FYSIOLOGIE
NEXT 1 SCHOOLJAAR 2021/2022
WEEK 1 – 8
,WEEK 1: HET MENSELIJK
LICHAAM
HET MENSELIJK LICHAAM
Het menselijk lichaam wordt onderverdeeld in verschillende organisatieniveaus. Van groot
naar klein:
1. Organisme
2. Orgaan
3. Weefsel
4. Cel
5. Organellen
6. Moleculen
Er zijn maar liefst 11 verschillende orgaanstelsels te onderscheiden:
- Spijsverteringsstelsel
- Beenderstelsel
- Spierstelsel
- Cardiovasculairstelsel
- Ademhalingsstelsel
- Zenuwstelsel
- Hormoonstelsel
- Huid
- Lymfestelsel
- Urinaire stelsel
- Voortplantingsstelsel
ORGAAN
Een orgaan is een gespecialiseerd onderdeel van het lichaam dat bestaat uit verschillende
soorten weefsels. Het grootste orgaan in het lichaam is de huid.
WEEFSEL
Weefsel is een groep cellen en tussenstof die gespecialiseerd zijn in dezelfde functie. Cellen
en tussenstof zijn van elkaar afhankelijk. Enerzijds produceren cellen de bestanddelen voor
de tussenstof en anderzijds is de tussenstof het leefmilieu voor de cellen. Er worden vier
verschillende weefsels onderscheiden:
- Epitheelweefsel
- Bindweefsel
- Spierweefsel
- Zenuwweefsel
,CELLEN
Een cel is de kleinste eenheid van leven dat levensverrichtingen vertoont. Cellen bevatten
organellen, dit zijn kleine orgaantjes in een cel, zoals de celkern of de mitochondriën. Deze
bestaan uit eiwitten, DNA en RNA. Cellen kunnen zich delen door middel van celdeling.
De buitenkant van de cel bevat een celmembraan. Dit is de barrière tussen het
intracellulaire milieu en het extracellulaire milieu en is semipermeabel (selectief
doorlaatbaar van bepaalde stoffen). Het membraantransport zorgt voor de opname en
afgifte van stoffen door het celmembraan door middel van diffusie. Diffusie is het
verplaatsen van stoffen/moleculen van een hoge concentratie naar een lage concentratie.
VLOEISTOFCOMPARTIMENTEN
Vloeistofcompartimenten zijn de ruimtes waarin het water zich bevindt. Hieronder vallen het
intracellulaire-, het interstitiële en het vasculaire compartiment. De verdeling en
samenstelling van het lichaamsvloeistof verschilt tussen mannen en vrouwen, kinderen en
volwassenen en tussen magere en dikkere mensen.
UITWISSELING TUSSEN
COMPARTIMENTEN
Zoals genoemd vindt de uitwisseling plaats via de
interstitiële ruimte. Zie afbeelding.
BLOEDPLASMA
Het bloedplasma is samgesteld uit:
- Eiwitten
- Voedingsstoffen
- Lactaat
- Afvalstoffen
- Hormonen
, HOMEOSTASE
Homeostase is het constant houden van het interstitium, de lichaamstemperatuur en de
bloeddruk. Het zenuwstelsel en hormoonstelsel spelen hierbij een rol. Om homeostase te
realiseren is transport tussen verschillende compartimenten onderling en tussen organisme
en leefomgeving nodig.
Via de interstitiële ruimte vindt de uitwisseling met het bloed plaats. Bloed zorgt voor een
continue aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen en de afvoer van afvalstoffen.
Onderstaande zijn een voorbeeld van organen die zorgen voor de aan- en afvoer van stoffen
onder invloed van een aantal regelsystemen.
- Longen aanvoer zuurstof (O2) afvoer koolstofdioxide (CO2)
- Spijsverteringsorganen bijvoorbeeld aanvoer water, zout en bouwstoffen
- Nieren onder andere afvoeren water en zout