Geschiedenis samenvatting Interbellum 12-4-2020
Hoofdstuk 3
Par 1 Burgeroorlog van 1917
Tijdens de Russische revolutie van 1917 moest tsaar, Nicolaas II, aftreden. Er kwam een
groep communisten aan de macht. Burgers waren het hier niet mee eens en er ontstond een
burgeroorlog. Burgers werden vermoord of in concentratiekampen gestopt door de
communisten. In 1922 hadden de communisten de burgeroorlog gewonnen. Rusland werd
hernoemd naar de Sovjet-Unie. Er was vrede maar de geheime politie bleef bestaan. De
Sovjet-Unie werd een totalitaire samenleving = een samenleving waarin de overheid alle
macht heeft.
Par 2 Republiek van Weimar
Duitsland heette na de eerste wereldoorlog de REpubliek van Weimar en was een
parlementaire democratie.
Hitlers mislukte staatsgreep
In 1919 werd Hitler lid van de DAP, hij veranderde dit in de NSDAP. In 1923 kon Duitsland
geen herstelbetalingen meer betalen, met als gevolg dat Frankrijk het Ruhrgebied mocht
bezetten. Hitler probeerde hierdoor de macht te grijpen maar dit mislukte, want te weinig
mensen steunde hem.
Benito Mussolini
Veel mensen waren ontevreden over de Italiaanse regering. Oud-soldaat Benito Mussolini
vertelde dat hij de problemen zou oplossen als hij meer macht zou krijgen. Zijn aanhangers
noemde zich fascisten. In 1922 werd Mussolini minister-president. Hij maakte gebruik van
propaganda, censuur en persoonsverheerlijking.
Kenmerken van het fascisme Kenmerken van het nationalisme
1. Geen democratie maar een sterke leider 1. Geen democratie maar een sterke
2. Nationalisme leider
3. Geweld gebruiken is goed 2. Nationalisme
3. Geweld gebruiken is goed
4. Lebensraum
5. Antisemitisme → rassenleer =
übermenschen en untermenschen
↓
Untermenschen mochten niet
1. Voor de overheid werken
2. Met een Duitser trouwen
3. Een Duitser in dienst hebben
Nazi-organisaties
● SA → Bruinhemden, knokploeg van Hitler om
voornamelijk de communisten in elkaar te slaan.
● SS → Zwarte uniformen met doodshoofde erop,
verantwoordelijk voor het vermoorden van de joden, elitegroep
● Gestapo → Geheime politie, zwarte kleding
● Hitlerjugend → Jeugdorganisatie van de nazi´s voor jongens
Hoofdstuk 3
Par 1 Burgeroorlog van 1917
Tijdens de Russische revolutie van 1917 moest tsaar, Nicolaas II, aftreden. Er kwam een
groep communisten aan de macht. Burgers waren het hier niet mee eens en er ontstond een
burgeroorlog. Burgers werden vermoord of in concentratiekampen gestopt door de
communisten. In 1922 hadden de communisten de burgeroorlog gewonnen. Rusland werd
hernoemd naar de Sovjet-Unie. Er was vrede maar de geheime politie bleef bestaan. De
Sovjet-Unie werd een totalitaire samenleving = een samenleving waarin de overheid alle
macht heeft.
Par 2 Republiek van Weimar
Duitsland heette na de eerste wereldoorlog de REpubliek van Weimar en was een
parlementaire democratie.
Hitlers mislukte staatsgreep
In 1919 werd Hitler lid van de DAP, hij veranderde dit in de NSDAP. In 1923 kon Duitsland
geen herstelbetalingen meer betalen, met als gevolg dat Frankrijk het Ruhrgebied mocht
bezetten. Hitler probeerde hierdoor de macht te grijpen maar dit mislukte, want te weinig
mensen steunde hem.
Benito Mussolini
Veel mensen waren ontevreden over de Italiaanse regering. Oud-soldaat Benito Mussolini
vertelde dat hij de problemen zou oplossen als hij meer macht zou krijgen. Zijn aanhangers
noemde zich fascisten. In 1922 werd Mussolini minister-president. Hij maakte gebruik van
propaganda, censuur en persoonsverheerlijking.
Kenmerken van het fascisme Kenmerken van het nationalisme
1. Geen democratie maar een sterke leider 1. Geen democratie maar een sterke
2. Nationalisme leider
3. Geweld gebruiken is goed 2. Nationalisme
3. Geweld gebruiken is goed
4. Lebensraum
5. Antisemitisme → rassenleer =
übermenschen en untermenschen
↓
Untermenschen mochten niet
1. Voor de overheid werken
2. Met een Duitser trouwen
3. Een Duitser in dienst hebben
Nazi-organisaties
● SA → Bruinhemden, knokploeg van Hitler om
voornamelijk de communisten in elkaar te slaan.
● SS → Zwarte uniformen met doodshoofde erop,
verantwoordelijk voor het vermoorden van de joden, elitegroep
● Gestapo → Geheime politie, zwarte kleding
● Hitlerjugend → Jeugdorganisatie van de nazi´s voor jongens