KOORTS (NHG)- Ernstig zieke indruk
Anamnese - Verlaagd bewustzijn
- Duur van koorts (en verandering in het beloop) - Zwak, op hoge toon/continu
- Indruk ouders (drinken, sufheid, huilen ect). huilen HUILBABY. Huilbaby; baby die excessief huilt, waarbij ouders het huilen als abnormaal
- Vraag naar hydratatie toestand - Meningeale ervaren.
o < 50% drinken dan normaal en halve dag geen plas = alarm
prikkelingsverschijnselen Regel van Wessel —> regel van 3-3-3. (>3u per dag, >3dgn per week, >3 weken aanhoudt)
en/of bomberende fontanel
Lichamelijk onderzoek Komt voor bij 2-5% van de zuigelingen. Oorzaak: multifactorieel. 5% organische oorzaak; oa
- Aanhoudend braken
- Mate ziekzijn (prikkelbaarheid, bewustzijn, reactie op ouders, GOR(Z) en KMA. Risicofactoren: onrust in thuissituatie, psychosociale problematiek bij ouders.
- Petechiën
huilen, temp (altijd rectaal bij kind < 3mnd), koude rillingen.)
- Bleek of grauw zien Anamnese: veel huilen, geprikkelde ouders (let op risico-inschatting t.a.v. kindermishandeling bij
- Huid: kleur, bleek/cyanotisch/grauw, exantheem/plekjes - Verminderde huidturgor machteloos gevoel). Gestopt met BV, veel voedingswisselingen.
- Hydratiestatus: CRT, huidtugor en symptomen zoals diep- - Tekenen ernstige tachypneu LO: stabiele vitale parameters. Geen lichamelijke afwijkingen. Wel geprikkelde, onrustige baby.
liggende ogen, droge mond/lippen/tong of ingezakte fontanel en/of dyspneu (neusvleugel, AO: alleen op indicatie; bijv bij verdenking GOR(Z) of KMA. Beleid: begeleiding ouders. Doel:
o !! Verlengde CRT, wijst op slechte huidperfusie en kan wijzen op een vroeg stadium streven naar rust en regelmaat. Soms kortdurende opname nodig voor ontlasting of ter
(septische) shock. observatie.
- Meningeale prikkeling: nekstijfheid, (bomberende) fontanel, teken Brudzinski, teken
Kernig en test Vincent. Denk aan de 5-S’en; Swaddeling (inbakeren), Side (zijligging), Shushing (suizend geluid), Swaying
- Ademhaling: inspecteer, ausculteer en percuteer de thorax.
Let op tekenen van dyspneu (gebruik van hulpademhalingsspieren, neusvleugelen en FTT – Failure to thrive. FTT; ook wel niet-gedijend kind, voldoet aan een of meer van de
intrekkingen) volgende criteria:
o Tachypneu in rust wijst op een toegenomen ventilatiebehoefte door een ziekte van de 1. Gewichtsgroei <-25 SD OF
longen of de luchtwegen, of door metabole acidose bijvoorbeeld als gevolg van een 2. afbuiging in gewichtsverlies >2 percentielen in 6mnd OF
ontregeling van diabetes of shock.
3. gewicht naar lengte <-2 SD.
o Een trage ademhaling kan wijzen op uitputting, cerebrale onderdrukking of een
preterminale toestand. Oorzaak: onvoldoende inname (eetstoornis, onvoldoende aanbod voeding, hazelip (schisis), cerebrale
- Circulatie: kwaliteit van de circulatie, de hartfrequentie. parese, hypotonie, GOR(Z), malrotatie, pylorusstenose, PCF). Malabsoptie (lactose-intol., Coeliakie, NEC, CF,
o Een verhoogde hartfrequentie komt voor bij hoge koorts, maar ook bij een (septische) Biliaire artresie) en Verhoogde metabole vraag (hyperthyreoïdie, chronische infectie zoals hiv, IBD,
shock. chronische ziekten of aangeboren metabole afwijkingen)
- Buik: inspecteer, ausculteer, percuteer en palpeer de buik Risicofactoren: postnatale depressie moeder, armoede, mishandeling, psychosociale problemen.
- Bewegingsapparaat: let op zwelling van gewricht/ledemaat, beoordeel mate van Anamnese: achterblijven in groei, prikkelbaar en apathie. LO: stabiele vitale parameters, laag
mogelijke belastbaarheid gewicht naar lengte, diepliggende ogen, bleek. Evt huidinfecties. AO: lab; volledig bloedbeeld en
- KNO: inspecteer de keel, neus, mond en oren, palpeer de regionale lymfeklieren en CRP; evt endocrien status en antistoffen voor Coeliakie/allergie. Beleid: behandelen
boordeel de slijmvliezen onderliggende oorzaak, zorgen voor goede intake.
Aanvullend onderzoek; als geen focus ALTIJD urineonderzoek kweken als positieve nitriet-
OTITIS MEDIA. Ontsteking van het slijmvlies van het middenoor, die al dan niet met
en/of leuko’s
infectieverschijnselen gepaard gaat.
Herbeoordeling. Overweeg bij een verhoogd risico op een ernstige infectie of gecompliceerd - Otitis Media Acuta (OMA): ontsteking van het slijmvlies in het middenoor MET tekenen
beloop na 24-48 uur een (telefonische) herbeoordeling te (laten) doen. Herbeoordeel bij een van infectie.
verhoogd risico op dehydratie (< 2j en frequente waterdunne diarree, diarree met koorts, - Otitis Media Chronica: chronische ontsteking van het middenoor met een niet-intacte tv
frequente waterdunne diarree met aanhoudend braken, minimale vochtopname, opvallende (perforatie of buisjes) en otorroe gedurende minimaal 2wkn, ook wel actieve chronische
dorst) na ongeveer 4 uur. mucosale otitis media.
- Otitis Media met Effusie (OME): ophoping van vocht en slijm in het middenoor, zonder
Verwijzing tekenen van infectie.
- Kinderen met alarmsymptomen.
Veel voorkomend bij kinderen <5jaar. Oorzaak: kan zowel viraal als bacterieel (bij OMA).
- Kinderen < 1 maand.
Risicofactoren: kinderleeftijd, disfunctie buis van Eustachius, anatomische afwijking nasofarynx,
- Kinderen van 1 tot 3 mnd, tenzij er een duidelijk verklarend focus voor de koorts is zonder
alarmsymptomen. downsyndroom, rokende ouders en de wintermaanden. verder vaker bij al eerder voorkomende
- Bij vermoeden van de ziekte van Kawasaki. OMA, voorafgaande BWLI, immatuur immuunsysteem.
- Bij twijfel over de haalbaarheid van herbeoordeling bij kinderen met een verhoogd risico Anamnese/symptomen
op een ernstige infectie of gecompliceerd beloop of bij verhoogd risico op dehydratie. - Otitis Media Acuta (OMA): oorpijn, koorts, otorroe. LO: hoge temp. Bij otoscopie; rood
- Bij behoefte aan diagnostische zekerheid. bomberende TV, niet doorschijnend, wit necrotische TV of perforatie met otorroe. AO;
niet bijdragend.
- Otitis Media Chronica: gehoorverlies. Pijnloos, intermittend geel-groene, foetide otorroe.
KOORTSCONVULSIES (koortsstuipen). Zij gegeneraliseerde epileptische aanvallen die
LO otoscopie: perforatie TV (centraal of achteronderrand), geelgroen tot bruine secreet,
optreden bij kinderen in perioden met snel stijgende koorts. Prevalentie 2-5% van alle
kinderen.
- Typische: generaliseerd, eenmaal per koortsperiode, duur <15min. Leeftijd 6m-
6jaar.
- Atypisch: focale kenmerken, vaker dan eenmaal per koortsepisode, >15min.
Oorzaak: BLWI, gastro-intestinale infectie, maculopapuleuze kinderziekte, pneumonie,
meningitis.
, !! LET OP: Anti-pyretica (zoals PCM), verlagen de koorts MAAR voorkomen
koortsconvulsies niet !! .
WAAROM? Anti-pyretica verlagen de koorts, maar ze voorkomen geen koortsstuipen, omdat:
1. Koortsconvulsies afhangen van de snelheid van temperatuurstijging, niet alleen van de
hoogte.
2. PCM werkt niet snel genoeg om die vroege stijging af te remmen.