Wft Pensioenverzekeringen 2026 – Complete
Samenvatting
Complete samenvatting van de Wft-module Pensioen: wettelijk kader (Pensioenwet en Wft),
toezicht door DNB en AFM, soorten pensioenregelingen, besluitvorming bij
pensioenovereenkomsten en beroeps- en gedragsregels — inclusief 3 praktijkcasussen,
oefenvragen met uitleg en examenstrategie.
Examenoverzicht
Examenorgaan: CDFD, eindtermen geldig vanaf 1 april 2026
Aantal vragen: 48
Examenduur: 135 minuten
Slagingsgrens: minimaal 68% (51 van de 74 punten)
Gericht op pensioenadvisering aan werkgevers, deelnemers, gewezen deelnemers en
directeur-grootaandeelhouders (DGA's)
1. Wettelijk kader
Pensioenwet (Pw) en Wft
• De Pensioenwet regelt de rechten en plichten rond pensioenregelingen tussen
werkgever, pensioenuitvoerder en deelnemer.
• De Wft (Wet op het financieel toezicht) regelt onder andere de vergunningplicht en
zorgplicht van adviseurs die over pensioen adviseren.
Toezichthouders DNB en AFM
• DNB houdt prudentieel toezicht op pensioenuitvoerders: zijn de financiële buffers
voldoende?
• De AFM houdt gedragstoezicht: gedraagt de adviseur of uitvoerder zich netjes
richting de klant/deelnemer?
Sancties en beroepsmogelijkheden
• Bij overtredingen kunnen DNB en AFM sancties opleggen, zoals een boete of een
aanwijzing; betrokkenen hebben beroepsmogelijkheden tegen dit soort besluiten.
Zelfregulering versus wetgeving
• Naast wettelijke verplichtingen bestaan er vormen van zelfregulering, zoals
gedragscodes van de sector, die aanvullende normen stellen bovenop de wet.
• De gedragscode verwerking persoonsgegevens stelt regels aan hoe
pensioenuitvoerders met persoonlijke gegevens van deelnemers omgaan.
Pagina 1 van 13
, Wft Pensioen 2026 Stuvia
2. Pensioenstelsel en pensioenregelingen
De pensioenpijlers
Pijler Omschrijving
Eerste pijler AOW: basispensioen van de overheid, opgebouwd
via de volksverzekering
Tweede pijler Werknemerspensioen: opgebouwd via de
werkgever bij een pensioenuitvoerder
Derde pijler Individuele/aanvullende pensioenvoorzieningen,
zoals lijfrente
Soorten pensioenovereenkomsten
• Uitkeringsovereenkomst: de hoogte van de pensioenuitkering staat vooraf vast
(bijvoorbeeld gebaseerd op het gemiddeld verdiende loon).
• Premieovereenkomst: de hoogte van de premie staat vast, de uiteindelijke uitkering
hangt af van het beleggingsrendement.
• Kapitaalovereenkomst: er wordt een kapitaal opgebouwd waarmee op de
pensioendatum een pensioenuitkering wordt aangekocht.
Nabestaandenpensioen
• Partnerpensioen keert uit aan de partner bij overlijden van de deelnemer;
wezenpensioen keert uit aan kinderen van de overleden deelnemer.
Waardeoverdracht
• Bij een baanwissel kan een deelnemer er in bepaalde gevallen voor kiezen om
opgebouwd pensioenkapitaal over te dragen naar de nieuwe pensioenuitvoerder.
Pagina 2 van 13