Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

15/20! Samenvatting Inleiding tot het recht | Les 1 t.e.m. 10 (inclusief gastcollege) | UA | 2024/25

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
159
Geüpload op
01-06-2026
Geschreven in
2024/2025

Samenvatting Inleiding tot het Recht | Uitgebreide samenvatting van het vak Inleiding tot het Recht, gedoceerd door prof. Josefien de Jaegere in het eerste bachelorjaar. Deze samenvatting werd vorig academiejaar opgesteld en bevat alle behandelde leerstof, inclusief de voorbeelden uit de lessen. Daarnaast is ook het gastcollege over de Raad van State volledig opgenomen. Enkel de inhoud van les 7 ontbreekt.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding tot het recht – LES 1
Samenvatting academiejaar 2024 – 2025

Josefien de Jaegere


DEEL 1: HET BELGISCHE RECHTSSYSTEEM IN INTERNATIONALE RECHTSORDE

1.1. Wat is recht?




Statelijk recht is …

a) Een min of meer samenhangend geheel

• Rechtsorde = een “complexe puzzel” die bestaat uit samenstellende deeltjes zoals wettelijke
bepalingen, rechterlijke uitspraken…

• Bij een concrete situatie gaan juristen actief aan de slag met die deeltjes.

• We moeten dus niet alleen kijken naar de puzzelstukjes (het wat), maar ook naar de methode die juristen
hanteren om daarmee een puzzel te maken (het hoe).

o De uitkomst = afhankelijk van wie zich bezighoudt met de situatie.

b) Juridisch geformuleerde gedragsvoorschriften

• Gedragsvoorschriften = verbieden/verplichten iemand om zich op een bepaalde manier te gedragen, en
men heeft hier een goede reden voor.

o De basis = waarden; een belangrijke taak voor juristen is om te argumenteren welke oplossing
het meest overeenkomt met die waarden.

o Waarden dicteren nog geen pasklare oplossing.

Bijvoorbeeld: het is nog een lange weg tussen een zeer abstracte waarde als de bescherming van
de fysieke integriteit van zwakke weggebruikers en een concreet gedragsvoorschrift dat verbiedt
om meer dan 50 km/u te rijden in de bebouwde kom.

• Er is behoefte aan concrete begrippen in het recht; termen hebben specifieke betekenissen binnen het
recht en moeten dus juist toegepast worden.

o Bijvoorbeeld:

, ▪ “Significant” betekent iets heel anders binnen de statistiek dan binnen het recht.

▪ Verboden ≠ straffen.

▪ “Nacht” krijgt verschillende invullingen afhankelijk van de context.

• Regels houden bepaalde gevolgen in zoals een gebod of verbod.

o Kunnen gericht zijn op een deel van de samenleving ↔ op de samenleving als geheel.

o De rechtsstaat moet ook bepaalde regels volgen.

c) Met de bedoeling de maatschappij te ordenen of te sturen

• Men vertrekt vanuit een probleem dat men in een bepaalde richting wil sturen.

o Doel: sociaal wenselijke veranderingen teweegbrengen.

• De uitkomst van het recht = een politieke of beleidskeuze.

o Vaak zijn er meerdere oplossingen mogelijk en proberen juristen keuzes te maken die zoveel
mogelijk aansluiten bij politieke beslissingen.

o Regels hebben niet per se de bedoelde gevolgen en kunnen ook “bijwerkingen” hebben.

d) Die in principe afdwingbaar zijn door de overheid

• Afdwingen is niet altijd nodig: regels worden meestal spontaan gevolgd aangezien burgers de
gedragsvoorschriften aanvaardbaar vinden.

• De overheid heeft een geweldmonopolie om regels af te dwingen via een sanctie (niet per se een
strafsanctie).

o Bijvoorbeeld: rechter kan bepalen dat bepaald gedrag niet meer gesteld mag worden.

o De overheid zorgt zelf voor de vervolging van de crimineel → rechtstreekse interactie tussen
individu en overheid.

o Wanneer de overheid dit doet en bijdraagt tot het naleven van de rechtsnormen, doet ze aan
rechtshandhaving.

• De meeste juridische relaties betreffen de relatie tussen meerdere particulieren.

o De overheid komt hier minder tussen, bijvoorbeeld: huwelijk, huur van een woonst…

o Soms reguleert de overheid wel, maar reageert ze niet op miskenning van de regels.

o ↔ In het recht is de sanctie vaak enkel door de overheid erkend, zonder dat zij die ook oplegt.

• Niet bij elke regel hoort een sanctie; regels kunnen bijvoorbeeld ook definities bevatten.

o Bijvoorbeeld: valspelen in een kaartersclub ≠ statelijk recht overtreden.

→ De overtreding wordt wel gesanctioneerd, maar die sanctie komt niet van de bevoegde
overheid.

1.1.1. “Het” recht?

Definitie:
Recht = het geheel van de regels en instellingen die de samenleving sturen.

Kenmerken van het recht:

a) Beleidskeuzes variëren in tijd en ruimte

• Historisch gedetermineerd en gegroeid

, o Bijvoorbeeld: regels die nog afstammen van Napoleon.

• Voortdurend in evolutie

o Veel nieuwe regels en wijzigingen van oude regels.

• Verschillen tussen landen / rechtssystemen

o Bijvoorbeeld: niet in alle landen staat de rechtsstaat centraal (Verenigd Koninkrijk, VS, België).

b) Versnipperd over beleidsniveaus

• Internationaal en supranationaal recht

• Nationaal recht

o Federaal

o Regionaal

o Lokaal

• Verhoudingen tussen verschillende beleidsniveaus

o De hiërarchie der rechtsnormen bepaalt wie er verantwoordelijk is voor de regels.

1.1.2. Wie ziet “het recht” nog door te bomen?

Iedereen wordt geacht “het recht” te kennen

→ Maar: het recht is complex en versnipperd

• Soms is het makkelijk te volgen door automatisme of omdat het ingeburgerd is.

• Soms worden we geholpen om regels na te volgen.

o Bijvoorbeeld: via een notaris.

• Regels kunnen complex zijn en verschillen tussen culturen.

→ Voorwaarde: recht moet minstens kenbaar zijn

• Overheden zijn verplicht om alle regels die ze aannemen te publiceren.

o In België: via het Belgisch Staatsblad.

• Rechtsregels gelden vanaf de datum waarop de regel in werking is getreden.

→ Niet-retroactiviteit van het recht

“De wet beschikt alleen voor de toekomst. Zij heeft geen terugwerkende kracht.”

• Anders zouden rechtssubjecten geacht worden de rechtsnormen toe te passen vóór ze bestonden.

• Daarom is het belangrijk om een situatie te beoordelen op basis van de regels die toen golden.

1.2. Basisindeling van het recht

1.2.1. Publiek versus privaat recht

Publiek recht
Burger-
• Alle regels die de (verticale) relaties regelen tussen de overheid en de burger. burger

Bijvoorbeeld: belastingen of kinderbijslag uitbetalen.

• Reguleert ook horizontale relaties tussen overheden onderling. Overheid- Overheid-
burger overheid

, Bijvoorbeeld: op nationaal of regionaal niveau.

Privaat recht

• Horizontale relaties tussen burger en burger.

• Ook verticale relaties tussen overheid en burger, wanneer de overheid als contractspartij optreedt.
Bijvoorbeeld: bij een huwelijk.

MAAR!

• De scheidingslijnen tussen privé en publiek zijn niet altijd duidelijk.

• Regels uit verschillende delen kunnen van toepassing zijn op één situatie.

• Publiek-private samenwerking (PPS): Zowel private als publieke rechtsregels zijn van toepassing.

• Er bestaan gemengde rechtstakken.

• Er is sprake van verregaande verstrengeling tussen publiek en privaat recht.

1.2.2. Onvolledig overzicht van de rechtstakken




1.3. Basisbegrippen

1.3.1. Op wie is het recht van toepassing?

Objectief recht = De rechtsregels die op dat moment zijn aangenomen door de politici, maar nog losstaan van
de concrete toepassing.

• Bijvoorbeeld:
Artikel 1650 van het oud Burgerlijk Wetboek bepaalt als norm: “De hoofdverplichting van de koper
bestaat in het betalen van de prijs op de dag en op de plaats bij de koop bepaald.”

Subjectief recht = De rechten die mensen in individueel geval uit het objectief recht putten.

• Bijvoorbeeld:
Iemand die schade veroorzaakt door zijn fout, moet dit vergoeden.




1.3.1.1. Verduidelijking rechtssubject

Rechtssubject = Een drager van (subjectieve) rechten en plichten op wie de normen van toepassing zijn en
die dus gesanctioneerd kan worden.

, • Bijvoorbeeld: de verkoper en koper:

De koper heeft de plicht om te betalen, en de verkoper heeft het recht om betaling van de prijs te eisen.
→ De verkoper heeft dus een subjectief recht op de betaling van de koopprijs.

Subjectief recht = Een concrete (door het objectieve recht erkende) bevoegdheid of macht om iets te vragen
of te eisen.

→ De rechten die mensen in een individueel geval uit het recht putten.

Natuurlijke persoon = Een mens van vlees en bloed die zelfstandig kan deelnemen aan het rechtsverkeer.

Rechtspersoon = Een juridische constructie waardoor groepen mensen, organisaties en instellingen
zelfstandig kunnen optreden in het rechtsverkeer als “rechtspersoon”.

• Publiekrechtelijke rechtspersonen:

De staat, provincies, gemeenten.

• Privaatrechtelijke rechtspersonen:

Vennootschappen (BV, NV, CV),

Verenigingen zonder winstoogmerk (vzw, ivzw),

Verenigingen van mede-eigenaars (VME).

Rechtsbekwaamheid = Het hebben van rechten en plichten, vanaf de geboorte tot de dood.

Handelingsbekwaamheid = De bekwaamheid om rechten en plichten zelfstandig uit te oefenen en af te
dwingen.

• Bijvoorbeeld:

Een klein kind is rechtsbekwaam (het kan bijvoorbeeld erven), maar het is niet handelingsbekwaam:
het kan niet zelf de erfenis opvragen of naar de rechtbank stappen.

• Het recht verplicht dan de tussenkomst van derden bij handelingsonbekwame personen.
→ Deze derden verlenen bijstand aan of vertegenwoordigen de onbekwame in het rechtsverkeer.

1.3.2. Rechtshandeling versus rechtsfeit

Eenzijdig
Meerzijdig


(Translatief)
Rechtshandeling (Constitutief)
(Declaratief)

Rechtsgevolg (Genot of behoud)
(Beheer of bestuur)
(Beschikking)
Rechtsfeit



Rechtshandeling

= Een bepaalde handeling die met de wil wordt gesteld om er een rechtsgevolg aan te verbinden.
→ Kan eenzijdig of meerzijdig zijn.

• Een rechtshandeling heeft een rechtsobject als voorwerp.

• De wil (de specifieke bedoeling om een rechtsgevolg te bereiken) is een essentieel element.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
1 juni 2026
Aantal pagina's
159
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€10,66
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
mvanp12
5,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
mvanp12 Universiteit Antwerpen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
3
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
67
Laatst verkocht
5 maanden geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen