Begrippenlijst inleiding tot de micro-economie
(ppt + HB ed.5)
Inhoudsopgave
H1: ‘what is economics?’................................................................................................................................ 1
H3: ‘the market forces of supply and demand’...............................................................................................2
H4: ‘background to demand’: consumer choises’............................................................................................2
H5: ‘Firms in competitive markets’................................................................................................................. 3
H6: consumers, producers, and the efficiency of markets...............................................................................4
H10: Firm’s Production Decisions................................................................................................................... 4
H11: Market structures I: Monopoly.............................................................................................................. 4
H12: Market structures II: Monopolistic Concurrention..................................................................................5
H13: Market Structures III: Oligopoly............................................................................................................. 5
H17: interdependence and the gains from trade.............................................................................................6
H8: Public goods, common resources and merit goods...................................................................................6
H9: Market failure and externalities............................................................................................................... 7
H1: ‘what is economics?’
OPK (opportuniteitskost) Wat je moet opgeven wanneer je een beslissing neemt om een
ander ding te doen
= de waarde van de opgegeven ‘dingen’
Marginale verandering Kleine veranderingen aan een plan van actie
Economische agenten Iemand (persoon, bedrijf, organisatie) die een impact hebben, op
welke manier dan ook, op de economie. maken economische
beslissingen
Rationeel De assumptie dat economische agenten consistente keuzes kunnen
maken tussen verschillende alternatieven
Kapitalistisch economisch systeem Een systeem dat leunt op private sector die goederen en diensten
produceren die via een prijsmechanisme worden ‘aangeboden’ en
waar productie als hoofddoel winst maken heeft
Marktfalen Situatie waarin schaarse producten niet gealloceerd worden zodat
ze het meest efficiënt gebruikt/ingezet worden
Externaliteit De kost of opbrengst van iemand zijn beslissing die invloed
uitoefent op anderen hun welzijn (derde partij), waar de
beslissingnemer geen rekening mee houdt tijdens het maken van
zijn beslissing
Marktkracht (‘market power’) De mogelijkheid van 1 economische agent (of een kleine groep
economische agenten) om een substantiële invloed uit te oefenen
1
(ppt + HB ed.5)
Inhoudsopgave
H1: ‘what is economics?’................................................................................................................................ 1
H3: ‘the market forces of supply and demand’...............................................................................................2
H4: ‘background to demand’: consumer choises’............................................................................................2
H5: ‘Firms in competitive markets’................................................................................................................. 3
H6: consumers, producers, and the efficiency of markets...............................................................................4
H10: Firm’s Production Decisions................................................................................................................... 4
H11: Market structures I: Monopoly.............................................................................................................. 4
H12: Market structures II: Monopolistic Concurrention..................................................................................5
H13: Market Structures III: Oligopoly............................................................................................................. 5
H17: interdependence and the gains from trade.............................................................................................6
H8: Public goods, common resources and merit goods...................................................................................6
H9: Market failure and externalities............................................................................................................... 7
H1: ‘what is economics?’
OPK (opportuniteitskost) Wat je moet opgeven wanneer je een beslissing neemt om een
ander ding te doen
= de waarde van de opgegeven ‘dingen’
Marginale verandering Kleine veranderingen aan een plan van actie
Economische agenten Iemand (persoon, bedrijf, organisatie) die een impact hebben, op
welke manier dan ook, op de economie. maken economische
beslissingen
Rationeel De assumptie dat economische agenten consistente keuzes kunnen
maken tussen verschillende alternatieven
Kapitalistisch economisch systeem Een systeem dat leunt op private sector die goederen en diensten
produceren die via een prijsmechanisme worden ‘aangeboden’ en
waar productie als hoofddoel winst maken heeft
Marktfalen Situatie waarin schaarse producten niet gealloceerd worden zodat
ze het meest efficiënt gebruikt/ingezet worden
Externaliteit De kost of opbrengst van iemand zijn beslissing die invloed
uitoefent op anderen hun welzijn (derde partij), waar de
beslissingnemer geen rekening mee houdt tijdens het maken van
zijn beslissing
Marktkracht (‘market power’) De mogelijkheid van 1 economische agent (of een kleine groep
economische agenten) om een substantiële invloed uit te oefenen
1