respons.
Timing en frequentie operante conditionering
- Continue bekrachtiging: alle correcte responsen worden bekrachtigd
Vormen van leren:
1. Habituatie (gewenning)
Leren om een herhaaldelijke stimulus te negeren
2. Klassieke conditionering : ook wel respons, werkt op reflecten, die roepen elkaar op,
geluid die reflex oproept zorgt voor een reflex
- Extinctie (uitdoving): de afname van een geconditioneerde beweging, als gevolg
van de afwezigheid van de beweging/geluid
- Spontaan herstel: het terugkeren van een uitgedoofde geconditioneerde respons
van een rustperiode.
- Stimulusgeneralisatie: uitbreiding van een aangeleerde respons naar een stimuli
die lijken op de geconditioneerde stimuli
- Stimulusdiscriminatie: Het leren van een nieuwe respons op een specifieke
stimulus maar niet op andere daarop gelijkende stimuli ( selectief leren)
In de zorg/hulpverlening
- Systematische desensisatie: uitdoving van de angst door de blootstelling aan
angstopwekkende geluiden/bewegingen, client krijgt steeds sterkere vormen van
deze geluiden/bewegingen
Training om te ontspannen
Opstellen van angst hiërarchie
Levendige voorstelling maken
- Exposure: directe confrontatie van de patiënt met angstopwekkende stimulus
( vorm van desensitisatie)
- Aversieve therapie : aversieve tegenconditionering: koppeling van aantrekkelijke
stimulus van aversieve sensatie weerzin
3. Operante conditionering: ook wel instrumentele conditionering
- Vorm van stimulus-responsleren waarbij de kans op een respons veranderd door
de gevolgen ervan, ofwel door de stimuli die op de respons volgen.
- Op gedrag van consequenties:
Een bekrachtiging
Een straf
- Die consequenties beinvloeden dit gedrag:
Dit leidt tot toename gedrag
Dit leidt tot afname gedrag.
- Wet van effect: leren wordt geleid door het effect dat bepaald gedrag heeft.
- Positieve bekrachting ( toevoeging )
Het aanbieden van een aangename stimulus na een respons, waardoor de kans dat die
respons zich herhaalt toeneemt.
- Negatieve bekrachtiging (verwijdering):
Het weghalen van een vervelende of aversieve stimulus na een respons waardoor de kans
dat die respons zich herhaalt toeneemt = niet hetzelfde als straf.
Straf
Positieve straf: toedienen van een aversieve stimulus na een respons
Negatieve straf: het wegnemen van een aantrekkelijke stimulus na een respons.
Timing en frequentie operante conditionering
- Continue bekrachtiging: alle correcte responsen worden bekrachtigd