Kwetsbare medemens door Yan1999
Legenda:
● Termen
● Notities/toevoegingen
● Belangrijke teksten die voorkomen in de toets
College 1: introductie college
Welzijn: een zekere mate van materiële en immateriële tevredenheid begrepen
Kwetsbare mens: mensen met verminderde regie over eigen leven met veel hulp- en
zorgbehoefte
Intramurale zorg: interne zorg, binnen zorginstelling 24/7
Extramurale zorg/1e lijns zorg: externe zorg, huishoudhulp, verpleging
Transmurale zorg/ketenzorg: combinatie interne en externe zorg
Ambulante zorg: zorgverlener(s) gaat naar huis van patiënt toe
Curatieve zorg: gericht op herstel van patient
Somatische zorg: zorg voor iemand met lichamelijke aandoening; o.a. Parkinson
Palliatieve zorg: laatste zorg in de levensfase, ongeneeslijke ziekte > psychologische zorg
Mantelzorg: mensen die langdurig en onbetaald zorgen voor chronisch/gehandicapt persoon
uit hun omgeving. Patiënt is familie, naasten of vrienden
Soorten zorg in verpleeghuis (intramuraal)
- Psychogeriatrische zorg
- Geriatrische revalidatie zorg
Note: Belangrijkste taak mondhygiënist in het verpleeghuis is coaching; coachend een
patiënt begeleiden.
College 2: gerontologie 1
Gerontologie: de wetenschap van de ouder wordende mens
Geriatrie: de gezondheidszorg voor ouderen: preventie, diagnostiek en behandeling
Geriatrische tandheelkunde: de praktische mondzorg voor ouderen
Note: ⅓ van de Nederlandse bevolking vergrijst
Dubbele vergrijzing: toename levensverwachting en aantal ouderen. Oorzaak: betere
medische zorg, hygiëne, voeding en beweging.
Grijze druk: Aantal ouderen/gepensioneerden in tegenstelling tot de jongeren
Groene druk: Aantal jongeren/werkzamen in tegenstelling tot ouderen
Demografische druk: som van grijze en groene druk
Note: kosten van grijze druk veel groter dan groene druk wegens grotere zorggebruik.
Oplossing: pensioenleeftijd omhoog, bevorderen langer zelfstandig wonen voor ouderen
Biologische leeftijd: Groei- en verouderingsprocessen
Cognitieve leeftijd: Zintuiglijke- en cognitieve processen (zelfstandigheid en eigen regie)
, Sociale leeftijd: Relatie tot familie, vrienden en samenleving
Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO); stimulering en ondersteuning eigen regie van
kwetsbare oudere
Frailty: kwetsbaarheid, geen diagnose maar bepaalde status. Kans op verslechtering
levenskwaliteit
Frailty factoren:
Lichamelijk: niet kunnen poetsen
Psychisch: depressief
Cognitief: vergeten om te poetsen
Sociaal: eenzaam zijn geen lust in leven
Psychogeriatrische aandoening: bijv dementie
Geriatrische revalidatie zorg: voor bijv. kapotte heup of CVA
Wet langdurige zorg (WLZ): recht op volledige zorgpakket van verblijf, verzorging,
begeleiding en verpleging
Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ): onderzoekt of iemand in aanmerking komt voor WLZ
Diagnose Behandel Combinatie (DBC): bepaalt het zorgzwaarte pakket van patient
Barthel-index: score lijst voor meten hoeverre iemand voor activiteiten in ADL afhankelijk is
Robuuste ouderen: wonen thuis, vitaal en relatief gezond
Thuiswonende kwetsbare ouderen: wonen thuis maar zijn kwetsbaar
Ouderen met complexe gezondheidsstatus: geriatrische ouderen verblijf in verpleeghuis
GFI: meetinstrument om mate frailty te meten
EQ d5: meet het kwaliteit van het leven
OHIP: meet invloed mondgezondheid op levenskwaliteit
Veranderde stofwisseling: trage geneesmiddelen afbraak en uitscheiding > lagere dosis
geven
Multi Farmacie: verschillende medicijnen gebruikt die elkaar beïnvloeden
Polyfarmacie: gelijktijdig gebruik van twee of meerdere medicijnen
Co-morbiditeit: tegelijkertijd lijden aan twee of meer stoornissen of aandoeningen
Geriatrische reuzen: chronische ziekten bij kwetsbare ouderen met negatieve invloed op
gezondheid en kwaliteit van leven
Atypische presentatie van ziekten: hogere pijndrempel, veranderde pijnbeleving, stoornissen
door dementie of depressies
Gedragsveranderingen: door veroudering, functiestoornissen, functiebeperkingen en
handicaps
Geriatrische trias: beperkingen op fysieke, cognitieve en sociale vlak hebben enorme invloed
op welbevinden en zelfwaardering
Homeostase: besturingssysteem die reguleren de geriatrische trias als reactie op
veranderingen van buitenaf; stress
College 3: Gerodontologie II
Slechte mondgezondheid in verband met lichamelijke aandoeningen:
- Cardiovasculaire ziekten
- Aspiratiepneumonie
- Parodontitis
Endocarditis kan ontstaan door:
- Orale bacteriëmie
Legenda:
● Termen
● Notities/toevoegingen
● Belangrijke teksten die voorkomen in de toets
College 1: introductie college
Welzijn: een zekere mate van materiële en immateriële tevredenheid begrepen
Kwetsbare mens: mensen met verminderde regie over eigen leven met veel hulp- en
zorgbehoefte
Intramurale zorg: interne zorg, binnen zorginstelling 24/7
Extramurale zorg/1e lijns zorg: externe zorg, huishoudhulp, verpleging
Transmurale zorg/ketenzorg: combinatie interne en externe zorg
Ambulante zorg: zorgverlener(s) gaat naar huis van patiënt toe
Curatieve zorg: gericht op herstel van patient
Somatische zorg: zorg voor iemand met lichamelijke aandoening; o.a. Parkinson
Palliatieve zorg: laatste zorg in de levensfase, ongeneeslijke ziekte > psychologische zorg
Mantelzorg: mensen die langdurig en onbetaald zorgen voor chronisch/gehandicapt persoon
uit hun omgeving. Patiënt is familie, naasten of vrienden
Soorten zorg in verpleeghuis (intramuraal)
- Psychogeriatrische zorg
- Geriatrische revalidatie zorg
Note: Belangrijkste taak mondhygiënist in het verpleeghuis is coaching; coachend een
patiënt begeleiden.
College 2: gerontologie 1
Gerontologie: de wetenschap van de ouder wordende mens
Geriatrie: de gezondheidszorg voor ouderen: preventie, diagnostiek en behandeling
Geriatrische tandheelkunde: de praktische mondzorg voor ouderen
Note: ⅓ van de Nederlandse bevolking vergrijst
Dubbele vergrijzing: toename levensverwachting en aantal ouderen. Oorzaak: betere
medische zorg, hygiëne, voeding en beweging.
Grijze druk: Aantal ouderen/gepensioneerden in tegenstelling tot de jongeren
Groene druk: Aantal jongeren/werkzamen in tegenstelling tot ouderen
Demografische druk: som van grijze en groene druk
Note: kosten van grijze druk veel groter dan groene druk wegens grotere zorggebruik.
Oplossing: pensioenleeftijd omhoog, bevorderen langer zelfstandig wonen voor ouderen
Biologische leeftijd: Groei- en verouderingsprocessen
Cognitieve leeftijd: Zintuiglijke- en cognitieve processen (zelfstandigheid en eigen regie)
, Sociale leeftijd: Relatie tot familie, vrienden en samenleving
Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO); stimulering en ondersteuning eigen regie van
kwetsbare oudere
Frailty: kwetsbaarheid, geen diagnose maar bepaalde status. Kans op verslechtering
levenskwaliteit
Frailty factoren:
Lichamelijk: niet kunnen poetsen
Psychisch: depressief
Cognitief: vergeten om te poetsen
Sociaal: eenzaam zijn geen lust in leven
Psychogeriatrische aandoening: bijv dementie
Geriatrische revalidatie zorg: voor bijv. kapotte heup of CVA
Wet langdurige zorg (WLZ): recht op volledige zorgpakket van verblijf, verzorging,
begeleiding en verpleging
Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ): onderzoekt of iemand in aanmerking komt voor WLZ
Diagnose Behandel Combinatie (DBC): bepaalt het zorgzwaarte pakket van patient
Barthel-index: score lijst voor meten hoeverre iemand voor activiteiten in ADL afhankelijk is
Robuuste ouderen: wonen thuis, vitaal en relatief gezond
Thuiswonende kwetsbare ouderen: wonen thuis maar zijn kwetsbaar
Ouderen met complexe gezondheidsstatus: geriatrische ouderen verblijf in verpleeghuis
GFI: meetinstrument om mate frailty te meten
EQ d5: meet het kwaliteit van het leven
OHIP: meet invloed mondgezondheid op levenskwaliteit
Veranderde stofwisseling: trage geneesmiddelen afbraak en uitscheiding > lagere dosis
geven
Multi Farmacie: verschillende medicijnen gebruikt die elkaar beïnvloeden
Polyfarmacie: gelijktijdig gebruik van twee of meerdere medicijnen
Co-morbiditeit: tegelijkertijd lijden aan twee of meer stoornissen of aandoeningen
Geriatrische reuzen: chronische ziekten bij kwetsbare ouderen met negatieve invloed op
gezondheid en kwaliteit van leven
Atypische presentatie van ziekten: hogere pijndrempel, veranderde pijnbeleving, stoornissen
door dementie of depressies
Gedragsveranderingen: door veroudering, functiestoornissen, functiebeperkingen en
handicaps
Geriatrische trias: beperkingen op fysieke, cognitieve en sociale vlak hebben enorme invloed
op welbevinden en zelfwaardering
Homeostase: besturingssysteem die reguleren de geriatrische trias als reactie op
veranderingen van buitenaf; stress
College 3: Gerodontologie II
Slechte mondgezondheid in verband met lichamelijke aandoeningen:
- Cardiovasculaire ziekten
- Aspiratiepneumonie
- Parodontitis
Endocarditis kan ontstaan door:
- Orale bacteriëmie