Anatomie medische termen.
Ademhalingsstelsel
Keelholte = farynx
Slokdarm = oesophagus
Luchtpijp = trachea
Strottenklepje = epiglottis
Strottenhoofd = larynx
Neusamandelen = adenoïd
Keelamandelen = tonsillen
Luchtwegvertakking = bronchus
Longblaasjes = alveoli
Huid
Opperhuid = epidermis
Lederhuid = dermis
Onderhuids bindweefsel = subcutis
Mediaal = naar het midden toe
Lateraal = naar de zijkant toe
Proximaal = naar het centrum van het lichaam toe
Distaal = van het centrum van het lichaam af
Craniaal = richting het hoofd
Caudaal = richting het onderlichaam
Dorsaal = aan de rugzijde van het lichaam
Ventraal = aan de buikzijde van het lichaam
Flexie = buigen
Extensie = strekken
Radiaal = aan de duimzijde
Ulnair = aan de pinkzijde
Ademhalingsstelsel
Keelholte = farynx
Slokdarm = oesophagus
Luchtpijp = trachea
Strottenklepje = epiglottis
Strottenhoofd = larynx
Neusamandelen = adenoïd
Keelamandelen = tonsillen
Luchtwegvertakking = bronchus
Longblaasjes = alveoli
Huid
Opperhuid = epidermis
Lederhuid = dermis
Onderhuids bindweefsel = subcutis
Mediaal = naar het midden toe
Lateraal = naar de zijkant toe
Proximaal = naar het centrum van het lichaam toe
Distaal = van het centrum van het lichaam af
Craniaal = richting het hoofd
Caudaal = richting het onderlichaam
Dorsaal = aan de rugzijde van het lichaam
Ventraal = aan de buikzijde van het lichaam
Flexie = buigen
Extensie = strekken
Radiaal = aan de duimzijde
Ulnair = aan de pinkzijde