Klas: Vwo 6
Stof: H2, H3, H5, 1.5 & 4.3
,Hoofdstuk 1: Zuid-Amerika: continent van extremen
1.5 Steden in Zuid-Amerika
Verstedelijking
Zuid-Amerika hoort bij sterkst verstedelijkte gebieden ter wereld:
- In bijna alle landen > 75% bevolking in steden.
- > 60% stedelijke bevolking in stad met meer dan 0,5 miljoen inwoners.
- Conclusie: urbanisatiegraad zeer hoog.
Verstedelijking zette in vanaf begin vorige eeuw.
Oorzaken hoog urbanisatietempo:
- Stijging natuurlijke bevolkingsgroei (sterftecijfer daalde, geboorte cijfer bleef hoog).
- Pushfactoren, zoals gebrek aan landbouwgrond door ongelijke verdeling, tekort aan
bestaansmiddelen en voorzieningen veel kleine boeren naar stad.
- Economische groei steden waardoor er vooral banen in steden waren.
- Transport- en communicatiemiddelen verbeterden reizen en contact houden
werden eenvoudiger.
Ruraal-urbane migratie vooral naar kustplaatsen grote steden.
Primate city is stad met belangrijke economische en politieke functies die vele malen groter
en belangrijker is dan de rest van de steden.
De informele stad
Sloppenwijk worden in Zuid-Amerika favela’s genoemd.
Nadelen zelfbouwwijken:
- Vaak op ongunstige plekken: hellingen, dicht langs spoorlijn.
- Slechte kwaliteit
- Urban sprawl
- Geweld
Overheid neemt maatregelen tegen problemen in zelfbouwwijken:
- Sociale woningbouw
, - Verbeteren veiligheid
- Verbeteren bereikbaarheid
Hoofdstuk 2: Bevolking in beweging
2.1 Migranten in een nieuw continent
Waar mensen wonen
Zuid-Amerika is een van de minst bevolkte werelddelen. Maar binnen de Zuid-Amerikaanse
landen zijn de verschillen groot. De meeste mensen wonen aan de kustgebieden, en in de
woestijnen, steppen en tropisch regenwoud woont bijna niemand.
De spreiding verklaard
De spreiding en de groei van de bevolking wordt voornamelijk bepaald door het
geboorteoverschot en door de migratie.
Er zijn vier perioden te onderscheiden:
- De prekoloniale tijd.
- De koloniale tijd.
- De postkoloniale tijd.
- De moderne tijd.
Migratie in de prekoloniale tijd
De migratieroute in Zuid-Amerika liep met neme door het Andesgebergte. Het
Andesgebergte was aantrekkelijk voor de migranten. Het was er namelijk koeler en ideaal
voor de teelt van mais, aardappelen, gerst en tarwe.
De boeren legden terrassen aan. Via een vernuftig systeem van kanalen werd regenwater en
smeltwater over de terrassen geleid. Mede dankzij de vruchtbare vulkanische bodems
maakte dit akkerbouw systeem de opkomst mogelijk van in machtige Incacultuur.
Migratie in de koloniale tijd
In 1492 werd Zuid-Amerika ontdekt en in 1494 werd het verdeeld. Portugal kreeg Brazilië en
de Spanjaarden kregen de rest. Een belangrijke drijfveer voor de verovering was de hoop op
kostbare delfstoffen.