Aantekeningen Werkgroep 4 Geschiedenis van het Privaatrecht
Ontstaansgeschiedenis Duits recht
Het Bürgerliche Gesetzbuch (BGB) op 1 januari 1900 ingevoerd. Duitsland bestond hiervoor uit
allerlei kleine staatjes met hun eigen gewoonterecht. Er was niet veel rechtseenheid, maar in ieder
staatje gold het Romeinse recht als subsidiaire rechtsbron. Er kwam al snel een hoog gerechtshof dat
Romeins recht sprak.
Pruisen groot geworden door Bismarck (1870). Bismarck wilde Frankrijk veroveren (als wraak op
Napoleon en expansiedrang) . Bismarck verandert telegram dat de koning van Duitsland niet gegroet
zal zijn > aanval op Fransen. Frankrijk wilt excuses krijgt het niet > Frans- Pruisische oorlog. Pruisen
wint en in Versailles word het keizerrijk Duitsland uitgeroepen door Bismarck. Frankrijk oorlog
begonnen dus moet schade vergoeden aan Duitsland. Duitsland heeft pandrecht op Noord-Frankrijk.
Schuld snel afbetaald door Fransen. Met geld investeren in tweede industriële revolutie die gericht
was op consumenten producten.
Ontstaan keizerrijk. Er moest een keizer, een rijk en een wet komen. Werken aan een BGB.
Geestelijke vader was Windscheid. Hij is vol romanist, alleen een opleiding gehad in het Romeinse
recht. Gevolg: veel Romeins recht in BGB.
Invloeden op BGB
- ALR uit Pruisen, dit was een natuurrechtelijke codificatie uit 1794
- ABGB uit Oostenrijk-Hongarije, codificatie uit 1812.
- Code Civil invloed vanuit West-Duitsland
- Sterk gewoonterecht in Beieren
Dit recht gold voor de codificatie in de omgeving van Duitsland.
In al deze codificaties goldt dat alléén vuistpandrecht op roerende zaken mogelijk was. Een Europese
trend.
Het civiele recht werd in stukjes door verschillende wetten ingevoerd en geregeld. Waaronder een
wet van 1877 met betrekking tot faillissementsrecht. Hier stond al in opgenomen dat hypotheek wel
geldig was maar dat alleen vuistpand werking had in faillissement.
Vuistpandprincipe werd ingevoerd in BGB, maar was al een dode letter voordat BGB werd ingevoerd.
Ontstaan fiduciaire eigendomsoverdracht
Door tweede industriële revolutie enorme behoefte aan bezitloze zekerheidsrechten. Er werd in
praktijk fiduciaire eigendomsoverdracht (Sicherheitssübereignung) toegepast. Dit werd rondom
belangrijkste zekerheidsrecht dat ontstond buiten het BGB door middel van 3 arresten van vóór 1900:
1880 I – arrest
Er was sprake van een koop/verkoop met het recht van wederinkoop:
Echter in het Duitse recht werd er (1) een plicht van wederinkoop van gemaakt (contractueel kan je
alles regelen). En (2) er was sprake van een leveringsvereiste. Doordat de goederen in de macht van
de debiteur moesten blijven zal de levering altijd cp gebeuren.
Dit zijn de verschillende met een gewoon koop/verkoop met recht van wederinkoop en een fiduciair
recht van wederinkoop. Vereiste in dit arrest was dat er wel de bedoeling moest zijn om over te
dragen ten behoeve van B.
Ontstaansgeschiedenis Duits recht
Het Bürgerliche Gesetzbuch (BGB) op 1 januari 1900 ingevoerd. Duitsland bestond hiervoor uit
allerlei kleine staatjes met hun eigen gewoonterecht. Er was niet veel rechtseenheid, maar in ieder
staatje gold het Romeinse recht als subsidiaire rechtsbron. Er kwam al snel een hoog gerechtshof dat
Romeins recht sprak.
Pruisen groot geworden door Bismarck (1870). Bismarck wilde Frankrijk veroveren (als wraak op
Napoleon en expansiedrang) . Bismarck verandert telegram dat de koning van Duitsland niet gegroet
zal zijn > aanval op Fransen. Frankrijk wilt excuses krijgt het niet > Frans- Pruisische oorlog. Pruisen
wint en in Versailles word het keizerrijk Duitsland uitgeroepen door Bismarck. Frankrijk oorlog
begonnen dus moet schade vergoeden aan Duitsland. Duitsland heeft pandrecht op Noord-Frankrijk.
Schuld snel afbetaald door Fransen. Met geld investeren in tweede industriële revolutie die gericht
was op consumenten producten.
Ontstaan keizerrijk. Er moest een keizer, een rijk en een wet komen. Werken aan een BGB.
Geestelijke vader was Windscheid. Hij is vol romanist, alleen een opleiding gehad in het Romeinse
recht. Gevolg: veel Romeins recht in BGB.
Invloeden op BGB
- ALR uit Pruisen, dit was een natuurrechtelijke codificatie uit 1794
- ABGB uit Oostenrijk-Hongarije, codificatie uit 1812.
- Code Civil invloed vanuit West-Duitsland
- Sterk gewoonterecht in Beieren
Dit recht gold voor de codificatie in de omgeving van Duitsland.
In al deze codificaties goldt dat alléén vuistpandrecht op roerende zaken mogelijk was. Een Europese
trend.
Het civiele recht werd in stukjes door verschillende wetten ingevoerd en geregeld. Waaronder een
wet van 1877 met betrekking tot faillissementsrecht. Hier stond al in opgenomen dat hypotheek wel
geldig was maar dat alleen vuistpand werking had in faillissement.
Vuistpandprincipe werd ingevoerd in BGB, maar was al een dode letter voordat BGB werd ingevoerd.
Ontstaan fiduciaire eigendomsoverdracht
Door tweede industriële revolutie enorme behoefte aan bezitloze zekerheidsrechten. Er werd in
praktijk fiduciaire eigendomsoverdracht (Sicherheitssübereignung) toegepast. Dit werd rondom
belangrijkste zekerheidsrecht dat ontstond buiten het BGB door middel van 3 arresten van vóór 1900:
1880 I – arrest
Er was sprake van een koop/verkoop met het recht van wederinkoop:
Echter in het Duitse recht werd er (1) een plicht van wederinkoop van gemaakt (contractueel kan je
alles regelen). En (2) er was sprake van een leveringsvereiste. Doordat de goederen in de macht van
de debiteur moesten blijven zal de levering altijd cp gebeuren.
Dit zijn de verschillende met een gewoon koop/verkoop met recht van wederinkoop en een fiduciair
recht van wederinkoop. Vereiste in dit arrest was dat er wel de bedoeling moest zijn om over te
dragen ten behoeve van B.