Psychopathologie
Doel:
Je hebt kennis van de verschillende categorieën van psychopathologie en kan
inschatten op welke manier deze van invloed zijn op het contact met de patiënt en de
behandeling.
Klopt wat je denkt wel? > veel gedrag is onbewust
Afwijkend gedrag?
De ideale patiënt bestaat niet, toch?
Wat zie jij als ‘normale patiënt’ en wat vind jij afwijkend?
Aspecten van functioneren:
o Algemene indrukken
o Cognitieve functies
o Gedrag (psychomotoriek en expressie)
o Gevoelens (affectieve functies)
Psychosociale problematiek
Problemen met het geestelijk vermogen en/of de sociale vaardigheden die nodig zijn
om goed te kunnen omgaan met mensen en verschillende omstandigheden in het
leven.
Onder psychosociale problemen wordt verstaan:
o Emotionele problemen (internaliserende problemen), zoals angst,
teruggetrokkenheid, depressieve klachten
o Gedragsproblemen (externaliserende problemen), agressief gedrag, onrust en
delinquent gedrag
o Sociale problemen, problemen die te maken hebben met het maken en
onderhouden van sociale contacten.
Problemen kunnen zich uiten in:
Denken: psychotische stoornissen
Voelen: stemmingsstoornissen
Handelen: gedrag en impulscontrole, zoals verslaving
Middelenmisbruik en afhankelijkheid
Kan samengaan met psychiatrische stoornis, maar kan niet de oorzaak van de
symptomen zijn
Psychiatrie ook niet het gevolg van medicatie
, DSM-V deel 1
1. Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
2. Schizofreniespectrumstoornissen
3. Bipolaire-stemmingsstoornissen
4. Depressieve-stemmingsstoornissen
5. Angststoornissen
6. Obsessieve-compulsieve stoornissen
7. Psychotrauma- en stressor gerelateerde stoornissen
8. Dissociatieve stoornissen
9. Somatisch-symptoomstoornissen (o.a. ziekteangststoornis)
10. Voedings- en eetstoornissen
11. Zindelijkheidsstoornissen
12. Slaap-waakstoornissen
DSM-V deel 2
13. Seksuele disfuncties
14. Genderdysforie
15. Gedragsstoornissen (impulsbeheersing)
16. Middel gerelateerde stoornissen en verslavingen
17. Neurocognitieve stoornissen (o.a. alzheimer)
18. Persoonlijkheidsstoornissen
19. Parafiele stoornissen (o.a. exibitionistisch of pedofilie)
20. Andere psychische stoornissen
21. Bewegingsstoornissen door medicatie
22. Andere problemen die een reden tot zorg kunnen zijn
Stemmingsstoornis
Klinisch syndroom dat niet altijd aanwezig is (geweest): ziekte kan weer over gaan
(met goede behandeling)
Bv. stemmingsstoornis, angststoornis, verslaving, depressie of psychose
Depressie
Tenminste 2 weken achtereen:
o Sombere stemming 14 dagen of
o Verlies van interesse en/of plezier
o Daarnaast aanwezigheid van een aantal van de volgende factoren:
Toename of afname gewicht, minder of juist toegenomen eetlust
Slaapklachten
Psychomotorische agitatie (gejaagdheid) of geremdheid
Energietekort of vermoeidheid
Gevoelens van waardeloosheid of schuldgevoelens (die niet kloppen
of onterecht zijn)
Moeite met concentreren en vermogen logisch na te denken
Wanhoop, gedachten aan suïcide, met of zonder plannen om het uit te
voeren of zelfs een specifiek plan.
Doel:
Je hebt kennis van de verschillende categorieën van psychopathologie en kan
inschatten op welke manier deze van invloed zijn op het contact met de patiënt en de
behandeling.
Klopt wat je denkt wel? > veel gedrag is onbewust
Afwijkend gedrag?
De ideale patiënt bestaat niet, toch?
Wat zie jij als ‘normale patiënt’ en wat vind jij afwijkend?
Aspecten van functioneren:
o Algemene indrukken
o Cognitieve functies
o Gedrag (psychomotoriek en expressie)
o Gevoelens (affectieve functies)
Psychosociale problematiek
Problemen met het geestelijk vermogen en/of de sociale vaardigheden die nodig zijn
om goed te kunnen omgaan met mensen en verschillende omstandigheden in het
leven.
Onder psychosociale problemen wordt verstaan:
o Emotionele problemen (internaliserende problemen), zoals angst,
teruggetrokkenheid, depressieve klachten
o Gedragsproblemen (externaliserende problemen), agressief gedrag, onrust en
delinquent gedrag
o Sociale problemen, problemen die te maken hebben met het maken en
onderhouden van sociale contacten.
Problemen kunnen zich uiten in:
Denken: psychotische stoornissen
Voelen: stemmingsstoornissen
Handelen: gedrag en impulscontrole, zoals verslaving
Middelenmisbruik en afhankelijkheid
Kan samengaan met psychiatrische stoornis, maar kan niet de oorzaak van de
symptomen zijn
Psychiatrie ook niet het gevolg van medicatie
, DSM-V deel 1
1. Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
2. Schizofreniespectrumstoornissen
3. Bipolaire-stemmingsstoornissen
4. Depressieve-stemmingsstoornissen
5. Angststoornissen
6. Obsessieve-compulsieve stoornissen
7. Psychotrauma- en stressor gerelateerde stoornissen
8. Dissociatieve stoornissen
9. Somatisch-symptoomstoornissen (o.a. ziekteangststoornis)
10. Voedings- en eetstoornissen
11. Zindelijkheidsstoornissen
12. Slaap-waakstoornissen
DSM-V deel 2
13. Seksuele disfuncties
14. Genderdysforie
15. Gedragsstoornissen (impulsbeheersing)
16. Middel gerelateerde stoornissen en verslavingen
17. Neurocognitieve stoornissen (o.a. alzheimer)
18. Persoonlijkheidsstoornissen
19. Parafiele stoornissen (o.a. exibitionistisch of pedofilie)
20. Andere psychische stoornissen
21. Bewegingsstoornissen door medicatie
22. Andere problemen die een reden tot zorg kunnen zijn
Stemmingsstoornis
Klinisch syndroom dat niet altijd aanwezig is (geweest): ziekte kan weer over gaan
(met goede behandeling)
Bv. stemmingsstoornis, angststoornis, verslaving, depressie of psychose
Depressie
Tenminste 2 weken achtereen:
o Sombere stemming 14 dagen of
o Verlies van interesse en/of plezier
o Daarnaast aanwezigheid van een aantal van de volgende factoren:
Toename of afname gewicht, minder of juist toegenomen eetlust
Slaapklachten
Psychomotorische agitatie (gejaagdheid) of geremdheid
Energietekort of vermoeidheid
Gevoelens van waardeloosheid of schuldgevoelens (die niet kloppen
of onterecht zijn)
Moeite met concentreren en vermogen logisch na te denken
Wanhoop, gedachten aan suïcide, met of zonder plannen om het uit te
voeren of zelfs een specifiek plan.