Hoofdstuk 1: een inleiding in de
ontwikkeling van het kind
Openingscase: de pandemie
Pandemie beïnvloedt kinderen op unieke manier
Toch veel gelijkenissen in ontwikkeling kinderen → voorspelbaar patroon
➔ Grote lijnen ontwikkeling vanaf conceptie (bevruchting)
➔ Deels vergelijkbaar
Ontwikkelingsdeskundigen
▪ Op allerlei manieren kijken naar hoe biologische erfenis ouders & omgeving gedrag
beïnvloeden
▪ Geïnteresseerd in groei & veranderingen die mens doormaakt
▪ Drijfveer: alle mensen hun potentieel ten volle benutten
Een oriëntatie op de ontwikkelingspsychologie
Ontwikkelingspsychologie = de wetenschappelijke studie van patronen van groei, verandering &
stabiliteit bij mensen vanaf de conceptie helemaal tot de late volwassenheid – dus tot de dood
(doorheen de levensloop)
▪ Groei, verandering & stabiliteit
➔ Wetenschappelijke benadering
➔ Hypotheses over aard & verloop menselijke ontwikkeling
➔ Wetenschappelijke methoden om theoretische aannames testen
▪ Menselijke ontwikkeling
➔ Universele ontwikkelingsprincipes (principes die voor iedereen gelden) doorgronden
➔ Invloed van culturele verschillen, unieke aspecten individuen, kenmerken &
eigenschappen die mensen onderscheiden
▪ Stabiliteit (niet enkel naar veranderen & groeien)
➔ Op welke gebieden & welke periode veranderen & groeien
➔ Hoe gedrag overeenkomt met eerder gedrag
▪ Ontwikkelingsproces in elke levensfase (conceptie tot dood)
➔ Verleden: enkel ontwikkeling kinderen
Nu: mensen blijven heel leven veranderen & blijven leren
=> levensloopperspectief: meer aandacht aan hoe volwassen & ouderen zich
ontwikkelen ( in sommige opzichten blijven groeien & veranderen tot einde, in
andere opzichten: gedrag blijft stabiel)
De reikwijdte van het vakgebied
Meestal specialiseren in ontwikkelingsdomein / ontwikkelingsfase
1
,Ontwikkelingsdomeinen binnen de ontwikkelingspsychologie
Ontwikkelingsdomeinen
▪ Fysieke ontwikkeling = ontwikkeling die betrekking heeft op fysieke bouw lichaam, zoals
hersenen, zenuwstelsel, spieren, zintuigen & behoefte aan eten, drinken & slaap
▪ Invloed lichaam op gedrag
▪ Effecten ondervoeding op groeitempo /motoriek / seksuele rijpingsproces
▪ Rijping = blijvende fysieke/psychologische verandering als gevolg
biologische groeiprocessen
▪ Cognitieve ontwikkeling = ontwikkeling die betrekking heeft op intellectuele vermogens,
zoals denken, leren, herinneren & problemen oplossen
▪ Denken, leren, geheugen, probleemoplossing & intelligentie
▪ Veranderen intellectuele vermogen, verklaren culturele verschillen successen/
tegenvallers op school, manier waarop ervaren trauma wordt herinnert
▪ Sociaal-emotionele ontwikkeling & persoonlijkheidsontwikkeling
▪ Sociaal-emotionele ontwikkeling = ontwikkeling die betrekking heeft op sociale
relaties, interacties met anderen & omgaan met emoties
▪ Manier waarop interacties & sociale relaties groeien, veranderen & stabiel
blijven
▪ Manier waarop mensen in toenemende mate hun emoties bewust ervaren
& er greep op krijgen
▪ Effecten racisme / armoede / scheiding ouders op ontwikkeling kinderen
▪ Aard & belang vriendschappen over levensloop veranderen
▪ Seksuele ontwikkeling
▪ Persoonlijkheidsontwikkeling = ontwikkeling van duurzame gedragingen &
(karakter)eigenschappen die de ene persoon van de andere onderscheiden
▪ Stabiliteit & verandering in karaktereigenschappen
▪ Morele ontwikkeling → sociaal-emotionele & persoonlijkheidsontwikkeling
sterk verbonden: karaktereigenschappen & omgaan met andere mensen
Ontwikkelingsfasen & individuele verschillen
Ontwikkelingsfasen
▪ Prenatale periode (conceptie tot geboorte)
▪ Babytijd (geboorte tot 2 jaar)
▪ Peuter- & kleutertijd (2-6 jaar)
▪ Schooltijd (6-12 jaar)
▪ Adolescentie (12-20 jaar)
▪ Opkomende volwassenheid
▪ Volwassenheid
▪ Ouderdom
=> sociale constructies (gebaseerd op westers onderzoek) = idee over realiteit dat weliswaar
breed geaccepteerd is, maar afhangt van de maatschappij & cultuur op een bepaald moment
▪ Sommige periodes: duidelijk afgebakende grens
➔ Babytijd begint na geboorte
➔ Kleutertijd eindigt als kind naar eerste leerjaar gaat
▪ Sommige periodes: niet duidelijk begrensd
➔ Babytijd niet helder begrensd
➔ Grens schooltijd – adolescentie: gebaseerd op biologische verandering (puberteit,
begin seksuele rijpingsproces) → sterk variëren
2
,Ontwikkelingsfasen opdelen in ontwikkelingsperioden
▪ Dreumes = 1-2/2,5 jaar (Nederland)
▪ Puberteit
▪ Prepuberteit = periode voorafgaand aan de puberteit, waarin al (hormonale) verandering
in het lichaam optreden, maar deze nog niet uitwendig zichtbaar zijn
▪ Ontluikende volwassenheid = late tienerjaren tot 30 jaar, met focus op periode van 18-25
jaar → tijdens periode: niet langer adolescenten, maar niet verantwoordelijkheden
volwassenheid volledig op zich genomen
Tijdstippen mijlpalen in ontwikkeling variëren
➔ Biologische oorzaak: ene mens sneller volgroeid dan andere
➔ Omgevingsfactoren: cultuur
➔ (Westerse) gemiddelden
➔ Variaties alleen opmerkelijk als kinderen aanzienlijke afwijkingen van gemiddelde vertonen
De koppeling tussen ontwikkelingsdomeinen & ontwikkelingsfasen
Diversiteit aan specialisten → groot aantal verschillende perspectieven & intellectuele rijkdom
Invloeden op de ontwikkeling: ontwikkelen in een sociale wereld
Ieder mens behoort tot specifieke cohort
➔ Cohort = groep mensen die in bepaalde periode leven, waardoor zij voor een deel gelijke
ervaringen opdoen
➔ Belangrijke sociaalhistorische gebeurtenissen (bv. corona, internet) → mogelijk
bepaalde gemeenschappelijke invloed op mensen binnen een cohort
▪ Normatieve gebeurtenissen = gebeurtenissen die zich voor de meeste individuen binnen
een groep op dezelfde manier voltrekken
➔ Beïnvloeden grote groepen op gelijkaardige wijze
▪ Normatieve historische invloeden = sociale omgevingsinvloeden & biologische
invloeden verbonden met specifieke maatschappelijke situatie in een historische
tijd (gelijkaardig voor iedereen in een bepaalde tijdsperiode (cohort effect))
bv. vuurwerkramp, coronapandemie
➔ Historisch bepaalde gebeurtenissen beïnvloeden ontwikkeling
▪ Normatieve leeftijdsgebonden invloeden = biologische invloeden &
omgevingsvloeden vergelijkbaar voor mensen in bepaalde leeftijdsgroep
bv. begin puberteit, leerplicht
▪ Normatieve sociaal-culturele invloeden = invloeden gelijkaardig voor iedereen
in bepaalde cultuur, sociale klasse,...
bv. immigrantenkinderen, opgroeien in afgelegen/geïsoleerde gebieden in Afrika => andere
opvoeding
➔ Invloed op hoe historische & leeftijdsgebonden invloed eruitzien
▪ Niet-normatieve gebeurtenissen = specifieke gebeurtenissen die plaatsvinden in leven
bepaald persoon, terwijl de meeste andere mensen hiermee niet te maken krijgen
bv. ouders kwijtraken in auto-ongeluk, belangrijke wedstrijd winnen
3
, Ontwikkelingspsychologie in de praktijk: pogingen om de invloeden van diversiteit op
ontwikkeling te begrijpen
Alle culturen & subculturen hebben eigen opvattingen over opvoeden & ontwikkelingsdoelen
➔ Veel verschillen (verschillen binnen gemeenschap vaak nog groter dan tussen gemeenschappen)
▪ Collectivistische oriëntatie: mensen meer gericht op hun onderlinge afhankelijkheid
▪ Individualistische oriëntatie: meer gericht op het uniek & onafhankelijk zijn
Problemen met vocabulaire bemoeilijken pogingen om invloeden diversiteit begrijpen
➔ Ras: oorspronkelijk biologische factoren, heleboel andere betekenissen gekregen →
tussen 3-300 rassen (afhankelijk definitie)
▪ Genetische opmaak mensen: 99,9% identiek
▪ Etnische groep & etniciteit => culturele achtergrond, nationaliteit, religie & taal
➔ Mensen binnen etnische groepen hebben gezamenlijke culturele achtergrond &
groepshistorie
▪ Ras & etniciteit door elkaar gebruikt, geen strak omlijnd idee
▪ 6% veranderen antwoord op eigen ras & etnische groep
▪ Idee wereldbevolking in aantal radicale/etnische categorieën verdelen → geen
recht aan diversiteit
▪ Debat over respectvol & politiek correct taalgebruik
➔ Ras & etnische groep gezien als sociale constructie, gedefinieerd door
mensen & hun overtuigingen
▪ Vraag: of & hoe mensen categoriseren
▪ Compleet beeld van menselijke ontwikkeling → rekening houden met complexe
diversiteitskwesties
Culturele bias nog altijd hedendaags probleem: WEIRD populatie
▪ WEIRD = Western, Educated, Industrialized, Rich & Democratic
▪ 96% van onderzoek is in WEIRD populatie, maar 12% wereldbevolking
▪ Schaarse onderzoek met kinderen die niet WEIRD zijn → resultaten van studies met
kinderen die WEIRD zijn ≠ representatief voor alle kinderen
▪ Zoeken naar overeenkomsten & verschillen tussen diverse groepen → universele
ontwikkelingsprincipes onderscheiden van cultureel bepaalde principes
Kinderen: verleden, heden & toekomst
Vroege denkbeelden over kinderen
▪ Periode waarin de kindertijd niet bestond in belevingswereld volwassenen
▪ Volgens Ariès: kinderen pas rond 1600 eigen status → daarvoor gezien als
miniatuurvolwassenen (geen speciale behandeling)
➔ Misschien vergaand → argumenten Ariès vooral gebaseerd op kunstwerken die
Europese aristocratie afbeelden (zeer beperkte doorsnede westerse cultuur)
➔ Wel duidelijk: kindertijd betekende vroeger iets anders
4